‘Market Garden was gewoon een slecht plan’

Anthony Beevor De poging van de geallieerden om in september 1944 de grote rivieren in bezet Nederland over te steken was zinloos en wreed, legt de Britse historicus Anthony Beevor uit in zijn nieuwe boek. ‘Veldmaarschalk Bernard Montgomery leed aan een vorm van asperger.’

Nederland, Amsterdam, 25-04-2018. Portret van Antony Beevor, een Britse schrijver en historicus, die onder andere bekend is door zijn werken over de Tweede Wereldoorlog. Foto: Andreas Terlaak Andreas Terlaak

Gruwelijk, bloedig, wreed: Antony Beevor wil de oorlog beschrijven zoals hij echt is. Niet de geromantiseerde oorlog van de film, niet het jongensboekenverhaal zoals het in de decennia na de Tweede Wereldoorlog werd verteld. „Als militair historicus moet je oppassen dat je geen oorlogsporno creëert waarin je je verliest in de esthetiek van het geweld, maar het is een net zo grote zonde als je de verschrikkingen van de strijd verbloemt.”

Beevor (1946) heeft een lange reeks historische bestsellers op zijn naam staan. Zijn boeken over Stalingrad, de slag om Berlijn, Normandië en het Ardennenoffensief zijn in tientallen landen verschenen. Dit voorjaar verscheen zijn boek over operatie Market Garden.

In september 1944 probeerden de geallieerden tijdens deze operatie met luchtlandingen bij Eindhoven, Nijmegen en Arnhem de bruggen over de grote rivieren te veroveren. Via deze corridor moesten de tanks van het 30ste Korps binnen enkele dagen doorstoten naar Arnhem, om na het oversteken van de Rijn het Ruhrgebied aan te vallen. Het plan mislukte echter, en vooral de Britse 1ste Luchtlandingsdivisie leed bij Arnhem enorme verliezen voordat de gehavende restanten zich terugtrokken op de zuidelijke oever van de Rijn.

Voor wie bekend is met de film A Bridge Too Far en het gelijknamige boek van Cornelius Ryan dat eraan ten grondslag ligt, is Beevors De slag om Arnhem een koude douche. In plaats van Britse humor, stiff upper lips en nonchalante opofferingsgezindheid, wordt de lezer geconfronteerd met zinloos sterven, psychische inzinkingen en wreedheid. En dat laatste niet alleen van de kant van de Duitsers. Ook de geallieerden schoten krijgsgevangenen dood, en met name de Amerikanen plunderden naar hartelust Nederlandse woningen.

Dat De slag om Arnhem een bij tijd en wijle schokkend boek is, maakt het nog geen onprettige leeservaring. Beevor wisselt met het voor hem kenmerkende gemak tussen het schuttersputje van de soldaat en de kaartentafel van de generaal en laat tal van ooggetuigen aan het woord. Ook voor wie er al het nodige weet over Market Garden, biedt zijn boek voldoende nieuws.

Waarom schrijft u pas zo laat aan een boek over de slag om Arnhem? Is dit niet bij uitstek dé Britse veldslag uit de Tweede Wereldoorlog, omdat hij eindigde in een heroïsche nederlaag?

„Ik had het liefst eerst nog een boek over het beleg van Leningrad uitgebracht, maar ik ben huiverig om naar Rusland af te reizen om daar onderzoek te doen. In mijn boek over de slag om Berlijn besteedde ik uitgebreid aandacht aan de massaverkrachtingen van het Rode Leger in Duitsland. De Russische minister van Defensie maakte daarop bekend dat op het bezoedelen van de goede naam van het Rode Leger vijf jaar gevangenisstraf stond. Geen idee of ze me echt zouden oppakken als ik aankom op het vliegveld, maar met het Rusland van nu neem ik liever geen risico’s.

„Maar de slag om Arnhem is om de reden die u noemt – de mythe van de heroïsche nederlaag – inderdaad een zeer Britse slag, waarover ik graag wilde schrijven. Ik ergerde me al heel lang aan de wijze waarop operatie Market Garden voortleeft in het collectieve geheugen. Het idee bestaat nog altijd dat het mislukken van de operatie vooral een geval van pech is geweest: als dit of dat maar nét iets anders was gelopen, dan was het de vanuit België oprukkende grondtroepen gelukt de Britse parachutisten bij de Rijnbrug in Arnhem te bereiken. Dat is onzin: het was gewoon een slecht plan. Er is gefaald vanaf het begin, en vanaf de hoogste bevelhebbers. Operatie Market Garden kon alleen maar mislukken.”

In uw boek over de slag om Normandië uitte u al forse kritiek op de Britse veldmaarschalk Montgomery. En nu weer.

‘De Duitsers waren mentaal harder. De Britten hadden geleerd te sterven, niet te doden.’

„Dat klopt, Monty was samen met Frederick ‘Boy’ Browning, de bevelhebber van het Britse 1ste Airborne Corps, de hoofdschuldige van de mislukking van deze operatie. Montgomery trachtte met Operatie Market Garden de geallieerde strategie naar zijn hand te zetten. Er was een permanente strijd aan de gang tussen hem en zijn Amerikaanse collega’s Omar Bradley en George Patton over wie de meeste voorraden voor zijn troepen wist te regelen. Vooral aan brandstof was een groot gebrek. Die moest helemaal vanuit de havens in Normandië worden aangevoerd. De geallieerden hadden begin september de haven van Antwerpen veroverd, maar die was nog niet te gebruiken omdat de monding van de Schelde nog in handen was van de Duitsers. Maar dat interesseerde Monty niks. Hij zei: geef mij alle voorraden, dan steken mijn tanks met hulp van parachutisten in Nederland de grote rivieren over. Dat dit zou betekenen dat de Amerikanen voorlopig met hun duimen moesten draaien, vond hij prima.”

