Vissen tussen bommen en mijnen

Vorig jaar april kwamen drie vissers om door een vliegtuigbom in hun netten. Nu gooien ze de mijnen niet meer terug, maar melden ze iedere vondst bij de marine.

De bemanning van Hr. Ms. Haarlem maakt vrijwel dagelijks bommen en mijnen onklaar die op de bodem van de Noordzee liggen. De explosieven zijn een erfenis van de Tweede Wereldoorlog toen piloten hun lading moesten afwerpen voordat ze terugvlogen naar Engeland. Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold den helder 06-04-2006 een dag aan boord mijnenveger de haarlem foto rien zilvold Leger Marine Zilvold, Rien

De stuurhut van Hr. Ms. Haarlem, 's middags half twee, midden op de Noordzee. 'Vijf, vier, drie, twee, één', klik. Commandant Rick van Kampen van mijnenjager Hr. Ms. Haarlem leunt achterover in zijn stoel. Even is alles stil. Dan een oorverdovende knal, gevolgd door een tweede explosie, iets minder hard. Het schip trilt kort maar hevig. 'Een klein vliegtuigbommetje', constateert Van Kampen stoïcijns.

Sinds op 6 april 2005 drie vissers uit het Zuid-Hollandse Ouddorp om het leven kwamen nadat zij met hun netten een Amerikaanse vliegtuigbom hadden opgevist, hebben de mijnenjagers van de marine het druk. Vóór het ongeluk meldden de vissers zo'n veertig bommen per jaar. Het jaar erna is dat aantal vertienvoudigd: 392.

Twee van de tien mijnenjagers houden zich nu dagelijks bezig met het onschadelijk maken van deze mijnen en vliegtuigbommen. De operatie - 'Beneficial Cooperation' - is nog lang niet afgerond. De Noordzee ligt bezaaid met mijnen en vooral met vliegtuigbommen, doordat Britse bommenwerpers in de Tweede Wereldoorlog niet in Engeland mochten landen met de bommen nog aan boord. De overtollige projectielen werden door de piloten geloosd boven de Noordzee.

Aan boord van de Haarlem maakt de 21-jarige Marijn Verdult zich klaar om het water in te gaan en een getraceerde bom onschadelijk te maken. Eigenlijk gebruikt de bemanning hiervoor bij voorkeur een zogeheten Poission Auto Propulsé (PAP), een op afstand bestuurbaar, onbemand onderwatervoertuig dat een springlading naast de bom plaatst. Vervolgens wordt de bom of mijn op afstand tot ontploffing gebracht. Dat kan nu niet omdat het voertuig in reparatie is. En dus moet een duiker de springlading nabij de bom aanbrengen. Marijn Verdult heeft pas vijf dagen geleden zijn opleiding afgerond. Maar nerveus is hij niet. 'Ik heb het vaak genoeg geoefend', zegt hij. Met nepbommen, dat wel. Die gaan nooit voortijdig af.

De mijnenjagers hebben het afgelopen jaar 262 bommen en mijnen onschadelijk gemaakt. Bijna iedere dag komen er nieuwe meldingen van bommen en mijnen binnen. Dat was voorheen anders. Toen zetten de circa 350 Nederlandse vissers die op de Noordzee actief zijn, de opgehaalde explosieven gewoon weer snel over boord. 'Maar na het ongeluk met het schip uit Ouddorp zijn de marine en de vissers met elkaar om de tafel gaan zitten. Pas toen werd de ernst van de situatie ingezien', vertelt commandant Van Kampen. Weliswaar kregen de vissers voor die tijd al een beloning van 181,51 euro per explosief, maar dat bedrag woog in hun ogen nauwelijks op tegen de moeite. In veel havens mag een schip niet naar binnen met explosieven aan boord en moest de bemanning dus wachten tot de mijnenveger van de marine kwam om de gevonden bom onschadelijk te maken. De vissers vonden dat zonde van de tijd.

Inmiddels is de samenwerking tussen de marine en de vissers sterk verbeterd. Het is eenvoudiger geworden om meldingen te doen en de procedures zijn helderder. Ook hebben de vissers van de marine reflectoren gekregen die ze aan een opgeviste bom kunnen bevestigen. Wanneer ze de bom vervolgens weer in zee gooien, kan het explosief door de sonar van de mijnenjager gemakkelijk worden teruggevonden.

Boven op het dek van Hr. Ms. Haarlem is duiker Marijn Verdult weer aan boord gehaald. Rustig zit hij even later op een tros scheepstouw een sjekkie te roken. Aan niets is te zien dat hij net op 21 meter diepte achttien kilo TNT aan een vliegtuigbom heeft bevestigd. Eigenlijk was het precies zoals op de opleiding, op de nepbom na. 'Deze was echt', grijnst hij.

    • Patee van Zweden