Eén op de tien vindt geld belangrijker dan geluk

Boven een jaarinkomen van 19.000 euro verdwijnt volgens economen het verband tussen geluk en inkomensniveau.

Toch blijft het westen mikken op meer welvaart.

Eens

De overgrote meerderheid van het Webcongres is het deze week eens met de aloude stelling dat geld niet gelukkig maakt. 'Geluk is opgebouwd als een pakket van voorwaarden, waarvan geld er één is', schrijft Jeroen van Dam uit Heerhugowaard. 'Gezondheid, liefde, toekomst, hoop en vertrouwen zijn andere pijlers waarop geluk is gebouwd.' Volgens Maurice Ackermans uit Den Bosch weten mensen vaak niet eens hoe gelukkig ze zijn als ze gezond zijn. 'Groter geluk dan een goede gezondheid en een harmonieus samenzijn met anderen bestaat eigenlijk niet. Men beseft dat pas als ziekte en eenzaamheid zich aandienen.'

Frans van Westerop uit Westwoud spreekt over geluk als een optelsom van factoren: 'Gezondheid, begrip, waardering, contact, liefde. Geld is slechts één factor en zodra een zeker inkomensniveau bereikt is, geldt die ene factor geld steeds minder.'

Daarover zijn veel leden van het Webcongres het eens: geld maakt niet gelukkig, zolang je er maar niet te weinig van hebt. Of, zoals de oma zaliger van Niels Luyer uit Amsterdam het uitdrukte: 'Geld maakt niet gelukkig, maar geen geld maakt wel ongelukkig.'

'Natuurlijk is geluk belangrijker dan geld', onderschrijft Frans Block vanuit Korsberga (Zweden) de stelling. 'Dat egoïstische gejaag op rijkdom brengt alleen ongeluk, vooral bij degenen die die rijkdom moeten betalen met het weinige geld dat ze hebben. Maar je kan beter ongelukkig zijn met een miljoen in je zak, dan ongelukkig zonder een cent.' Nigel Lamb uit Den Haag vult aan: 'Gelukkig zijn in wat je doet, geeft meer voldoening dan een goedgevulde bankrekening. Liever gelukkig met weinig geld dan op jacht te moeten zijn naar meer.'

Hoewel ze het eens zijn met de stelling, onderstrepen inzenders toch het belang van voldoende financiële armslag. Adrie van der Horst uit Westervoort: 'Genoeg inkomen hebben geeft de zekerheid 'erbij te horen' en te kunnen meedoen in het sociale verkeer. Een langdurig (te) laag inkomen, weet ik uit eigen ervaring, veroorzaakt óók stress en onzekerheid - en daarmee een ongeluksgevoel.'

Joop aan 't Goor uit Zaandijk wijt latente ongeluksgevoelens aan maatschappelijke en commerciële druk: 'Het is jammer dat geluk zonder voldoende geld haast niet meer bestaat. Je moet mee in de maalstroom, anders word je niet meer serieus genomen. Wie telt er nog mee zonder gsm, eigen huis, auto, laptop, pda, internet? Als je daar het geld niet voor hebt, word je ongelukkig.'

Louke van Wensveen uit Los Angeles (VS) verwijst naar een klassiek filosoof: 'Aristoteles zei het al: we zoeken rijkdom, omdat we denken daar gelukkig van te worden, dus is geluk ons hoofddoel. Als nu blijkt dat de jacht op geld niet eens duurzaam tot geluk leidt, en het zelfs kan ondermijnen, dan doen we er goed aan om van strategie te veranderen.'

Oneens

Een kleine minderheid acht de maximalisering van winst en inkomen van groot persoonlijk en maatschappelijk belang. Lucas Chon uit Rotterdam bijvoorbeeld: 'In een steeds kleiner wordende wereld, waarin het leven steeds meer op een permanente ratrace gaat lijken, leidt het niet kiezen voor meer geld op termijn automatisch tot minder geld, individueel en collectief. Hoewel meer geld niet altijd meer geluk veroorzaakt, is het omgekeerde (en zelfs al de perceptie ervan) wel altijd waar.'

'We zullen - helaas - wel moeten proberen om economisch te blijven groeien, als privé-persoon en als burgers van ons land', vindt ook Jacqueline Schaalje uit Goes. 'We zitten nu eenmaal met een groot aantal vergrijzers waarvoor we wat reserves moeten opbouwen.'

Bert Hubert uit Scheveningen tekent bezwaar aan tegen de tegenhanger van de stelling: als je maar arm bent, ben je gelukkiger: 'Hele generaties studentenhuwelijken zijn hierdoor in het verleden vastgelopen. De wat paternalistische kreet uit de stelling wordt ook maar al te makkelijk misbruikt in de discussie over ontwikkelingssamenwerking met de Derde Wereld.'

Catharina Sala uit Groningen schetst uit eigen ervaring hoe het is tot de 'minima' te behoren: 'Als je je kinderen niet te eten en geen ontplooiingskansen kan geven, ze uit de groep vallen, zonder boterham naar school moeten en daardoor concentratieproblemen krijgen, je ze geen geld voor een schrift kan geven en je door de armoede je kinderen ziet vervallen tot kansloze jongeren, dan is geld wel degelijk belangrijker.'

'Mensen zijn erg goed in het vergelijken van appels en peren', zegt J.W. Egtberts uit Duiven die de stelling zélf ter discussie stelt. 'Geluk en geld zijn twee totaal verschillende dimensies van de menselijke perceptie. Geluk is een generalisatie. Economen maken de denkfout dat geluk een objectiveerbaar begrip is. Geluk is niet te vergelijken met het objectiveerbare begrip geld of inkomen.'