Zweven

“Roger de Vlaeminck en ik konden iets wat Tom Boonen niet kan, en dat is over de kasseien zweven.“ Aan het woord is Eddy Planckaert, de winnaar van Parijs-Roubaix in 1990. Roger de Vlaminck zegevierde in een nog grijzer verleden vier keer, wat zou betekenen dat hij een groter meester was in de levitatie dan Planckaert. Maar dat Tom Boonen niet kan zweven is natuurlijk onzin. Won die vorig jaar niet na een meesterlijke zweefpartij?

Kan Fabian Cancellara zweven? Me dunkt. Ik zag hem koersen, zondag. Cancellara leek van de keien geen weet te hebben. Als een tank in een Shock and Awe-therapie rukte hij op naar de wielerbaan van Roubaix. Toen vorige week bekend werd op welk materiaal hij zou rijden, wist ik genoeg. Een paar kleine aanpassingen, en verder vertrouwen op de benen - lekker ongecompliceerd.

De Vlaeminck en Planckaert hadden het makkelijk als het op materiaal aankwam. Veel was er niet te kiezen. Een iets langere voorvork in het frame, een paar dikkere banden om de velgen, en een extra rolletje lint om het stuur, dat was zo ongeveer het uiterste. De moderne renner verdwaalt in een woud van carbon, aluminium, magnesium en titanium. Hoe bouw je in godsnaam een fiets die én licht én sterk én schokabsorberend is.

Alessandro Ballan ging voor een frame van een ouderwetse staallegering. Staal buigt maar breekt niet, was de gedachte. Na een val stap je gewoon weer op. Ballan voegde zondag de daad bij het woord. Zijn Wilier bleek tegen een stootje te kunnen. Als er al iets had moeten breken dan waren het zijn botten geweest.

Boonen hield het bij carbon. Zijn Time was zover doorontwikkeld dat hij alleen geschikt was voor Parijs-Roubaix. Ingenieuze wikkelingen van de carbonmatjes hadden het frame op cruciale plaatsen versterkt. En alsof de constructeurs van Time de ongelukkige val van George Hincapie hadden zien aankomen, kozen ze voor een stalen vorkbuis op de verlengde carbon poten.

Ik vermoed dat het de laatste keer is geweest dat Hincapie met een aluminium vorkbuis door de Hel van het Noorden is getrokken. Maar ik kan niet anders zeggen dan dat hij mijn bewondering heeft afgedwongen. Iedereen zou bij een dergelijke buisbreuk als een zak zand tegen de keien zijn gekwakt. Hincapie niet. Hij richtte zich eerst op, en pas daarna - hij had geen keus - ging hij zijn stuurloze fiets achterna.

Een paar dagen voor Parijs- Roubaix testte Hincapie zijn speciale Trek, die van een vooruitstrevende techniek was voorzien: in de achtervork zat een subtiel veersysteem verwerkt. George kwam lyrisch van de keien. “I feel fresher, my hips and lower back are okay, I'm not fatigued.“ George dacht een beslissende voorsprong op de concurrentie te hebben genomen.

Gisteren is Hincapie naar de Verenigde Staten gevlogen. Ze gaan daar een plaatje tegen zijn sleutelbeen schroeven. Het zal een pijnlijke reis geweest zijn. Ik hoop dat hij niet te veel turbulentie heeft gehad. In elk geval bezat hij een soepele rug en heupen om de ergste schokken op te vangen.

    • Peter Winnen