het beeld

Het is gezien, het is niet onopgemerkt gebleven, maar helemaal van harte ging het nu ook weer niet. Zondagmiddag om twaalf uur meldde Iwris Kelly in het NOS Journaal de dood van de volksschrijver met de woorden: 'Gerard Reve was voor sommigen een van de belangrijkste en spraakmakendste schrijvers van de twintigste eeuw'. Kennelijk voor de meesten dus niet.

Ned.3 (VARA/VPRO/NPS), Buitenhof, 9 april, 12.20u.

De door politiek-correcte slagen om de arm ingegeven zuinigheid werd in het bulletin van acht uur enigszins getemperd. Voor- en tegenstanders waren nu in evenwicht en Jeanet Schuurman beschreef Reve met de woorden: 'Voor de een een godslasteraar en racist, voor de ander een groot schrijver.' Ook in het late journaal waren er 'uiteenlopende reacties' op het overlijden van de schrijver die 'gelauwerd en verguisd' was.

Het was wel een geluk bij een ongeluk dat het trieste nieuws op een zondag bekend werd. Dat is namelijk de dag dat bij de publieke omroep mensen als Herman Wijffels (Buitenhof) en Francis Fukuyama (Tegenlicht) langer dan vijf minuten aan het woord mogen komen en er zelfs ruime aandacht is voor kunstenaars. Bovendien hebben er dan redacties piketdienst, die bereid en in staat zijn hun plannen te wijzigen. In Buitenhof mocht Reve-collectioneur Diederik van Vleuten een kroontjespen komen tonen - een merkwaardig ontroerend moment - en gooide Désanne van Brederode haar column om. Daarna werd journalist Tom Rooduijn ondervraagd in NPS Arena.

Het echte vuurwerk barstte 's avonds los, met anderhalf uur rechtstreekse gesprekken in een speciale editie van Woestijnruiters (VARA), samen met de redacties van Nova en Andere tijden. Daar zat zo ongeveer iedereen die je wilde horen over Reve, van biograaf Nop Maas tot journalisten Maartje van Weegen en Ad Franssen, van Thom Hoffman die Frits van Egters speelde, tot criticus Hans Goedkoop. Er waren verbindingen met Machelen aan de Leie met weduwnaar Joop Schafthuizen en met Rome, waar de ooit romantisch-decadente priester Antoine Bodar nu woont.

Het was een voorbeeldige uitzending. De enige onvertogen woorden, van uitgever Wouter van Oorschot, golden Reve's aartsvijand Harry Mulisch. Toen er naar Van Oorschots smaak te lang werd stilgestaan bij het vermeende racisme van Reve, begon hij terug te slaan in de richting van Mulisch' nooit herroepen liefde voor Cuba en zich hardop af te vragen waarom Mulisch eigenlijk daar zat.

Zeer deftig reageerde Mulisch niet. Op de vraag aan Bodar of Reve in de hemel zou komen, antwoordde de geestelijke daar niet over te gaan, maar verwachtte wel dat het zou afhangen van Petrus' gevoel voor humor. Dat was het juiste moment voor Mulisch om iets aardigs te doen. Hij zei dat als er iemand in de hemel zou komen, het Joop Schafthuizen was, voor de trouwe verzorging van zijn levensgezel. Maartje van Weegen steunde die motie, maar Joop zei aan de telefoon persoonlijk niet zo in een hiernamaals te geloven.

Wie later keek naar de herhaling van het uitstekende interview van Bodar (in 1991 nog geen priester) met Reve, kan vermoeden dat die het ook niet zo had op een leven na de dood. Wel op Maria, de Grote Oermoeder van 'die zenuwlijer' van een Zoon: 'Zij heeft de macht, Hij heeft geen moer te vertellen.'