Gesponsorde burgers

Europees geld gaat vooral naar steden.

Het effect van de subsidies blijft onduidelijk.

Vooroordeel verdwenen Wie: Fiorenza de Heer (20), studente aan de Rijksakademie van beeldende kunsten in Amsterdam. Wat: nam in september 2004 deel aan het door Brussel gesubsidieerde uitwisselingsproject ‘ (In)Securities Exposed’ en organiseerde zelf een vervolguitwisseling. „Een vriendin organiseerde de uitwisseling naar Turijn. Er waren jongeren bij uit Frankrijk, Italië, Spanje en Nederland. Elke cultuur brengt onzekerheden met zich mee. Italianen bijvoorbeeld staan bekend als corrupt. Doordat je andere culturen van nabij leert kennen, worden zulke vooroordelen weggenomen. De eerste uitwisseling ging over eetgewoontes en over de vraag of moeders moeten werken. Tijdens de laatste uitwisseling zijn we daar dieper op ingegaan. Omdat je niet met taal kunt communiceren, moet je je erg openstellen voor een ander. De eerste ochtend begon met een potje voetbal. Aan het einde van de uitwisseling kwamen culturele verschillen aan de orde en durfden de jongeren elkaar kritische vragen te stellen. Uiteindelijk werd zelfs over het homohuwelijk gediscussieerd." Foto Jorgen Krielen ©J¿rgen Krielen\Amsterdam 10-04-2006/ Fiorenza de Heer Krielen, Jorgen

De Europese Commissie zelf drukt het voorzichtig uit. 'Enige afstand' bestaat er volgens het dagelijks bestuur van de EU tussen burgers in Europa en de Europese instellingen. In werkelijkheid zijn vriend en vijand het erover eens dat eerder sprake is van een gapend gat. Het Europees Parlement is zich hier ook van bewust en heeft de titel van het Commissievoorstel 'Burgers voor Europa', waarin plannen worden gepresenteerd om het 'Europagevoel' te stimuleren, veranderd in 'Europa voor de burgers'.

Het Parlement besliste eind vorige week dat hiervoor de komende zeven jaar 235 miljoen euro beschikbaar komt. Het grootste deel gaat naar grensoverschrijdende samenwerking tussen gemeenten (stedenbanden) en naar burgers die zelf Europese initiatieven ontwikkelen.

Ook maatschappelijke organisaties zoals vakbonden, en onderzoeksinstituten ontvangen geld. Bij andere Europese programma's, zoals het jongerenuitwisselingsprogramma JEUGD, behoort stimulering van Europees burgerschap eveneens tot de doelstellingen. Daarbovenop heeft de Nederlandse regering meer subsidies verstrekt om de liefde voor Europa aan te wakkeren. Deze week wordt bekend welke projecten een deel van de 2,5 miljoen euro uit het Europafonds ontvangen.

Evelien Tonkens, bijzonder hoogleraar Actief Burgerschap, onderschrijft de noodzaak van de subsidies. 'De Europese Unie heeft zich ontwikkeld over de hoofden van de mensen heen. Als je op economisch en politiek gebied zo nauw samenwerkt, moet je daar ook een sociale component aan toevoegen. Als het de mensen ontbreekt aan middelen om zich Europeaan te voelen, gaan ze zich in toenemende mate verzetten en zich steeds meer beroepen op hun nationale identiteit.' Ze denkt dat bij uitvoering van 'Europa voor de burgers' vooral de lagere sociale klassen moeten worden bereikt. Zij stemden vorig jaar in meerderheid tegen de Europese Grondwet. 'Die stedenbanden zijn bijvoorbeeld hele aardige uitwisselingsprojecten', aldus Tonkens.

Zelfs eurocriticus Erik Meijer, lid van het Europees Parlement voor de SP, staat niet afwijzend tegenover het nieuwe Europese subsidieprogramma. Meijer: 'Projecten als stedenbanden, daar heb ik niets op tegen. Maar het is een illusie te denken dat meer geld ook meer waardering voor Europa betekent. Die waardering staat of valt met het nut dat de EU heeft in de ogen van de burger en wordt ondergraven als mensen veel hinder van Europa ondervinden.'

Over de effecten van het Europese subsidiegeweld is weinig bekend. In een brief aan de Tweede Kamer, een jaar geleden, schreef het kabinet dat de Europese Commissie niet inging op de vraag 'of interculturele uitwisselingen en grensoverschrijdende projecten daadwerkelijk bijdragen tot de ontwikkeling van een gevoel van Europese identiteit'.