De Palestijnen praten alleen nog over geld

De Palestijnse minister van Financiën weet niet hoe hij het salaris van zijn ambtenaren moet betalen.

Inwoners van Ramallah vrezen voor sociale onrust.

In zijn studietijd in 'prachtig Amerika' leerde Hamas-minister van Financiën, Omar Abdel Razek (47), van sportcommentatoren de uitdrukking 'it ain't over until the fat lady sings'.

De spreekwoordelijke dikke dame heeft 'nog niet' gezongen voor 'de vindingrijke Palestijnen', maar de voormalige hoogleraar economie aan de An-Najah Universiteit van Nablus weet niet hoe hij de 160.000 ambtenaren, leraren, politieagenten, artsen en verplegers moet betalen. Laat staan dat hij de schulden van de Palestijnse Autoriteit van ongeveer 1,25 miljard dollar (totaal van leningen, achterstallige aflossingen en rentebetalingen) aan commerciële banken kan verlagen.

'Ik ben nog altijd verbijsterd over de omvang van onze financiële crisis als gevolg van mismanagement, wegvallende inkomsten en de ineenstorting van onze economie door de bezetting', vertelt de nieuwe minister, die wegens de talrijke checkpoints op de Westelijke Jordaanoever tijdelijk op eigen kosten in Ramallah woont en niet in zijn geboortestad Salfit.

De beslissing van de Europese Unie om direct politiek en diplomatiek overleg te verbieden en de begrotingssteun (ruim 30 miljoen dollar) te bevriezen heeft de Hamas-regering verbaasd: 'We hadden gerekend op meer tijd voor hervormingen en dialoog. Maar wat de EU nu doet is buitengewoon unfair en een vorm van economische oorlogvoering.'

Het wegvallen van de begrotingssteun - behalve van de EU, ook van de VS, Canada en Japan - in combinatie met de Israëlische bevriezing van Palestijnse douaneheffingen (60 miljoen dollar per maand) heeft geleid tot een acute begrotingscrisis. Gehoopt wordt op hulp van Saoedi-Arabië, Koeweit en de Verenigde Arabische Emiraten. Maar wanneer 'onze Arabische broeders' woorden hebben omgezet in daden, weet alleen Allah. Op bedelreis kan de minister niet, want hij mag van Israël de Palestijnse gebieden niet verlaten.

'We worden geboycot met als verondersteld doel de omverwerping van onze democratisch gekozen regering en parlement. Is dat wat bedoeld wordt met het democratiseren van het Midden-Oosten? Stel dat wij mislukken en wegzinken in een moeras. Wat gebeurt er dan? Hoe groter het Palestijnse isolement, hoe sterker Hamas wordt', zegt Abdel Razek.

Erkenning van Israël, de twee-statenoplossing, het afzweren van geweld, zijn voor de minister van Financiën de onderwerpen die hij graag eens zou bespreken met Europese collega's. 'Wij willen het principe van gelijk oversteken toepassen. Wij willen over alle kwesties praten, maar wij willen weten of Israël ook bereid is te praten over de deling van Jeruzalem, de compensatie van vluchtelingen, de grenzen, de muur en ontruiming van alle nederzettingen. Wat heeft het voor zin concessies te doen als wij daar niets voor terugkrijgen?', redeneert Abdel Razek.

Hij steunt de gewapende strijd in de Palestijnse gebieden, maar keurt aanslagen in Israël af. Hij bepleit een duidelijkere scheiding tussen Hamas als beweging en de Veranderings- en Hervormingslijst als politieke partij. 'Alle ministers die in Hamas actief waren, hebben hun activiteiten gestaakt. Ik ben nooit actief geweest in Hamas, al heb ik grote sympathie voor de beweging. Wat ik wil zeggen is dat wij politieke lessen aan het leren zijn en hebben geleerd.'

Het zijn ook politieke hervormingen die tijd vergen. Maar daar hebben onderwijzers en agenten en hun families op korte termijn weinig aan. 'Dat is waar. Maar de Palestijnen hebben daar begrip voor. Ze zijn gewend aan het leven onder grote druk.'

Daar kan Ahmed Afana (geboren in 1967), leraar Arabisch aan een middelbare jongensschool in Bir Naballah, zich wel iets bij voorstellen. Hij woont in het vluchtelingenkamp Qalandiya. Elke dag controleert hij of zijn maandsalaris van 500 dollar al op zijn rekening staat. Van het dagelijkse tv-nieuws wordt hij depressief.

Ahmed overweegt, na elf jaar voor de klas te hebben gestaan, taxichauffeur te worden. Het salaris van zijn vrouw, een lerares op een privé-school, gaat op aan boodschappen en de kinderen, zijn salaris gaat naar de hypotheekbank. 'Het wordt allemaal erg onzeker. De schulden beginnen te groeien. En ik denk dat het uitgesloten is dat Hamas onder internationale druk het beleid zal wijzigen. Ze maken zich totaal ongeloofwaardig.'

Luitenant van de verkeerspolitie Raed Udeh, gescheiden vader van drie kinderen en de enige kostwinner van de familie met zorg voor bejaarde ouders, kan het met zijn spaargeld en veel ritselen een paar maanden volhouden zonder zijn salaris van 450 dollar. Hij houdt van zijn werk in het centrum van Ramallah, waar hij bekend staat als 'de dansende agent'.

Udeh: 'Het spookt door je hoofd. Over iets anders dan geld en geldzorgen wordt er niet gepraat. Maar wat moet we anders doen. Ontslag nemen? Er is geen werk, er zijn al genoeg taxichauffeurs en groentehandelaren. En ik hou van mijn werk.'

In Ramallah, waar 60 procent van de werkende bevolking afhankelijk is van de Palestijnse Autoriteit, wordt dan ook gevreesd voor grote sociale onrust. Winkels op het plein waar Udeh heer en meester is, hebben hun omzetten al zien dalen met 25 tot 30 procent.

Drank en tabak uitgezonderd. In Hanania Stores, de beroemde waterpijpen- en tabakszaak, worden goede zaken gedaan. 'Hoe meer zorgen, hoe meer men rookt', bromt eigenaar Ahmed Hanania vanachter zijn kassa.