Onderzeese vulkaankegel bij Samoa groeit razendsnel

Op de kraterbodem van een onderzeese vulkaan in de Samoa-archipel is binnen vijf jaar een driehonderd meter hoge kegel ontstaan. De top van de uitstulping, nu nog 700 meter onder de zeespiegel, zal met het huidige groeitempo binnen enkele decennia het oppervlak van de Stille Oceaan bereiken. Een team onder leiding van Hubert Staudigel van het Scripps-instituut voor oceanografie in La Jolla (Californië) publiceert volgende week over de ontdekking in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences.

Staudigel en zijn collega's brachten de onderzeese vulkaankegel afgelopen zomer in kaart tijdens expedities met een kleine duikboot en een op afstand bestuurbare onderzeeër. Tijdens drie eerdere expedities, tussen 1999 en 2001, was van een dergelijke kegel nog niets te zien.

Rond de krater en de rijzende kegel ('Nafanua', naar de Samoaanse oorlogsgod), zijn vier exotische en sterk verschillende leefgemeenschappen ontstaan. Bij de top leven kolonies van kleine roodpaarse alen (Dysommina rugosa) die zich kunnen verbergen in spleten in het vulkanisch gesteente. Ze voeden zich met kreeftachtigen die worden aangevoerd door zeestromen rond de vulkaan. Alen van dit type zijn eerder opgedoken in de netten van vissers, maar nog niet eerder in hun natuurlijke leefomgeving bestudeerd.

Dieper in de krater wordt het water vertroebeld en verzuurd doordat het vermengd met giftige verbindingen omhoog komt vanuit diepere delen van de vulkaan. Felrode borstelwormen leven hier van bacteriën die zich op hun beurt voeden met verrotte vissen, pijlinktvissen en karkassen van kreeftachtigen.

Een derde biotoop zijn plaatsen waar het giftige water en schoner oceaanwater elkaar ontmoeten. Hier leven andere kreeftachtigen en vissen.

Buiten de kraterwand, ten slotte, leven vooral koraalachtigen (Anthomastus, Iridogorgi) en sponzen, met daartussen zeesterren en een grote octopus.