Toch nog een klein beetje nadenken bij Rai-Nabucco

Voorstelling: Nabucco van G. Verdi met wisselende casts door Viable Entertainment, The Opera Philharmonic en Viable Opera Koor olv Jan Stulen. Regie: Cox Habbema. Gezien: 7/4 Rai Theater Amsterdam. Herh.: t/m 28/4. Res.: www.viable.nl; (0297) 520238.

Het beste dat men kan zeggen van Verdi's Nabucco in het Amsterdamse Rai Theater is dat de voorstelling van de nieuwe 'Hollandse Volksopera' er uit ziet als die in een wat ambitieus Italiaans operatheater in een provinciestad. Een onvoorstelbaar ouderwetse enscenering wordt hier gecombineerd met enige eigentijdse vernieuwing van het decor. Want op de achtergrond zijn er videobeelden die het bijbelse drama situeren in het Assyrië van koning Nebukadnezar, die het joodse volk gevangen houdt.

Zo ziet het publiek voor de eerste opkomst van Nebukadnezar hem al te paard op zich afstormen. En het beroemde Slavenkoor wordt hier gezongen aan de oevers van de de rivier de Eufraat, lieflijk begroeid met weelderig groen. Het projectiescherm is de moderne versie van het 19de eeuwse geschilderde sfeervolle achterdoek. En zo oogt deze Nabucco, Verdi's eerste succes uit 1842, toch ook weer antiek in de regie van Cox Habbema.

Dat is ook de bedoeling van producent Saim Simsek, die met vier producties per jaar opera wil brengen met Nederlandse zangers en zonder regisseur die het publiek aanzet tot hinderlijk nadenken.

De bewegingen van het koor zijn inderdaad voorspelbaar symmetrisch, de gebaren van de zangers zijn de bekende cliché's, voor de hoofdrollen zijn er fraaie kostuums van Aziz Bekkaoui. Maar toch moet nog worden nagedacht. Aan het begin toont de video twee vechtende jongens. Dat moeten Kain en Abel zijn, in de bijbel de uitvinders van de broederstrijd, die wordt uitgebeeld in Nabucco.

Habbema verschaft helaas geen spektakel. Nebukadnezar komt niet te paard het toneel op. En tijdens het Slavenkoor blijft het volk volkomen bewegingsloos liggen, ook bij dat crescendo waarbij men verwacht dat de joden opstaan en hun armen ten hemel verheffen.

De Rai-akoestiek is ongenadig en laat de klank van orkest en koor nauwelijks mengen. Het leek wel of de bus met bassen nog in de file stond. Muzikaal en vocaal is de voorstelling ook nogal wisselvallig, waarbij de krachten van een aantal solisten soms al te duidelijk moeten worden verdeeld.

Er zijn verschillende casts en tijdens de première groeide Ernst-Daniel Smid in de titelrol slechts langzaam naar enige dramatiek die met een onmiskenbaar forte kon worden ondersteund. Naast de Zaccaria van Henk Smit, inmiddels een beschermd monument van opera in Nederland, zijn er niet meer dan redelijke rollen van Francis van Broekhuizen (Fenena) en Harry van der Plas (Ismaele).

De Amerikaanse Janice Dixon voldoet echter meestal ruimschoots als de gefrusteerde slavin Abigaille.

    • Kasper Jansen