Knutselen aan het strafrecht

Deze week sprak de Tweede Kamer over verbetering van opsporing en vervolging naar aanleiding van de Schiedammer parkmoord. De rechtspraak kwam niet aan bod.

Rechtszaal van het kantongerecht Nijmegen Foto Hollandse Hoogte Nederland, Nijmegen, 24-5-2004 Rechtszaal van het kantongerecht. Justitie, rechterlijke macht, rechtspraak, rechter, veroordeling, misdaad, wetten, wetgeving, tbs, rechtbank. Foto: Flip Franssen/Hollandse Hoogte Hollandse Hoogte

Maken rechters fouten? Natuurlijk maken rechters fouten. Stel, iemand is veroordeeld wegens heling. Wat gerechtshoven dan 'notoir vaak' fout doen, zegt hoogleraar strafrecht Theo de Roos, is niet opschrijven waaruit blijkt dat hij werkelijk gestolen goederen heeft verhandeld. 'Dan staat bijvoorbeeld alleen maar in het arrest: de spullen lagen in een loods en de verdachte kwam daar vaak. Dat bewijst natuurlijk niets.' Vorig jaar publiceerde een advocaat-generaal van de Hoge Raad een hele lijst van zulke veelvoorkomende slordigheden.

In de Schiedammer parkmoord, waarin een onschuldige vier jaar vastzat voor de moord op een meisje in een park, bleken de beslissingen van de rechters achteraf verkeerd. De commissie-Posthumus legde de verantwoordelijkheid bij de politie en het openbaar ministerie (OM): zij hadden de zaak onvolledig aan de rechter gepresenteerd. Toch kwam ook de rechtspraak er niet ongeschonden uit naar voren. Hadden rechters niet beter moeten doorvragen op de zitting, zodat twijfels van het Nederlands Forensisch Instituut over de schuld van de verdachte Cees B. eerder aan het licht waren gekomen? Hadden ze niet meer aandacht moeten hebben voor het feit dat B. zijn aanvankelijke bekentenis al snel weer introk?

De parkmoord leidde tot de instelling van de commissie-Buruma, die afgesloten strafzaken gaat onderzoeken waarover twijfel bestaat. Het is niet moeilijk daarin een motie van wantrouwen aan de rechtspraak te zien. Opiniepeiler Maurice de Hond, die campagne voert voor een andere volgens hem onschuldig veroordeelde man, verwijst keer op keer naar de 'puinhoop' van het rechtssysteem. Hij spreekt van 'de noodzaak om de rechtsstaat terug te winnen op de professionals'. Hoe gevoelig dat ligt, bleek deze week uit een gepikeerde minister Donner (Justitie, CDA) op het NOS-journaal. Hij zei dat Nederland een bananenrepubliek wordt als 'bekende persoonlijkheden' denken rechterlijke oordelen te kunnen afdwingen.

Hádden de rechters in de parkmoord fouten gemaakt? De rechtbank van Rotterdam en het hof van Den Haag, die de zaak hadden behandeld, besloten tot een 'zelfreflectie' onder begeleiding van twee rechters van buiten. Dat was nooit eerder gebeurd. Maar de eventuele fouten werden niet bekendgemaakt. Dat kon niet, schreven de presidenten van beide gerechten in een artikel; dat zou 'het geheim van de raadkamer' schenden, het wettelijk verbod om openbaar te maken welke rechter wat heeft gezegd tijdens de beraadslagingen over een vonnis.

Die mening bleek omstreden. G.J.M. Corstens, gezaghebbend lid van de Hoge Raad, schreef in het Nederlands Juristenblad dat het geheim van de raadkamer zich er niet tegen verzette de beslissingen over de parkmoord van nader commentaar te voorzien. Sterker, 'meer openheid en helderheid zouden hebben bijgedragen aan een sneller herstel van het vertrouwen in politie en justitie'.

Theo de Roos, behalve hoogleraar in Tilburg ook plaatsvervangend raadsheer bij het hof van Leeuwarden, denkt dat ook. Hij spreekt van 'de oestercultuur' van de rechterlijke macht die 'wordt afgedekt met het vijgenblad van het geheim van de raadskamer'. 'Dat geheim wil niet zeggen dat je niet aan de samenleving duidelijk kunt maken wat de lessons learned zijn in een bepaald geval.' Volgens De Roos zou dit zelfs regelmatig moeten gebeuren.

Maar daar voelen rechters weinig voor. Rechters, zeggen rechters, leggen verantwoording af via hun vonnis. Als mensen het er niet mee eens zijn kunnen ze in hoger beroep, en daarna in cassatie bij de Hoge Raad. In het uiterste geval kan die Raad besluiten dat een gesloten zaak moet worden herzien. 'We denken niet dat we onfeilbaar zijn', zegt de Rotterdamse rechtbankpresident F. van den Emster.

'Het geheim van de raadkamer is voor mij toch wel absoluut', zegt president J. Verburg van het hof in Den Haag. 'Er wordt nu bijna over gepraat alsof het een speeltje van de rechter is, waarmee hij zich kan afsluiten van de buitenwacht. Dat is niet zo. Het is wettelijk vastgelegd dat de beraadslagingen in camera zijn en de uitspraken openbaar. Zodat rechters in vrijheid over een zaak kunnen praten.'

De Rotterdamse hoogleraar strafrecht Paul Mevis, plaatsvervangend rechter bij de Rotterdamse rechtbank en bij het hof in Amsterdam, vindt toch dat rechters beter met de buitenwereld moeten communiceren. 'De maatschappij kijkt kritischer naar de rechterlijke macht. Er is pers in de zaal. Het vonnis komt op internet. Of je het leuk vindt of niet, de vraag uit de samenleving neemt toe.'

Rechters zouden om te beginnen hun vonnissen zorgvuldiger moeten motiveren, vindt Mevis. 'Rechters schrijven alleen de uitkomst van hun beslissing op en niet de redenering die daartoe heeft geleid. Ze zijn niet gewend het vonnis te zien als uitleg aan de verdachte, aan de samenleving. Én als een kwaliteitscontrole op het eigen werk. Je kunt iets vinden, maar blijft dat overeind als je het opschrijft.'

President Verburg van het Haagse hof zegt dat een uitgebreider vonnis niet per se een betere beslissing oplevert. 'In de Schiedammer parkmoord lag er een puntgave motivering van hoe we tot de beslissing waren gekomen.' Hij is wel bereid te streven naar uitvoeriger vonnissen. 'Maar eerst moeten er duidelijke afspraken over komen. Anders blijven er zaken liggen.'

De Rotterdamse rechtbankpresident Van den Emster zegt dat hij uitvoeriger gemotiveerde vonnissen toejuicht. 'Maar Nederland moet begrijpen dat het niet hoeft van de Hoge Raad. Als de Hoge Raad sinds jaar en dag zegt dat een beknopte motivering volstaat als iets wettig en overtuigend is bewezen, dan gaat daar niet echt een aansporende werking van uit.'

Vorig jaar is een wetsartikel in werking getreden waarin staat dat rechters in ieder geval moeten toelichten waarom ze afwijken van het onderbouwde standpunt van de verdachte of het OM. Maar, zegt Van den Emster, in hetzelfde artikel staat dat als een verdachte bekent, een kortere motivering volstaat. 'Er wordt geknutseld aan het huis van het strafrecht, maar niet alle knutselwerk wijst dezelfde kant op. Ik hoop dat de wetgever weer overzicht krijgt over wat ook weer de fundamentele uitgangspunten zijn.'

    • Joke Mat