Zing, bid en flos je tanden

Hoe heftiger de liedjes van Elly Nieman en Rikkert Zuiderveld de laatste decennia door christelijk Nederland werden omarmd, hoe meer weerzin - of desinteresse - ze bij de rest van het publiek wekten. Maar geen beide reacties deed hen geen recht, schrijft Herman Veenhof in zijn boek Vrije vogels, genoemd naar een duetje waarmee het zingende paar zichzelf al in 1969 portretteerde: “In de seculiere media worden ze nog vaak in de spelonken van de Evangelische Omroep gesitueerd en in de christelijke media worden ze ten onrechte opgehemeld door en ten behoeve van hun achterban.' Bovendien hebben “zowel afkerige heidenen als EO-adepten' volgens de biograaf de fout gemaakt hun bekering te versimpelen tot “het moment waarop Elly en Rikkert definitief niet of juist wel goed snik werden.'

Veenhof, redacteur bij het christelijke Nederlands Dagblad, roept een aanzienlijk genuanceerder beeld op. Hij beschrijft hoe de uit een rooms nest afkomstige Elly Nieman en de volgens humanistische principes opgevoede Rikkert Zuiderveld in de jaren zestig losraakten van hun achtergrond en allengs de hippie-idealen gingen omarmen, terwijl in hun liedjes steeds vaker bijbelse beelden opdoken. Zo bezien kwam hun bekering allerminst uit de lucht vallen. Maar ook daarna stonden ze niet stil, stelt Veenhof vast. Zijn relaas leert zelfs dat Elly en Rikkert dezer dagen lang niet meer zo streng in de leer zijn als in het begin. Heel wat kniesorende christenen blijken van mening te zijn dat de kinderboeken, puntdichten en liedjes van het duo tegenwoordig veel te vaak naar het wereldse neigen.

Hoewel de auteur geen geheim maakt van zijn sympathie voor de Zuidervelds en hun geloof, is zijn boek niet louter als hagiografie geschreven. Het blijft ook voor niet-gelovigen leesbaar door de prettig ironische toon waarmee de orthodoxe achterban op afstand wordt gehouden, en door de manier waarop de hoofdpersonen zelf terugkijken op sommige episoden uit hun leven. “Tsjonge, wat een slecht gebit hadden we toen,“ constateert Elly Nieman bij het terugzien van een videoband uit hun hippie-tijd. “Aan de ene kant begrijp ik wel dat mensen daarmee wegliepen,“ zegt Rikkert Zuiderveld over hun toenmalige repertoire. “Maar aan de andere kant: veel is ook gewoon wartaal.“ En even verderop, over hun compromisloze bekering: ,,Toen we net christenen waren geworden, wilden we de wereld redden in drie minuten.“

Daar komt bij dat Veenhof ook vrienden en collega's van het duo aan het woord laat, die niet allemaal kritiekloos zijn. Integendeel, al doen ze wel hun best enig begrip voor Elly en Rikkert op te brengen. “Het is voor sommige mensen een heel logische stap, naar het geloof,“ oppert Freek de Jonge. “Maar soms vond ik hun repertoire wel aan de naïeve kant. Het was mij iets te veel voor de armen van geest.“

Intussen leidt Vrije vogels de niet-gelovige lezer een wereld binnen waarin de stichting Opwekking, de stichting Bouw Uw Troon, Jeugd met een Opdracht, de Evangelische Alliantie en het Christian Artists Seminar vertrouwde begrippen zijn. Slechts één keer verliest Veenhof uit het oog dat hij niet alleen voor ingewijden schrijft - hij rept over “de What Would Jesus Do-rage van eind jaren negentig' zonder te bedenken dat er mensen zijn die daar nog nooit van hebben gehoord.

Herman Veenhof: Vrije vogels. De omgekeerde wereld van Elly en Rikkert Zuiderveld. Boekencentrum, 300 blz. euro 22,90

    • Henk van Gelder