Hollands dagboek

Studenten Joeri Oudshoorn (33), Oliver van Loo (23), Irene van den Broek (24) en Willem Brouwer (26) van de stichting ‘Mission to Minsk’ vertrokken vorige week naar Wit-Rusland om president Loekasjenko een petitie te overhandigen. Onverrichterzake teruggekeerd probeerden ze vanuit Nederland Wit-Russen te helpen. ‘Het is een beetje rompslomp om tweemaal 1500 kilometer te rijden voor een visum, maar we doen het graag!’

Joeri Oudshoorn, Leonoor Akkermans, Irene van den Broek en Marcel Spruit voor de Wit-Russische ambassade in Den Haag Foto Johannes van Assem foto: Johannes van Assem 2-4-2006, den haag. De groep mission to minsk vooert actie voor de ambassade van wit rusland. Assem, Johannes van

Oliver van Loo Joeri Oudshoorn Irene van den Broek Willem Brouwer

Vrijdag 31 maart

Shit, geweigerd. Of eigenlijk niet eens, we worden door de Wit-Russische ambassade in Warschau gewoon genegeerd. Onze visumaanvraag is uit de procedure gehaald en de paspoorten worden over de balie naar ons teruggesmeten. „You have no visa”, zegt de dame die twee dagen eerder nog in vloeiend Engels de teksten van haar baas uit het Russisch vertaalde. Op elke vraag over het ‘waarom’ en ‘wat nu’ krijgen we hetzelfde antwoord: „No comment.”

Het blijft een raadsel waarom het visum dat ons eerder al was toegezegd, geweigerd is. Was het omdat we drie dagen lang met onze protesten in de Poolse kranten stonden? Omdat we op ons visumformulier bij Purpose of visit: „To give a letter to President Lukashenko in person” invulden? Omdat we vier dagen kampeerden met de Poolse en Wit-Russische demonstranten voor hun ambassade? Of omdat we elke dag op de stoep stonden om te vragen hoe het met onze aanvraag stond?

In ieder geval zaten we er een beetje beteuterd bij, toen de journaliste van de grote Poolse krant Gazeta Wyborcza en haar fotograaf naar de uitkomst vroegen. Wij uit het westen van Europa hadden geloofd dat een toezegging een toezegging was, maar iedereen in Polen wist wel beter. Een overheid die haar beslissingen niet motiveert, wordt in Nederland afgefakkeld. In Wit-Rusland kun je om een waarom-vraag in het gevang terechtkomen. De journaliste vond het al moedig dat we in onze naïviteit die vraag hadden gesteld.

In het internetcafé waar we een persbericht schrijven, krijgen we een telefoontje van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb). Onze medeactievoerders die al een week lang met hun tentenkamp op het Museumplein in Amsterdam staan, hebben een toezegging van de Wit-Russische ambassade in Den Haag. „Iedereen die maandag bij ons op de stoep staat, kan een visum krijgen voor nu en om mee te demonstreren in Minsk op 26 april.”

En zo springen we weer opgewekt in ons blauwe, trouwe busje. Op naar Den Haag! Het is een beetje rompslomp om twee maal 1500 kilometer te rijden voor een visum, maar we doen het graag!

In de bus slaan we ons weer door een media-golf. We praten met ANP en NOS, zijn live op Radio 1, 2 en 3, de Wereldomroep en Amsterdam FM, en ondertussen worden met het thuisfront en onze nieuwe internationale vrienden strategieën doorgesproken voor de komende dagen.

Zaterdag

Onze achtergrond, de Landelijke Studenten Vakbond, is al jaren een bolwerk voor steun aan studenten in Oost-Europa. Nog voor de revolutie in Oekraïne werden studentenbonden daar getraind, hetzelfde gebeurde in Moldavië en Wit-Rusland. In het laatste geval resulteerde dat overigens in een aantal arrestaties wegens lidmaatschap van een verboden organisatie. En dus luistert de Algemene Ledenvergadering van de LSVb met grote belangstelling naar onze update. Meer steun wordt toegezegd.

Rond een uur of vijf stoppen we even met de actie. Een week zijn we nu al onaangekondigd van huis, en dan stapelen de niet nagekomen afspraken, de afgezegde vergaderingen en de gemiste deadlines zich snel op. In Warschau waren discussies daarover te duur, zowel in telefoonkosten als in batterijlading en tijd. Nu moet die opgebouwde ergenis via Nederlandse telefoonlijnen te woord gestaan worden. Onderweg hebben we regelmatig naar elkaar gevloekt over dat onbegrip in Nederland. Vooral als mensen weten dat je in Warschau zit en het om hele lullige dingen gaat: „Je zou de vuilnisbak buiten zetten.” Fuck off!!

