Geef publiek bestel ruimte

De politiek moet de publieke omroep een duidelijke taak en een gegarandeerd budget geven en programmamakers de ruimte gunnen, meent Wouter Bos.

De publieke omroep is in staat van chaos. Kijkersaantallen en reclame-inkomsten dalen en de raad van bestuur reageert op deze ontwikkelingen door met gebruik van haar nieuwe bevoegdheden een nieuwe zenderindeling voor te stellen die het tij zou moeten keren.

Maar een publieke omroep die zijn programmering primair laat bepalen door de vraag hoe zoveel mogelijk kijkers te trekken en hoe zoveel mogelijk inkomsten te genereren, geeft onvermijdelijk vroeg of laat te weinig aandacht aan zijn meer cultuurpolitiek bepaalde doelstellingen. Dit zijn doelstellingen die erop toezien dat juist kwetsbare programma's, innovatief, experimenteel of op beperkte doelgroepen gericht, gemaakt kunnen blijven worden.

De samenleving staat op allerlei manieren onder druk: traditionele verbanden brokkelen af, oude zekerheden staan ter discussie en de diversiteit neemt op allerlei terreinen toe. Juist in zo'n tijd zou de publieke omroep in staat gesteld moeten worden zijn rol te kunnen pakken bij het beschermen van wat kwetsbaar is, het pogen kwaliteit ook voor de massa aantrekkelijk te maken (ooit noemden we dat volksverheffing) en het - juist in een samenleving die steeds diverser wordt - zoeken naar en uitdrukken van wat ons bindt of zou moeten binden.

De publieke omroep komt nu aan al deze taken niet toe. Het nieuwe programmeringsvoorstel van de raad van bestuur veroorzaakt verwarring, onzekerheid en veel intern gedoe. Veel medewerkers weten niet waar ze aan toe zijn. De nieuwe Mediawet van Medy van der Laan zal die chaos alleen nog maar vergroten.

De Partij van de Arbeid heeft daarom de volgende keuzes gemaakt:

De nieuwe Mediawet moet niet worden ingevoerd. Als het aan ons ligt, zal een nieuw kabinet deze wet intrekken of terugdraaien. De wet leidt tot meer reclame, meer verzuiling, meer staatsinvloed, meer versplintering, meer onzekerheid en het is volstrekt onduidelijk welk probleem daarmee wordt opgelost.

Het is goed dat er een sterkere coördinatie is gekomen in Hilversum over de hoofden van te vaak onderling twistende omroepvoorzitters heen. Maar scherpe profilering vereist dat programma's en programmering op elkaar worden afgestemd. Nu liggen het maken van programma's en het programmeren van zenders in verschillende handen. Dat leidt tot vruchteloze onderlinge energieverspilling. Wij pleiten er dan ook voor dat de verantwoordelijkheid voor programmeren en produceren in één hand komt. Ofwel in een concessiemodel waarbij coalities van allerlei partijen (denk aan uitgevers, omroepverenigingen, vakbonden, andere maatschappelijke organisaties) kunnen intekenen op een aanbesteding door de raad van bestuur; waarna zij programmering en productie in eigen hand hebben. Ofwel in een hoofdredacteurenmodel, waarbij per net een hoofdredactie een eigen profiel (in opdracht van de raad van bestuur) met eigen medewerkers dient op te bouwen.

Beide modellen garanderen overigens een grotere mate van pluriformiteit dan het veel centraler georganiseerde BBC-model.

Het is niet te verkopen dat de publieke omroep voor zijn kernopdracht afhankelijk is van reclame-inkomsten. Het leidt tot semi-commercieel gedrag juist waar je dat van de publieke omroep niet zou willen. Het leidt ook tot voortdurende onrust en aanpassing op het moment dat de inkomsten uit reclame schommelen.

Wij stellen iets anders voor: de publieke omroep krijgt voor de hele concessieperiode van tien jaar een gegarandeerd budget. Dat kan bereikt worden door de publieke omroep reclamevrij te maken. Het kan ook betekenen dat de publieke omroep reclame mag hebben, maar er voor het vervullen van zijn kernopdracht niet afhankelijk van moet zijn.

Niemand kan de toekomst voorspellen en politici al helemaal niet. Wat zal het kijkersgedrag over vijf jaar zijn? Hechten mensen dan nog aan een net of een zender met een bepaald profiel of zijn ze alleen maar geïnteresseerd in programma's? Is de discussie over twee of drie netten niet nu al een achterhoedegevecht? Zijn er in de toekomst minder publieke netten nodig of juist meer (ook digitale) netten gewenst? Wie het weet, mag het zeggen.

De les lijkt mij vooral dat de politiek de publieke omroep zo moet inrichten dat niet elke keer als er in de buitenwereld iets verandert, technologisch of anderszins, het bestel weer helemaal overhoopgehaald moet worden. Dit impliceert dat de politiek de publieke omroep een duidelijke taak en een gegarandeerd budget moet meegeven, maar daarna de mensen die het beste weten hoe je goede programma's bij zo veel mogelijk mensen terecht moet doen komen, de ruimte moet geven om naar eigen inzicht op de veranderende buitenwereld te reageren.

Die mensen zitten in Hilversum, niet in Den Haag. Laat hen dan ook, binnen de opdracht en het budget dat ze meekrijgen, zelf beslissen met hoeveel publieke zenders ze die opdracht het beste kunnen uitvoeren.

Wouter Bos is fractievoorzitter van de PvdA. Hij sprak deze conclusies uit gedurende een “Wouter ontmoet...' bijeenkomst in Hotel Arena.