Kopzorgen blijven voor waterpoloërs

Nederland is sinds zaterdag zeker van deelname aan het EK waterpolo in Belgrado.

Maar steunpilaren Arno Havenga (31) en Gerben Silvis (30) dreigen af te haken.

Aanvoerder Arno Havenga legt aan voor een schot in het verloren duel (7-9) tegen Griekenland. Foto WFA WFA30:EK-KWALIFICATIE WATERPOLO:EINDHOVEN;09APR2006- Vandaag vond in Zwemstadion De Tongelreep de EK-kwalificatie Waterpolo Heren plaats. Nederland strijdt samen met Moldavie, Polen en Griekenland om een felbegeerde plaats op het EK. Dit is de wedstrijd tegen Griekenland, welke met 9-7 werd verloren door NL. WFA/jvdh/str. Peter van den Oetelaar WFA WFA

Een van hun grootste supporters stapte zondag na afloop als eerste op hen af. Grijnzend beukte Pieter van den Hoogenband op de brede schouders van de Nederlandse waterpoloërs, die in de ogen van de zwemmer een felicitatie verdienden. Al jaren peddelt de ploeg tegen de stroom in, maar capituleren? Dat nooit. Zoveel strijdlust kan, ongeacht de tak van sport, per definitie rekenen op goedkeuring van de drievoudig olympisch kampioen.

Plaatsing voor het Europees kampioenschap, over minder dan vijf maanden in Servië en Montenegro, hadden de waterpoloërs een dag eerder al afgedwongen, dankzij een monsteroverwinning (17-3) op het nietige Moldavië. Maar op de slotdag van de driedaagse in Eindhoven wist de nationale ploeg de schade beperkt te houden tegen toernooiwinnaar Griekenland, een van de toplanden in het mondiale waterpolo: 7-9. En ook dát was Van den Hoogenband niet ontgaan.

Het dappere verweer tegen de Hellenen, vorig jaar derde bij het WK in Montreal, leidde naderhand tot voorzichtig optimisme langs de badrand van het nationale zwemcentrum. Niet alleen was de in topsportkringen heilige A-status bij sportkoepel NOC*NSF gewaarborgd, het vertoonde spel bood aanknopingspunten voor de nabije toekomst, meende bondscoach Johan Aantjes. 'We houden ons goed staande tegen een van de toplanden, dus dat zegt wat over de potentie van deze groep.'

Maar op steun van de eigen zwembond hoeft Aantjes, twee maanden geleden teruggekeerd als hoofdcoach, niet te rekenen. Bij gebrek aan prestaties gaat het beschikbare geld voor de topsport de komende jaren naar het zwemmen en - pijnlijk genoeg - naar de waterpolosters, die zich afgelopen weekend in Nancy eveneens plaatsten voor de Europese titelstrijd in Belgrado. Desondanks hoopt Aantjes de komende weken zowel de bond als NOC*NSF alsnog te overreden om zijn spelers, drie jaar geleden voorlaatste bij het EK in Slovenië, niet aan hun lot over te laten. 'Ik hoop dat we hier de afgelopen dagen goodwill hebben gekweekt, en dat men beseft dat er in de aanloop naar het EK geïnvesteerd moet worden in een degelijk voorbereidingsprogramma.'

Tot die tijd moet de oudste olympische teamsport het in Nederland hebben van, aldus Aantjes, 'enkele enthousiastelingen à la Pieter van den Hoogenband'. Die schoot de ploeg vorige week te hulp, toen bleek dat de armlastige zwembond de poloërs tijdens hun verblijf in Eindhoven had ondergebracht in een jeugdherberg. Grotendeels op zijn kosten verhuisde de selectie naar een viersterrenhotel in het centrum van de stad.

Natuurlijk: zijn zes jaar jongere broer Robert maakt deel uit van de ploeg, en van een paar nachtjes in een jeugdherberg is geen topsporter slechter geworden, weet VdH uit eigen ervaring. Maar Van den Hoogenbands genereuze gebaar moest vooral worden uitgelegd als 'een signaal aan de beleidsmakers', want: 'Topsport betekent het invullen van randvoorwaarden, en dus moet je dat doen'.

Maar kom daar eens om in Nederland. Gerben Silvis, met acht treffers (in drie duels) topscorer in Eindhoven, is het gevecht om erkenning zo langzamerhand beu. 'Wij investeren in het Nederlands waterpolo, het wordt tijd dat het Nederlands waterpolo ook eens in ons gaat investeren', mokte de 30-jarige waterpoloprofessional van het Griekse Vouliagmeni zondag. 'De Fransen krijgen een tegemoetkoming als ze met de nationale ploeg op pad zijn. Wij krijgen niets, wij moeten er geld op toeleggen.'

Silvis, al tien jaar lid van de nationale selectie, twijfelt dan ook of hij zich nog langer beschikbaar moet stellen. Deelname aan het EK is voor hem geen uitgemaakte zaak. Waterpolo is en blijft, alle potentie ten spijt, het stiefkindje van de Nederlandse topsport. 'Ik word een dagje ouder, dus dat speelt ook mee. Maar het meest frustrerend is nog wel dat wij ons al jaren niet optimaal kunnen voorbereiden, omdat we de middelen niet hebben om mensen vrij te stellen van hun maatschappelijke verplichtingen. Dus zijn we vrijwel nooit compleet of moeten mensen eerder weg bij de training, en moeten zij zich druk maken over de vraag of ze nog benzine moeten tanken.'

Mede door de beperkte mogelijkheden heeft aanvoerder Arno Havenga (31) inmiddels voor zekerheid gekozen. Na een vijfjarig profavontuur bij Olympic Nice in Frankrijk keert de linkshandige routinier binnenkort terug naar Nederland om per 1 juni parttime in dienst te treden als manager van de waterpolosters. 'Alleen als de programma's van de mannen en de vrouwen elkaar niet bijten, doe ik mee aan het EK.'

Gemengde gevoelens overheersten gisteren dan ook bij de geboren Rotterdammer, na vermoedelijk zijn laatste van de ruim driehonderd interlands die hij sinds 1994 speelde voor de nationale ploeg. 'Ik ben ervan overtuigd dat we meer kunnen, maar ik moest een maatschappelijke keuze maken.'

Aantjes hoopt in september alsnog een beroep te kunnen doen op Havenga, om 'een speler van zijn kaliber het afscheidspodium te bieden dat hij verdient'. Maar is er leven na het al dan niet gedwongen vertrek van zijn steunpilaren? 'Ik zou er niet ingestapt zijn als ik het idee had dat ik aan een dood paard ging trekken. Ik heb de laatste jaren met de jeugd gewerkt, dus ik weet wat eraan zit te komen. Verder moet ik vooral creatief zijn.' Desnoods zonder Havenga en Silvis. 'We zijn niet afhankelijk van één of twee spelers. Dat zou te denken geven.'

Silvis op zijn beurt hoopt volgende maand 'een positief geluid' te vernemen, wanneer hij aanschuift voor een gesprek met Aantjes. Zo niet, dan haakt ook hij af. En gaat de aanvaller komende zomer alleen waterpoloën tegen betaling op Malta. Op het eilandje in de Middellandse Zee geldt waterpolo wel als een volwaardige A-sport, met alle bijbehorende randvoorwaarden vandien.