Amerikanen kopen groter belang Ahold

Twee Amerikaanse investeerders hebben hun aandelenbelang in detailhandelsbedrijf Ahold vergroot met 4,7 procent. Samen met een andere Amerikaanse partij hebben zij 32,2 procent van Ahold in handen.

Dat blijkt uit het jaarverslag dat Ahold (onder andere Albert Heijn) vanochtend heeft gepubliceerd. Capital Research heeft zijn belang in Ahold vorig jaar vergroot van 7 naar 9 procent. Brandes Investment Partners vergrootte zijn participatie van 11 naar 13,7 procent. Het eveneens Amerikaanse Deltafort hield zijn belang van 9,5 procent op peil.

Onbekend is op welk moment de twee Amerikaanse investeerders vorig jaar de extra aandelen hebben gekocht. Gebaseerd op de gemiddelde koers van het laatste kwartaal van 2005 gaat het om een bedrag van ruwweg 0,5 miljard euro.

Met de aankopen is het totale percentage Ahold-aandelen dat in handen is van Amerikaanse beleggers gegroeid van 28,9 naar 36,4. Eind vorig jaar was maar 18 procent van de aandelen Ahold in handen van Nederlandse beleggers; in 2004 was dat nog 20 procent. De grootste Nederlandse aandeelhouders zijn ING Groep (6,9 procent) en Aegon (5,8 procent).

In zijn voorwoord in het jaarverslag spreekt bestuursvoorzitter A. Moberg niet over de drie belangrijkste doelstellingen die het bedrijf dit jaar mist: 5 procent winstmarge, 5 procent omzetgroei en 14 procent rendement op vermogen. Vorige maand liet hij die doelen vallen. Onzeker is wanneer Ahold deze doelen eventueel haalt.

Moberg verdiende in 2005 iets minder dan het jaar ervoor, blijkt uit het jaarverslag. In 2004 ontving hij 3,75 miljoen euro, vorig jaar 3,37 miljoen euro. Voornaamste oorzaak was de lagere bonus, want het basissalaris van 1,5 miljoen euro bleef gelijk. De bonussen voor de leden van de raad van bestuur zijn voor 70 procent afhankelijk van een verbetering van de zogeheten economic value added en voor 30 procent van enkele onbekende andere doelen.

De totale beloning van de raad van bestuur van Ahold is vorig jaar gedaald van 13,3 miljoen tot 5,5 miljoen euro. Dat komt door lagere bonussen, afslanking van de raad van bestuur en doordat de vorige financieel bestuurder H. Ryöppönen aftrad en er maanden geen opvolger was.