Churchill was een voorstander van Market Garden, maar ook bij de Britten waren kritische geluiden te horen.

„Churchill was van de finesses niet op de hoogte, maar stemde er uit ijdelheid mee in. Met zo’n waagstuk zouden de Britten bewijzen dat ze niet het kleine broertje van de Amerikanen waren.

„Het klopt dat er ook kritische geluiden klonken, bijvoorbeeld van admiraal Bertram Ramsay, de bevelhebber van de invasievloot van D-Day. Maar Monty deed niks met die kritiek. Hij leed volgens mij aan een vorm van asperger. Hij kon van elk probleem maar van één kant bekijken: de zijne. Alle tegenargumenten drongen niet tot hem door.”

Was het niet de taak van Dwight Eisenhower, de Amerikaanse opperbevelhebber, om alle argumenten tegen elkaar af te wegen en dan de juiste beslissing te nemen?

„Ja, en je kunt zeggen dat hij Montgomery beter in de gaten had moeten houden. Monty had hem een plan voorgehouden en Eisenhower was akkoord gegaan. Geheel volgens de Amerikaanse manier van leidinggeven had hij de praktische planning en uitvoering aan zijn ondergeschikten overgelaten. Als hij wat meer toezicht had gehouden, had hij kunnen zien dat de oorspronkelijke plannen onrealistisch waren.

„Hier speelde Browning een kwalijke rol. Hij hoorde vrijwel meteen dat het niet zou lukken om twee droppings per dag te doen, maar slechts één. Verder bleek het niet mogelijk om zweefvliegtuigen aan de grond te zetten in de buurt van de brug bij Arnhem. Volgens de luchtmacht was de dichtstbijzijnde geschikte plek zo’n tien kilometer van de brug af. Dit betekende dus dat er én niet genoeg troepen aan de grond konden worden gezet de eerste dag, én dat de aanval op de brug geen verrassing meer zou zijn. Zodra Browning dit wist, had hij moeten onderkennen dat de aanval niet kon doorgaan. Maar hij verzuimde bewust om wat met deze kennis te doen. Hij wilde té graag dat zijn troepen in actie kwamen: straks was de oorlog voorbij en had hij ze niet kunnen gebruiken. Ik denk dat hij de rest van zijn leven gekweld is door een enorm schuldgevoel. Hij heeft nooit meer gesproken over de slag om Arnhem en is aan de drank geraakt. Het feit dat hij zijn mannen niet aan de Rijnoever opwachtte op de avond van de evacuatie uit Oosterbeek, is wat mij betreft veelzeggend over zijn wroeging.”

U bent ook kritisch over het gevechtsoptreden van de Britse troepen: Zowel de parachutisten bij Arnhem als de grondtroepen die hen moesten ontzetten, deden onder voor de Duitsers.

„Het is vooral opvallend dat de Duitsers mentaal harder waren. Er is vrij uitgebreid onderzoek gedaan naar het feit dat Duitse soldaten veel minder vaak last hadden van shell shock dan geallieerde militairen. De verklaring word gezocht in het feit dat de Duitsers sinds 1933 in een gemilitariseerde maatschappij leefden waar een constant discours bestond over strijd en sterven. De geallieerden waren burgers in uniform. Dat is een heel verschil.

„Daarnaast is er nog een specifiek Brits probleem. Mijn leermeester professor Michael Howard, die in de oorlog bij de Coldstream Guards diende, vatte dat aldus samen: Britse soldaten wordt geleerd te sterven, niet te doden. Het ontbrak hen aan de mentaliteit om een aanval met totale onbarmhartigheid door te drukken. De Amerikaanse parachutisten bezaten die mentaliteit wel. Zij schoten dan ook vaker hun krijgsgevangenen dood dan de Britten.”

De eenheden die de Duitsers in het veld brachten, waren vaak een bij elkaar geraapt zooitje: Waffen SS’ers, Luftwaffesoldaten, jonge jongens die nog in hun opleiding zaten en mannen die herstelden van eerdere gevechten. Waarom deden zij het zo goed?

„De Duitsers hadden aan het Oostfront geleerd om ad hoc Kampfgruppen in elkaar te zetten. Aan een kern van ervaren mannen werden manschappen toegevoegd die hun goede voorbeeld konden volgen. Verder waren de Duitse onderofficieren van een bijzonder hoog niveau. Als alle officieren buiten gevecht waren gesteld, waren zij in staat het bevel over te nemen en initiatief te ontplooien. En wat in Arnhem ook meespeelde: er waren veel SS-troepen bij de gevechten betrokken. Dan lieten andere soldaten het wel uit hun hoofd om de gevechtslinie te verlaten.”

U eindigt uw boek niet met het einde van de gevechten in Arnhem en Oosterbeek, maar met de Hongerwinter. Waarom heeft u daarvoor gekozen?

„Omdat bijna niemand in het Verenigd Koninkrijk en de VS weet hoe vreselijk de Nederlanders geleden hebben na het falen van Market Garden. Ik vond het belangrijk om te laten zien dat het mislukken van de geallieerde strategie in september 1944 niet alleen desastreuze gevolgen heeft gehad voor de betrokken militairen.

„Gezien de enorme prijs die de inwoners van Arnhem hebben betaald, vind ik het bijzonder ontroerend om te zien hoe hecht de band tussen de Britse veteranen en de plaatselijke bevolking altijd is geweest. Nergens anders – niet in Normandië, niet in de Ardennen – is de relatie zo sterk als in Arnhem. Die wederzijdse genegenheid is misschien het enige goeie dat operatie Market Garden heeft voortgebracht.”