Polen degradeert uit de eredivisie

In haar ijver om Polen schoon te vegen gooit regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid het imago van het land te grabbel. Polen degradeert uit de eredivisie en verkwanselt zijn morele kapitaal.

De regeringspartij van Polen heeft een naam die weinig te raden overlaat: Recht en Rechtvaardigheid (PiS). Dat klinkt dubbelop, maar het is leider Jaroslaw Kaczynski dan ook menens. Polen moet worden schoongeboend.

Des te opmerkelijker dat Kaczynski donderdag een coalitieakkoord sloot met Andrzej Lepper, leider van boerenpartij Samoobrona (Zelfverdediging). Deze oud-bokser heeft zeker honderd keer voor de rechter gestaan, meestal voor smaad of belediging, maar ook voor geweldpleging. Een slechtere bondgenoot voor een morele revolutie is niet denkbaar.

Lepper ging in de jaren negentig de politiek in toen hij, net als duizenden andere boeren, zijn bankleningen niet kon terugbetalen. Hij introduceerde ongewoon agressieve protestmethoden in Polen: mestkarren werden voor overheidsgebouwen omgekiept, vleesklompen en botten vlogen door de lucht, vergezeld door de grofste beledigingen. Hij is, zo zei hij ooit, een bewonderaar van Goebbels. Die wist hoe je een vuurtje opstookt tot een brand.

'Ik ben nu een ander mens', zei Lepper deze week, maar niemand gelooft het. De volgende dag wenste hij een journalist 'een klap op de bek' toe. Die had met hulp van vier getuigen laten zien dat de partijfinanciering van Samoobrona volstrekt niet deugt. Leden moeten grof geld betalen voor een plek op de kandidatenlijst.

Kaczynski zegt dat hij niet meer om Lepper heen kan. Het parlement zit in een impasse. De moraalridders van Kaczynski, winnaars van de verkiezingen in september vorig jaar, zijn al zes maanden gebrouilleerd met de liberalen van Burgerplatform, tweede partij en logische coalitiepartner. Recht en Rechtvaardigheid regeerde liever met een minderheid en de steun van kleinere partijen. En die verwachten nu iets terug.

Ruzies domineren de politiek inmiddels. Het imago van Polen ligt na zes maanden volledig in duigen. Polen was het land dat vocht voor de vrijheid, het juk van Moskou afwierp en daarna zijn plek in de Europese Unie opeiste. Het zou de uitgedoofde Europese ziel nieuw leven inblazen, helemaal na het fiasco rondom de Europese Grondwet. Het zou een brug slaan naar de VS en het morele kompas van Brussel in de relaties met Rusland recht houden.

Maar nu voetbalt Polen opeens in de eerste divisie, samen met Poetin en anderen die het niet zo nauw nemen met de principes van de rechtsstaat. Met Lepper op het veld is de degradatie bezegeld. 'We zijn ons morele kapitaal aan het vernietigen', zei oud-dissident, oud-minister en europarlementariër Bronislaw Geremek deze week. Polen wordt soms al met Wit-Rusland vergeleken. Een misplaatste, maar veelzeggende vergelijking. Polen wordt raar gevonden.

De financiële markten houden al maanden hun adem in. De regering heeft geen enkele substantiële hervorming doorgevoerd en de speerpunt van Leppers economische programma is goedkope benzine voor boeren. Een krankzinnig plan, de begroting staat al op springen. En ondertussen raast de rest van Centraal-Europa Polen voorbij.

In zijn ijver om Polen schoon te vegen heeft Jaroslaw Kaczynski 's lands imago met modder besmeurd. Illustratief is dat de regering ruzie heeft met de twee instituties die gelden als de beste van het land: het Hooggerechtshof en de Centrale Bank. Deze zijn wat veel organen nog niet zijn: professioneel en onafhankelijk. Vooral dat laatste zint de regering niet.

De rechters staken vorige maand een stokje voor een nieuwe mediawet. Die bood de door de regering gedomineerde programmaraad de mogelijkheid om op te treden als 'rechter' in de journalistiek. 'Een opstap naar censuur', zeiden critici. Het gerechtshof was het daarmee eens.

De Centrale Bank nam het onlangs op voor de Italiaanse bank Unicredito, die twee Poolse dochterbanken wilde fuseren, maar daarbij stuitte op een muur van nationalistisch verzet. Met de Italianen is inmiddels een compromis bereikt, maar met de Centrale Bank is de regering nog niet klaar. Een parlementscommissie gaat onderzoeken of de bank de afgelopen 16 jaar nationale belangen heeft geschaad, ten gunste van buitenlandse investeerders.

Kaczynski gelooft niet in sterke en onafhankelijk instituties. Hij wil Polen van bovenaf hervormen, zonder al te veel discussie. Een sterke staat betekent in zijn ogen vooral een sterke regering, die naar eigen goeddunken over instituties en overheidsorganen kan beschikken.

Wederom illustratief: het examen voor ambtenaren wordt afgeschaft, wat volgens critici de sluisdeuren voor politieke benoemingen wagenwijd open zet. Volgens Kaczynski staat het examen benoeming van 'eerlijke mensen' in de weg.

Het wemelt van de oneerlijke mensen in Polen. Niet eerder heeft een regering zoveel beroepsgroepen beledigd. Advocaten zijn 'corrupt', rechters 'bevooroordeeld', politieagenten 'dronken' en ambtenaren 'niet loyaal'. Het is maar een greep uit de verwijten die constant gehoord kunnen worden. Het brengt bij menigeen het communisme in herinnering, toen ook in alle hoeken volksvijanden werden waargenomen. De ironie is dat Kaczynski juist de oud-communisten, tegenwoordig sociaal-democraten, beschouwt als volksvijand nummer één. Zij zouden na 1989 de koek onderling hebben verdeeld. Zijn morele revolutie moet hun economische macht alsnog breken.

De haat zit diep. De tweelingbroer van Jaroslaw en president van Polen, Lech Kaczynski, werd woensdag op tv geïnterviewd. De grappig bedoelde vraag of hij deze dagen een paasei met de sociaal-democraten zou delen, beantwoordde hij niet alleen negatief, maar ook heel serieus. De katholieke vergevingsgezindheid heeft zijn grenzen. Bovendien hebben de Kaczynski's hun handen vol aan Lepper: die stond in de jaren zeventig aan het hoofd van een staatsboerderij en was zelfs partijlid. Er moet de komende tijd heel wat door de vingers worden gezien.

    • Stéphane Alonso