Reorganiseren om te veranderen

Baanzekerheid bestaat niet bij het Amerikaanse softwarebedrijf Autodesk. Toch is het één van de favoriete werkgevers in de VS.

(Photo: Dirk-Jan Visser / Rotterdam: 29-03-2005: Chairman of the Board, Chief Executive Officer Carol Bartz van het software bedrijf Autodesk van o.a Autocat Visser, Dirk-Jan

In Nederland rust een taboe op makkelijk ontslaan, in de VS niet. Hoe houd je werknemers gemotiveerd en productief als er geen ontslagbescherming is? Als iemand dat weet, is het wel de bestuursvoorzitter van Autodesk, Carol Bartz.

De ongeveer 4.500 werknemers van het Amerikaanse softwarebedrijf wisselen regelmatig van functie. Ze moeten presteren en worden daar op afgerekend. Tegelijkertijd hebben ze veel vrijheid en zijn de gezagsverhoudingen binnen het bedrijf ontspannen.

Autodesk is één van de bedrijven waar werknemers in Amerika het liefst werken. Wat is het geheim?

“Ik denk dat mensen vanuit zichzelf gemotiveerd zijn, niet door een arbeidscontract. Ze houden van hun werk en zijn trots op het bedrijf. En, dat moet gezegd worden, ze hebben het idee dat ze een redelijk inkomen krijgen. Dat is meer motiverend dan het idee dat ze nooit ontslagen kunnen worden.“

De sfeer van het bedrijf werd vlak na de oprichting losbandig genoemd. Creativiteit vierde hoogtij. Bent u niet juist aangenomen om die sfeer te professionaliseren? En gaat dat niet ten koste van creativiteit?

“Als bedrijven beginnen zijn ze ongeregeld. Er zijn nieuwe, grote ideeën. De mensen van het eerste uur willen geen regels, geen structuur. Ze werken in het begin dag en nacht en bereiken ook veel. Dan zijn regels dat je maar zo-en-zo-lang mag werken niet motiverend.

“Er is nog steeds veel vrijheid bij ons. Wil je pas om elf uur komen, dan kan dat. En als het niet anders kan, kan je ook je kind mee naar het werk nemen. Het gaat om vertrouwen. Werknemers brengen tenslotte twee derde van de uren dat ze niet slapen door met werken. Dan moet werk wel een bevredigende ervaring zijn.

“Hoewel veel mensen bij ons al lang in dienst zijn, gaat niemand uit van een levenslang dienstverband. We zijn een beursgenoteerd bedrijf. Het is duidelijk hoe we er financieel voorstaan, ook voor de werknemers. Als er mensen moeten worden ontslagen, is dat ook duidelijk voor ze. Je moet soms honderd banen schrappen om er drieduizend te redden.“

Bij uw bedrijf wordt het uiterste gevraagd van de creativiteit en zelfwerkzaamheid van werknemers. Hoe verhoudt zich dat tot hiërarchie?

“Ook het meest creatieve bedrijf moet georganiseerd zijn. Dat kan je uitleggen. Je kan laten zien dat regels er zijn omdat ze werken. Niet omdat je per sé regels moet hebben. En je moet bereid zijn toe te geven dat je het fout hebt als dat zo is.“

Is de hiërarchie dan ook niet zo sterk?

“Hij is duidelijk. Maar we hebben een “opendeurenbeleid'. Iedere werknemer kan mij een mail sturen. En dat doen ze ook de hele tijd. Vaak met suggesties over hoe dingen beter kunnen.

“Het is ook heel belangrijk wat de werknemers denken. De eersten binnen het bedrijf die zien wat er fout gaat, zijn de gewone werknemers. Als ik moet wachten tot dat slechte nieuws mij via de managers heeft bereikt, is het te laat.“

Dus eigenlijk krijgt u graag slecht nieuws.

“Ik ben dol op slecht nieuws, als ik het maar snel krijg. Ik heb er een hekel aan wanneer mensen er mee blijven rondlopen.

“Wat ik het meest ergerlijke vind in mijn baan, is als managers ergens maanden ruzie over maken en verwachten dat ik dan binnen een kwartier de oplossing heb wanneer ze bij mij komen.“

In Nederland wordt veel gepraat over “employability', het zorgen dat mensen inzetbaar blijven, ook op latere leeftijd.

“Ik zie het vermogen om te veranderen als een spier. Mensen moeten hun “veranderingsspieren' blijven trainen. Als ze daarmee ophouden, kunnen ze het ook niet meer. Ik reorganiseer regelmatig met als enig doel om dingen om te gooien.

“De meest belangrijke vraag aan werknemers is wat ze niét meer willen doen, in plaats van wat ze willen doen. Dat geeft veel meer inzicht. Veel mensen doen dingen omdat ze daar nu eenmaal vijf jaar geleden mee zijn begonnen.“

Na de lancering van driedimensionale tekenprogramma's wil Autodesk nu ook databeheer gaan doen. Een heel andere tak van sport, waarmee het bedrijf opeens ook veel grotere concurrenten krijgt, zoals IBM. Hoe pakt u dat aan?

“Het is intimiderend, maar ook motiverend. Vergelijk de concurrentie met de wielrenner Lance Armstrong. Allereerst moet je je afvragen: hebben wij wel het recht om in deze race mee te rijden? Maken we überhaupt een kans. Overigens rijdt er in deze markt geen Armstrong rond. De strijd om dit type data-beheer is net begonnen. We kunnen de concurrentie nog inhalen. En bovendien: we zouden ons moeten schamen als we het niet eens zouden proberen.“