Zondag

Uitslapen, in een echt bed. Het is tijd voor relativeren. We hebben de afgelopen week in een roes geleefd. Al die mogelijkheden om te helpen, al die vreselijke verhalen uit Wit-Rusland en al het optimisme van de Wit-Russen die we tegenkomen, worden weer afgewogen tegen het dagelijks leven van een student in Nederland. Er moet een referaat gehouden worden, een artikel geschreven. Nu pas valt op hoe veel mensen in Nederland zich achter ons geschaard hebben. Zelfs ouders die we niet durfden te vertellen dat we naar Minsk vertrokken, staan pal achter ons.

Als we om drie uur in Den Haag onze tenten onder het oog van de camera van Twee Vandaag voor de Wit-Russische ambassade plaatsen, wordt het volgende succes doorgebeld. Staatssecretaris Rutte kan over een half uur op Schiphol voor de camera verklaren dat de Nederlandse overheid er alles aan zal doen een deel van de Wit-Russische studenten die van de universiteit zijn geschopt, op te vangen. Zelfs Verdonk zal niet moeilijk doen! En dus racen we mét Twee Vandaag van Den Haag naar Schiphol voor filmopnamen. De adrenaline die ons een week lang wakker hield, giert weer door onze aderen.

Net terug in de auto belt een vriend, die toevallig langs onze tenten bij de ambassade loopt. Hij hoorde een agent door de telefoon zeggen: „Dus die tenten gaan we afbreken.”

Wij bellen de politie. Naïviteit veinzend zeggen we dat we er over een half uur denken te zijn, en vragen we of de tentjes er nog mooi bij staan. „Ja, die staan er nog,” zegt de agent, „we gaan er straks over praten.”

Bij journalisten, advocaten en actievoerders staat Den Haag bekend als ‘zeer moeilijk’. En dus nemen wij in het busje geen risico. Het half uur in de bus wordt gebruikt voor het inschakelen van alle mogelijke hulplijnen. Advocaten en media worden gebeld. Leden van Tweede Kamer en de gemeenteraad nemen preventief contact op met Buitenlandse Zaken of burgemeester Deetman.

Als de politie straks of morgen moeilijk gaat doen, zijn we direct live op de radio. Twee Vandaag maakt dan filmopnamen.

Ons doel is duidelijk en eenvoudig. Wij willen demonstreren, zoals de studenten in Wit-Rusland demonstreerden. En we willen laten zien dat dat in Nederland wel kan. Maar Den Haag blijkt helemaal niet zo tolerant. Demonstratie gisteren bedacht? Mag niet. Moet minimaal vier dagen van tevoren. Tenten? Kan niet volgens een kampeerverbod. Voor de ambassade demonstreren? Nee, dat moet verderop uit het zicht van de ambassade op een pleintje. Slapen tijdens een demonstratie? Kan niet. Als wij niet op de hoogte waren geweest van de werkelijke regels in Nederland, waren we hier net zo makkelijk opgepakt als in Wit-Rusland. Maar gelukkig leven wij in een rechtsstaat. Gelukkig komen volksvertegenwoordigers en media op dat moment in actie. Gelukkig geven geschillencommissies in zulke gevallen de gemeente op haar donder. En belangrijker: gelukkig heeft onze werkgever of universiteit niet de mogelijkheid om ons te straffen als we ongelijk blijken te krijgen. En daarom slapen wij rustig en zonder grote zorgen in onze tentjes, wetende dat een ontruiming vroeg in de ochtend na klachten van de ambassade zeer wel mogelijk is. Toch heel anders dan in Wit-Rusland!

Maandag

Geen ontruiming! Twee politieagenten houden op verzoek van de ambassade de hele nacht een oogje in het zeil. ’s Ochtends, veel te vroeg, stappen Irene en Oliver in een taxi naar Hilversum voor Goedemorgen Nederland.

We horen van de politie dat we echt van de parkeerplaats van de ambassadeur moeten verdwijnen. We zijn de beroerdste niet, en na wat professioneel tegenstribbelen plaatsen we de tenten aan de overkant. Maar dan blijven we daar wél staan, laten we alvast weten. Buurtbewoners bieden ons koffie aan.

Wanneer de ambassade opengaat, worden we vriendelijk en professioneel te woord gestaan door iemand die zijn naam niet wil noemen. Hij legt ons uit dat de voorwaarden voor een visum hier in Nederland veel strenger zijn dan in Polen, omdat Nederland ook zulke strenge eisen stelt aan buitenlanders die hier langs willen komen. Deze keer kunnen we de Wit-Russen geen ongelijk geven. Wij moeten nu ook nog vier originele brieven krijgen van onze gastheer in Wit-Rusland, voordat wij onze aanvraag kunnen indienen. Faxen of e-mail mag niet, waardoor weer flink wat dagen verloren zullen gaan.

