Politiek tobt over islam

In politiek Den Haag is zeer uiteenlopend gereageerd op het rapport van de WRR over het democratische potentieel van de islam. Gaat het om verzoening of om confrontatie?

Veel politici mogen dan in de gordijnen klimmen na het advies van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid om islamitische partijen in binnen- en buitenland het voordeel van de twijfel te gunnen als het gaat om democratie en mensenrechten - niet minister Bot van Buitenlandse Zaken. “Politieke islam is een realiteit waarmee we vaker geconfronteerd zullen worden naarmate moslim-landen democratischer zullen worden“, aldus de minister van CDA-huize vanmiddag bij het in ontvangst nemen van het rapport, dat gisteren in de publiciteit kwam.

Bot verwees naar zijn eigen reis onlangs naar Saoedi-Arabië en Qatar, op het hoogtepunt van de zogeheten “cartoon-crisis'. Aan diplomatieke dialoog schort het dus niet, al zijn de officiële diplomatieke banden met de Palestijnse organisatie Hamas dan nu tijdelijk verbroken. Maar ook daarvoor geldt, meent een diplomatieke bron, dat Europa en Nederland wel zoveel officieus contact met Hamas willen onderhouden, dat deze beweging alsnog in de gelegenheid wordt gesteld terreur als politiek middel af te zweren.

Bots reis naar Saoedi-Arabië was in de Nederlandse politiek niet onomstreden. In een land waar de grootste partij, het CDA, religieus geïnspireerd is en ook een nogal godsdienstige premier levert, heeft de ophef over het feit dat de WRR een minder krampachtige omgang met religieuze politieke groeperingen bepleit, wel iets merkwaardigs.

Datzelfde CDA probeerde overigens in een recent verleden nog om islamitische Nederlanders op grote schaal binnen de partij te halen, omdat islamieten tenslotte ook een soort confessionele medeburgers waren. Sinds het aantreden van Balkenende als partijleider in 2001 is van zulke gedachten echter niets meer vernomen. Hoezeer bij het CDA het tij gekeerd is, bleek uit recente uitlatingen van CDA-fractievoorzitter Verhagen. Deze stelde islamitische partijvorming in Nederland min of meer gelijk met antidemocratisch extremisme en opperde zelfs de mogelijkheid zulke partijen door de rechter te laten verbieden.

De sterkste oppositie tegen zulke partijvorming komt inmiddels uit de liberale VVD, waar men de scheiding tussen kerk en staat hoog in het vaandel heeft. Het Kamerlid Hirsi Ali (VVD) verkondigt zelfs de principiële onverenigbaarheid van islam met democratie en mensenrechten, maar deze lijn is ook binnen haar eigen partij sterk omstreden.

Ondanks veel huiver is de dialoog die de WRR bepleit al een feit: tenslotte is het ook een religieus geïnspireerde regeringspartij, waarmee Europa onderhandelt over toetreding van Turkije tot de EU. Afgezien van de Groep-Wilders misschien, wil geen partij Turkije of Albanië uit de EU houden omdat dat in meerderheid moslimlanden zijn.

politieke islam: pagina 3

hoofdartikel: pagina 7

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel Politiek tobt over islam (12 april, pagina 1) staat ten onrechte dat CDA-fractievoorzitter Verhagen islamitische partijvorming in Nederland min of meer gelijk heeft gesteld met anti-democratisch extremisme . Verhagen heeft zich wel in die zin uitgelaten over moslimpartijen die streven naar de invoering van de sharia.

    • Raymond van den Boogaard