“Minimumuurloon niet nodig en niet urgent'

Invoering van het minimumuurloon kent “veel technische complicaties“ en is “niet urgent“. Dat schrijven de werknemers en werkgevers, verenigd in de Stichting van de Arbeid (STAR) in een brief, gisteren, aan staatssecretaris Van Hoof (Sociale Zaken, VVD). De staatssecretaris maakte zelf het minimumuurloon tot een van de doelen die hij voor 1 januari 2007 moet halen om dan de grenzen te kunnen openen voor werknemers uit de nieuwe Oost-Europese lidstaten.

Volgens de staatssecretaris zou vervanging van het nu gebruikte minimummaandloon door een minimumuurloon de arbeidsinspectie beter in staat stellen werkgevers op te sporen die minder dan het minimumloon betalen. Werknemers zouden makkelijker kunnen controleren of ze genoeg betaald krijgen. Beide zijn volgens Van Hoof nodig, om te voorkomen dat de komst van nieuwe Oost-Europese werknemers tot loonconcurrentie zou leiden.

De sociale partners willen een betere handhaving van het minimumloon, maar achten de nieuwe berekeningswijze hiervoor niet noodzakelijk. Het is moeilijk een minimumuurloon te berekenen, omdat veel verschillen bestaan tussen de lengte van de werkweek. De STAR berekende dat Nederlanders gemiddeld tussen de 37 en 38 uur per week werken.

Van Hoof zei woensdag in de Tweede Kamer dat hij wil gaan rekenen met een veertigurige werkweek. De SP-fractie vroeg in het debat over Oost-Europese werknemers of het minimumloon zo verlaagd zou worden. Van Hoof ontkende dit: “We gaan het minimumloon niet lager maken.“

Eind dit jaar zal de Tweede Kamer beoordelen of Van Hoof genoeg heeft gedaan om per 2007 de grenzen te kunnen openen.