Tot het politie-overleg om 15 uur regelen we brieven voor buurtbewoners en contacten in het Europees Parlement en spreken we scenario’s voor de omgang met de politie door. Achteraf niet nodig, want de politie is inmiddels bereid tot medewerking. Dit wordt onderstreept door een grote vrachtwagen die een paar afzethekken komt brengen.

’s Avonds kijken we naar onze uitzending van Twee Vandaag en krijgen we tot vanuit Turkije succes wensen via e-mail en sms. We zitten weer vol energie en splitsen ons voor een paar dagen op. Joeri en Oliver gaan naar het Europees Parlement in Straatsburg, Willem en Irene blijven bij het tentenkamp en regelen stichting en bankrekening. Want inmiddels is duidelijk dat we veel langer met Wit-Rusland bezig zullen blijven.

Dinsdag

Kut, kut, kut. Ons busje heeft motorproblemen en midden in de nacht wachten we met een Wegenwacht-medewerker op vervangend vervoer. Te laat bij het Europees Parlement dus, waardoor we die ochtend drie afspraken met europarlementariërs missen! Het Europarlement in Straatsburg is één groot doolhof en het kost ons de hele dag om zowel de gebouwen als de mores van de bijenkorf te leren kennen. Camiel Eurlings tekent onze brief aan Loekasjenko.

’s Avonds zitten we er helemaal doorheen en kan alleen het fantaseren over een website LaatMaarZitten.EU de sfeer nog een beetje opvrolijken. Na overleg met Willem en Irene in het tentenkamp in Den Haag is de sfeer weer oké. Overnachting in een personenauto, ons vervangend vervoer van de ANWB.

Woensdag

’s Morgens opgewekt weer naar het Europarlement. Natuurlijk om te lobbyen, maar vooral omdat ze daar wc’s hebben. We krijgen de handtekening van Joost Lagendijk (GroenLinks) voor onze brief. Nu zijn alle grote politieke stromingen in Europa vertegenwoordigd.

Om 15.00 uur is het debat over Wit-Rusland in het Europees Parlement. Opvallend veel Nederlanders die voor hun Europese fractiegenoten spreken: Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD), Camiel Eurlings (CDA), Jan-Marinus Wiersma (PvdA). Ze zijn fel, feller dan je van het Europarlement verwacht. En ze komen met zaken die snel geregeld moeten worden: een tv-zender voor vrije media, het blokkeren van de wapenexport waarvan grote winstdelen in een persoonlijke kas van Loekasjenko verdwijnen.

We informeren de Wit-Russische oppositieleider Milinkjevitsj die naast ons zit over de hulp vanuit Nederland. Als we de vergaderzaal verlaten, krijgen we een telefoontje van Leonoor van de WSO, de Wageningse Studenten Organisatie. Morgen hebben ze ontbijt met het college van bestuur, en ze willen plaatsen regelen voor Wit-Russische studenten op de Universiteit Wageningen. Top!

Tot diep in de nacht bellen we ook andere lidbonden van de LSVb, leden van colleges van bestuur en het ministerie. Ons doel: vrijdag hebben we de opvang in Nederland geregeld van Wit-Russische studenten die van hun studie getrapt worden. Dan kunnen we als voorbeeld dienen voor de rest van de Europese Unie, die vrijdag ook de maatregelen van de Europese Commissie krijgt.

Donderdag

Moe, erg moe. Een groot deel van de nacht gereden. Bij de tentjes even een kreun van welkom van Irene ontvangen en toen gaan slapen.

De volgende ochtend verder telefonisch overleg met de top van het ministerie van Onderwijs. Stinkend komen we bij het Nuffic, dat over regelingen voor buitenlandse studenten alle details weet. En van daaruit gaan we via de Postbank (opening rekening voor onze stichting Mission To Minsk) naar OCW waar ze in een handomdraai voor ons een regeling voor Wit-Russische studenten in elkaar draaien. Nu nog soepele voorwaarden bij de IND.

Vrijdag 7 april

Het wordt krap. Ministerraad maakt Verdonk onbereikbaar, dit dagboek moet af en we bellen ons helemaal suf. Maar er is ook goed nieuws. Heel veel universiteiten en hogescholen willen studenten opvangen. En in Groningen hebben de hogeschool en universiteit al per direct 40 plaatsen vrij, inclusief huisvesting. Maar als er meer studenten komen, staan ze daar ook garant voor. Daadkracht! Gaaf!

Als alles maandag geregeld wordt, is dat voor Nederland ook goed, maar Europees missen we dan de boot van het goede voorbeeld. Maar belangrijker: aandacht voor de zaak, en minder angst voor studenten in Wit-Rusland om 26 april weer de straat op te gaan.

Onze deadline verstrijkt. Misschien leest u elders in deze krant of het vandaag met de IND nog gelukt is.