Lokaas voor de lezer

Welke boeken zijn aanraders voor beginnende en geoefende lezers? Welke leeslijstklassiekers hebben de 'literaire X-factor'? Een tweewekelijks rondje langs de eeuwige jachtvelden van de wereldfictie brengt Pieter Steinz bij And Then There Were None van Agatha Christie

MOORDVROUW: Agatha Christie thuis in Devonshire, 1946 This picture taken in March 1946 shows English writer Agatha Christie, in her home, Greenway House, in Devonshire. Thirty years after her death on January 12, 1976, British linguistics experts reckon they have solved part of the puzzle as to how she came to sell an estimated two billion books worldwide. Agatha Christie, born Miller (1890-1976) in Torquay, Devon, wrote, under the surname of her fist husband Colonel Archibald Christie (divorced in 1928) more than 70 detective novels featuring the Belgian detective, Hercule Poirot, or the inquiring village lady, Miss Marple. In 1930, Christie married Max E. L. Mallowan (1904-1978; knighted in 1968), professor of archaeology at London University (1947-78), with whom she travelled on several expeditions. Several of her stories have become popular films, such as "Murder on the Orient Express" (1974) and "Death on the Nile (1978). Christie was made a dame in 1971. AFP

'Een kunstenaar in de misdaad' noemt de moordenaar zichzelf in Agatha Christies And Then There Were None. 'Het was mijn ambitie om een moordmysterie te ontwerpen dat niemand kon oplossen', schrijft hij in de epiloog. 'Maar geen kunstenaar, besef ik nu, leeft bij kunst alleen. Er is een natuurlijke hang naar erkenning die niet te weerstaan is.'

Het is een citaat dat niet alleen een kijkje geeft in de geest van iemand die de perfecte misdaad pleegt, maar dat ook raakt aan de kern van Christies schrijverschap. De Queen of Crime specialiseerde zich in puzzeldetectives die iedere lezer op een dwaalspoor moesten zetten. Aan het eind van haar lange leven had ze er 66 geschreven; de helft met de superspeurder Poirot in de hoofdrol, een kwart rondom de eigenzinnige Miss Marple. Maar de verhalen waarin je op driekwart van het boek al weet wie de dader is, zijn op de vingers van één hand te tellen. De clues die Christie geeft - en die geeft ze altijd - zijn zó verborgen dat de lezer als vanzelf in de val (de mousetrap, zou je bijna zeggen) loopt die de schrijfster heeft opgesteld.

Zo ook in And Then There Were None, een roman van Christie waarin geen bekende speurder meespeelt, zodat de spanning meer opgevoerd kan worden dan in de gemoedelijke Poirot- en Marpleverhalen. Natuurlijk is het 't beste om zo min mogelijk over de plot te zeggen. Tien mensen met een misdaad op hun kerfstok worden naar een onbewoond eilandje voor de kust van Devon gelokt, alwaar ze een voor een worden vermoord. Wie is de mol? zouden we tegenwoordig zeggen, en het mooie is dat het antwoord op die vraag bij iedere nieuwe moord steeds makkelijk wordt. Of lijkt te worden

Christies recept in And Then There Were None - een moordenaar werkt een tot de verbeelding sprekend lijstje af - is beproefd; maar we mogen niet vergeten dat Dame Agatha er zo ongeveer de uitvinder van is. In dit geval laat de geheimzinnige wreker zich leiden door een klassiek aftelrijmpje, dat in Nederland bekend is als 'Tien kleine negertjes'. In Engeland heette zowel het versje als de roman oorspronkelijk 'Ten Little Niggers', een titel die begrijpelijkerwijs veranderd is - eerst in Ten Little Indians en na hernieuwde kritiek in And Then There Were None. De spanning in het boek wordt verhoogd doordat er telkens een porseleinen poppetje kapot blijkt te zijn wanneer er een moord is gepleegd, maar in tegenwoordige versies zijn dat soldaatjes geworden. Het zou me niet verbazen als in de eerste druk uit 1939 het eiland des doods ook geen Soldier Island heet.

In een Engelse televisiedocumentaire, die onlangs door de Avro werd uitgezonden, probeerden wetenschappers te verklaren waarom lezers de boeken van Agatha Christie niet weg kunnen leggen. Hun theorieën varieerden van 'ze schrijft zo eenvoudig' tot 'lezers houden van vaste patronen' en 'ze hypnotiseert ons met een bombardement aan details en personages, zodat we in een trance raken'. Dat wisten we natuurlijk al. Niets in Christies stijl houdt het tempo van het verhaal op (Dan Brown heeft veel van haar geleerd) en o, wat is het heerlijk te weten wat je te wachten staat en vervolgens tóch verrast te worden. Zodat je na het lezen van de laatste pagina als vanzelf weer teruggaat naar het begin om te zien waar je op het verkeerde been bent gezet.

Reacties: steinz@nrc.nl
    • Pieter Steinz