Regelneven

Op een vorige week in Den Haag gehouden congres Van BeroepsZeer naar BeroepsEer stond het probleem centraal, dat in allerlei sectoren zoals de rechterlijke macht, politie, gezondheidszorg en het onderwijs steeds meer de managers de dienst uitmaken. Zij putten zich uit in het opstellen van procedures, schrijven voor, controleren en coördineren, en ontnemen daarmee de uitvoerders steeds meer de vrijheid hun werk naar eigen inzicht in te richten. Bij die gelegenheid hield minister Veerman een uitstekende inleiding waarin hij schetste hoe deze alom om zich heen grijpende ontwikkeling in organisatiecultuur mensen hun plezier in het werk ontneemt en ertoe leidt dat ze zich er ook steeds minder verantwoordelijk voor gaan voelen.

Zo nu en dan krijg ik mail van lezers die zich verontrust tonen over het almaar toenemende management op hun school. Daaronder ook interessante constateringen van docenten die er een tijdje uit zijn geweest en na een baan elders of het opvoeden van kinderen terug zijn gekeerd naar hun oude school. Zij verbazen zich over de sterk veranderde cultuur waarbij allerlei bazen en tussenbaasjes met managementtaken de leraren voor de voeten lopen, terwijl diezelfde school vroeger tot tevredenheid van iedereen uitstekend marcheerde met één rector en vier conrectoren die ook nog een deel van de tijd lesgaven. Die leraren klagen dus niet omdat er meer directieleden zijn gekomen, maar over het feit dat er steeds meer regelneven de leraren voor de voeten lopen, hun de wet voorschrijven, hun verhinderen te werken op de manier die zij de beste vinden.

Pieter Hettema, voorzitter van Schoolmanagers VO, denkt hier heel anders over getuige zijn ingezonden brief vorige week op deze pagina. Het was in zijn ogen niet juist, wat ik beweerde, dat scholen steeds meer geld zouden uitgeven aan beleid, bestuur en beheer. Het tegendeel was het geval. Schooldirecties vormen momenteel slechts 4,4 procent van de totale personeelsformatie, een percentage dat de laatste jaren alleen maar is gedaald, aldus Hettema.

Maar daar gaat het natuurlijk helemaal niet om, om de vraag of die bazen en tussenbazen zich tooien met de titel directeur. Het zal de leraren worst zijn of er nu drie of vier conrectoren zijn, maar wat hen het plezier in het werk ontneemt is dat hun, als gevolg van de steeds meer om zich heen grijpende managementcultuur, hun professie wordt afgenomen. Deze ontwikkeling zien we vooral in de onderwijsinstellingen die het langst autonomie genieten zoals de hogescholen en de roc's. Dat heeft niets te maken met het aantal directeuren, sterker nog, soms zelfs niet eens met wat die directeuren willen. Zo is bijvoorbeeld bestuurder Jos Elbers er zowat in zijn eentje in geslaagd van Inholland, de grootste hogeschool van Nederland, een strikt van bovenaf geleide onderwijsfabriek te maken, met een strikt voorgeschreven aanpak van het onderwijs. Met als resultaat: allerberoerdste studieresultaten, studenten die aan hun lot worden overgelaten, docenten die noch de ruimte noch de tijd hebben hun werk naar behoren te doen, teruglopende studentenaantallen, en docenten die studenten adviseren hun studie elders voort te zetten.

Er is geen enkele reden om te verwachten dat het in Hettema's voortgezet onderwijs, dat nog maar kort op eigen benen staat, niet diezelfde kant op zal gaan. Ook daar zien we ontwikkelingen waarbij allerlei regelneven steeds meer taken naar zich toetrekken, alle creativiteit de kop wordt ingedrukt, en leraren gedwongen worden in een knellend keurslijf waarmee hun alle arbeidsvreugde wordt ontnomen.

lgm.prick@worldonline.nl

    • Leo Prick