Vogelgriep sluimert in Turkse hokken

De vogelgriep in Turkije is niet langer wereldnieuws, maar ze is niet verdwenen. Serhat Ühal, adviseur van het Turkse ministerie voor Volksgezondheid, voorspelt een lange strijd.

Een ambtenaar in Dogubayazit pakt ganzen om ze af te maken tijdens de uitbraak van de vogelgriep in Turkije die begin dit jaar vier levens eiste. Foto AP ** FILE ** A Turkish Agriculture Ministry employee exits from a coop with geese he collected poultry for culling in the eastern Turkish town of Dogubayazit, in this Friday, Jan. 13, 2006, file photo. A bird flu outbreak that killed four children in the month of January seems to have stabilized after authorities destroyed 1.5 million fowl to contain the virus, and no human cases have been reported since Jan. 18. But Turkey still faces a threat from the lethal H5N1 bird flu strain. Although it has not proved as deadly in Turkey as in East Asia, where more than half of those infected have died, U.N. experts warn that does not mean the virus was becoming less dangerous. A senior EU health official warned Friday Jan. 27 , 2006, that more Turkish cases of bird flu in humans are likely. (AP Photo/Murad Sezer/File) Associated Press

De cameraploegen zijn vertrokken uit Turkije, de vogelgriep is gebleven. Zoals in het dorp Hamit Kasabasi in de provincie Kirsehir. Op 21 maart gingen er zes kippen of kalkoenen aan dood, zo stond het afgelopen vrijdag in de nieuwsbrief van de OiE, de wereldorganisatie voor diergezondheid.

In het dorp Bahcecik in de provincie Yozgat waren er een dag eerder ook een paar besmette vogels, en zo gaat de lijst verder. Alleen al in de laatste week van maart waren er 24 uitbraken in acht provincies. Sinds 15 december, toen in Oost-Turkije de eerste dode vogels gemeld werden, zijn er in dit soort dorpen verspreid over het land tweeënhalf miljoen stuks pluimvee afgemaakt.

“Het is de natuurlijke gang van zaken“, zegt prof. Serhat Ünal. “Het zit in wilde vogels, dat kan overslaan. We kunnen niet alle tien miljoen kippen van particulieren afmaken. Hoe moeten we die eiwitbron vervangen?“ Ünal is infectieziektendeskundige aan het academisch ziekenhuis van de Hacettepe-universiteit in Ankara, en vogelgriep-adviseur voor het Turkse ministerie van Volksgezondheid. Zijn werkterrein werd rond de jaarwisseling wereldnieuws, toen twee tieners (een broer en zus uit de oostelijke regio Dogubayazit) overleden aan de H5N1-griep. In de twee daaropvolgende weken stierven nog twee mensen en werden er acht ziek.

Daar bleef het bij. Op het jaarlijkse Europese infectieziektencongres ECCMID in Nice had Ünal afgelopen week dan ook een positief verhaal voor zijn toehoorders. In januari begon de Turkse overheid via tv en kranten met een massale voorlichtingscampagne die mensen onder andere aanried kippenvlees te koken, zoveel mogelijk verpakte producten te eten en zieke dieren te mijden. “Het sociale bewustzijn is nu veel groter.“

Tijdens een gesprek, de volgende dag, maakt Ünal echter ook duidelijk op hoeveel praktische problemen een land als het zijne stuit bij de bestrijding. De situatie waarin Turkije zich nu bevindt - de vogelgriep leidt een sluimerend bestaan in particuliere kippenhokken - is kenmerkend voor veel landen en niet alleen buiten Europa. Sinds oktober produceert de OiE bijvoorbeeld ook vanuit Roemenië een constante stroom meldingen, en enkele weken geleden kwamen de eerste berichten uit Albanese dorpen.

Het trekt de aandacht niet, maar volgens de infectieziektenhoogleraar zal de huidige situatie nog lang voortduren. “Het kan vijf, zes jaar duren voor je de ziekte kwijt bent.“ Voor de landbouw is het een financiële last; van de bevolking vergt het continue oplettendheid om ziekte te voorkomen.

In de eerste maanden, toen er nog geen mensen waren gestorven, verliep de bestrijding stroef, vertelt Ünal. “In oktober 2005 begon het. Tweeduizend kalkoenen op een boerderij in West-Turkije dood in één nacht.“ Aan preventie was voor die tijd geen aandacht besteed. “Daarna werd er quarantaine ingesteld, levende kippen mochten niet op markten verkocht worden. Maar toen de boeren eenmaal het geld voor hun afgemaakte dieren terug hadden gekregen, begonnen we het te vergeten.“

Tests in wilde vogels wezen uit dat het virus die herfst in het land aanwezig bleef, en half december dook het weer op - nu in het oosten van het land. “Eind december probeerden we mensen op straat in te lichten, maar het was vakantie. En de regering zond voorlichtingsboodschappen uit op tv, maar dat werkte blijkbaar niet. In Oost-Anatolië zijn kippen een belangrijke eiwitbron. Bewoners verstopten ze voor de ruimers.“

Ook de lokale laboratoria stonden onder druk: in Ankara werden in de eerste twee weken meer dan driehonderd mensen getest. Ünal: “21 gevallen die in Turkije positief getest waren, konden uiteindelijk niet onafhankelijk worden bevestigd. We hadden haast, dan doe je niks aan kwaliteitscontrole. Elk uur belden er dokters op om te vragen of ze hun patiënten Tamiflu moesten geven. Godzijdank hebben we geen menselijke besmettingen over het hoofd gezien.“

Patiënten zijn er nu niet meer, er is een ophokplicht voor pluimvee. Maar wat Turkije verder met de kippen op de erven moet, blijft de vraag. Ünal: “We hebben overwogen om ze af te maken. In plaats daarvan zouden mensen oude legkippen kunnen eten van commerciële eierboeren, dachten we.“ Na veertig weken werden die vroeger levend op de markt verkocht, maar dat mag nu niet meer. “Dus wilden we die kippen ter plekke laten slachten. Maar nu blijkt dat ze niet in de machines van de slachterij passen, want die zijn berekend op kippen van zes weken. Het is een technisch probleem.“

    • Hester van Santen