Kom op, Jan!

Een jaar geleden heb ik besloten marathons te gaan lopen. Het is zondag en ik bevind me halverwege de marathon van Rotterdam. Ik ben doorgekomen met een tijd van 1:23. Nog een helft te gaan en ik begrijp waarom de meeste schrijvers ervan dromen dood te zijn, maar ik wil vandaag niet toegeven.

Het gaat zo licht, deze marathon - ik moet denken aan de dans van Nijinski en aan een gedicht van Lodeizen dat in Leiden aan een witte muur hangt - zo makkelijk, totdat het 25-kilometerpunt in zicht komt en de eerste misverstanden tussen lichaam en geest zich openbaren. Het lichaam sputtert, terwijl de geest met de moed der wanhoop dat fysieke beest opzweept nog meer te geven dan het al in zich had. Hardlopen is legaal jezelf mutileren en dat met instemming van de samenleving en de NOS.

Ik denk aan mijn vermoeide collega's die aangeslagen van een writer's block apatisch in cafés hangen en verlangen naar hun graf. Daar kunnen ze plaatsnemen zonder dat iemand hun nog vraagt of hun werk autobiografisch is. Op de Erasmusburg staat een van die straffe winden die je de duivel toewenst. Het publiek roept: 'Kom op, Jan!' Ik denk: wie is Jan? Welke Jan heeft zoveel vrienden langs de kant staan? Wij, de lopers, kijken elkaar aan. Jan is de Elckerlyc van de marathon. Iedereen in de Heilige Marathon is Jan. Amen.

Ik ben op weg naar mijn einde. Tijdens mijn looptraining maak ik doodsberichten van levende schrijvers. Mijn necrologieën zijn toevallig gekozen en dus democratisch. Een betere manier van concentratie heb ik nog niet gevonden. Bij de 30 kilometer begint het lichaam, veroorzaakt door de trilling waar het aan heeft blootgestaan, zijn bouten en moeren te verliezen. Ik loop streng, mechanisch verder, stapje voor stapje. Hardlopen biedt, net als schrijven, een ontsnapping uit de dood. Of anders gezegd: een toegang tot de vergetelheid. In de marathon en in het schrijven ben je niets. Je bent Jan. Je bent jezelf in stappen uitgeteld. Mijn tijd is 2 uur, 52 minuten en 25 seconden en Gerard Reve is dood.

Abdelkader Benali

Schrijver, geboren in Marokko, woont sinds zijn vierde in Nederland.

    • Abdelkader Benali