Kip heeft het hoog in de bol

Vogelgriep of niet, in Rotterdam laat Joep Habets zich zijn jaarlijkse Paaskip niet ontgaan

Het zijn treurige tijden voor het pluimvee.

Maar wij laten de kip niet in de kou staan, het Eten-eetteam vervoegt zich ter voorbereiding op de paasdagen bij restaurant Kip in Rotterdam. Op de menukaart heeft kip een vaste, maar zeker geen dominante plaats. Hebben de meeste kiprestaurants bescheiden gastronomische ambities, Kip vormt een uitzondering. Kip heet bij Kip doorgaans hoen. Een hoen is een kip die het hoog in de bol heeft.

Eerlijk is eerlijk, ze hebben hier bijzondere kippetjes op de kaart staan. Zo is er de Hollandse Blauwhoender, een kip van een ruim honderd jaar oud Nederlands ras met een fraai verenkleed gelijk een creatie van Frans Molenaar. Deze couturekip kan het met gemak opnemen tegen de befaamde Bressekip. Zo'n kwart eeuw geleden verdween hij uit de beroepsfokkerij, maar hij is in stand gehouden dankzij hobbykippenboeren. Nu ondervindt het ras ontluikend commercieel en gastronomisch eerherstel. Een andere kwaliteitsvogel bij Kip is de Calicuth, een Indiase kip van forse omvang met een voluptueus verenkleed, de Karin Bloemen van het pluimvee.

Restaurant Kip is gevestigd in een herenhuis in het Scheepvaartkwartier, een wat Haags aandoend deel van Rotterdam. Het interieur is sfeervol landelijk met veel rustiek hout, wat decoratieve takkenbossen, die mij als stofnesten voorkomen, en een grof houten vloer die in een studentensociëteit niet zou misstaan. Op de tafels ligt wel weer verzilverd bestek.

Toepasselijk begint de avond met een bakje eiersalade, genereus van truffel voorzien, en met voortreffelijk brood dat door de soepel werkende en onnadrukkelijk aanwezige bediening ook nog eens scheutig wordt aangevuld.

Mijn eetgezelschap start de maaltijd met een stevig gesaffraneerd soepje verrijkt met gefrituurde prei en tempura van oesters. Een overtuigende opening, maar ik bewijs liever eer aan de kip in alle fasen van zijn bestaan. De keuze valt niet op de goed gevulde hoendersoep, maar op het gerecht met een gefrituurd eitje. Het rust op een stukje gegrilde kalfshaas en een heftige paddestoelenrisotto, romig en met een beetje beet, zoals het hoort. Om te bewijzen dat hij niet van gisteren is legt de chef er ook nog gerookte knoflook bij, een van de modieuze gerechten van dit moment. De voorbeeldige Saint-Véran van Domaine Corsin doet het heel behoorlijk bij deze gerechten van verschillende aard en nog beter bij wat komen gaat.

De zeer licht gegrilde tongfilet, ontsierd door wat achtergebleven graatjes, figureert in een samenspel van smaken dat ik niet kan doorgronden. Het niet schuimend 'schuim' van bouillabaisse, de amandeldauphine en de terrine van selderij overheersen de subtiele smaak van de tong en ze lijken ook niet goed met elkaar overweg te kunnen als het om textuur en mondgevoel gaat.

Dat geldt absoluut niet voor de superieure Blauwhoenderfilet, bezwangerd van truffel en geserveerd met spinazie en een quiche van linzen, waarin het aards smakenpalet zoete en mildzure accenten tegenover zich vindt in een verrassende dadel-zuurkoolsaus.

In het nagerecht overtuigt de combinatie van smaken me niet helemaal, maar op de onderdelen is weinig aan merken. Het trio bestaat uit kaneelroom, mooi licht chocoladeijs en een clafoutisachtig taartje met amarene kersen. De Zuid-Afrikaanse 'rooi muscadel' lijkt me vooral goed bij rood fruit passen. De twee glazen tellen voor een hele fles op de rekening. Ook zonder fles zou de slotsom op ruim 175 euro voor twee personen komen. Maar wat betekent geld, de kippenmest der aarde, in het perspectief van vogelpest, ophokken en ruimen? De kip wordt duur betaald. Restaurant Kip, Van Vollenhovenstraat 25, Rotterdam, 010 4369923, www.restaurantkip.nl