'Deloitte veerde wel heel erg met haar cliënt mee'

Het openbaar ministerie eiste afgelopen week maandenlange celstraffen tegen de voormalige Ahold-top. Maar ook accountant Deloitte kwam onder vuur te liggen.

Een kwartier na het horen van de strafeis (20 maanden cel waarvan 6 voorwaardelijk) en het incasseren van een handvol stevige verwijten ('niet integer', vertrouwen in het Nederlands bedrijfsleven 'ongekend geschonden'), lijkt Cees van der Hoeven zich te hebben herpakt. De oud-Ahold topman staat op de stoep van de rechtbank aan de Parnassusweg in Amsterdam en zegt: 'Ik zie een discrepantie tussen de tenlastelegging en de eis'. Dan stapt hij voorin de zwarte Volvo. Volgende week, roept hij nog, zijn we terug.

Dan zullen de advocaten hun pleidooien houden. Met ongetwijfeld veel kritiek op het requisitoir van het openbaar ministerie (OM). Maar één punt zal de verdediging waarschijnlijk zijn welgevallen: de stevige taal die justitie in de richting van Deloitte uitte. Het OM overweegt Aholds huisaccountant zelfs voor de tuchtraad te dagen vanwege haar rol in het boekhoudschandaal.

Op de dagvaarding van de vier oud-Aholdbestuurders staat onder meer misleiding van de accountant, omdat er 'side letters' voor Deloitte verzwegen werden. Maar, zo betoogde het OM, dat betekent niet dat de controleur van de boeken zelf geen blaam treft.

Vervulde Deloitte haar rol naar behoren? De accountant behoort het vertrouwen in het maatschappelijk verkeer te waarborgen. Namens de samenleving heeft hij een monopolie op de wettelijk voorgeschreven controle van de jaarrekening. De accountant is er dus niet zozeer voor het bedrijf, maar primair voor de belangen van derden. En daar, betoogde het OM afgelopen dinsdag, is nogal wat op aan te merken.

Deloitte, zo bleek uit het requisitoir, drong er schriftelijk maar liefst 23 keer op aan dat Ahold met bewijzen kwam dat het de baas was bij buitenlandse joint-ventures. Maar toen het bedrijf die bewijzen leverde, in de vorm van 'control letters', onderzocht de accountant deze documenten niet op juistheid. Terwijl de moeizame manier waarop Ahold met die control letters kwam toch een 'indicatie voor extra zorg' had moeten zijn.

Waarom was Deloitte eigenlijk zo overtuigd dat Ahold inderdaad de baas was bij de joint ventures, vroeg het OM. De eindverantwoordelijk accountant - zo verklaarde hij eerder voor de rechter-commissaris - ging wel eens op bezoek bij zo'n buitenlandse dochter, waarbij 'van elk bezoek een verslag is gemaakt'. Maar volgens de officier van justitie zijn er dan 'bitter weinig bezoeken' afgelegd, want er is niet één zo'n verslag aangetroffen.

En dat terwijl het OM in het gerechtelijk vooronderzoek meerdere malen alle relevante dossiers bij Deloitte opvroeg. De beperkte documentatie die de accountant aan justitie overlegde betekent volgens het OM dat Deloitte óf 'uiterst mager () heeft gecontroleerd' óf dat de accountant 'nauwelijks iets heeft vastgelegd'.

Daarnaast maakte Deloitte fouten in Aholds joint-venture in Portugal, waar de accountant volgens justitie 'wel heel erg met haar clïent heeft meegeveerd'.

Maar het zwaartepunt van de kritiek van het OM richt zich op het najaar van 2002. Dan wordt Deloitte voor het eerst geconfronteerd met een tot dan toe verzwegen side letter in de joint-venture met het Scandinavische ICA. In de side letter wordt de inhoud van de - op verzoek van Deloitte opgestelde - control letter juist weersproken.

Het is een doodzonde van Ahold. Oud financieel-directeur Meurs, zo blijkt uit een gespreksverslag uit die tijd, geeft dat ruiterlijk toe tegenover Deloitte: 'Duizendmaal excuses. Zo mogen we niet met jullie omgaan. Jullie zijn door ons misleid'.

Toch waarschuwde Deloitte de buitenwereld niet. De accountant ging ook niet zelf op onderzoek uit, maar vroeg dat aan Ahold zelf. Wel staakte Deloitte naar eigen zeggen de controle-activiteiten, maar dat weerhield de accountant er niet van om met de Ahold-top mee te blijven denken over de omstreden boekhoudtruc met de side letter. Zo kreeg Ahold de ruimte om met nieuwe conceptcontracten met ICA de boekhouding in stand te houden. In het strafdossier zitten maar liefst negen versies van aanvullingen op de aandeelhoudersovereenkomst.

Die houding is de accountant volgens het OM ernstig te verwijten. Het zorgde er immers voor dat de fraude tussen oktober 2002 en 23 februari 2003 onbekend kon blijven voor beleggers. Als de boekhoudfraude eindelijk openbaar wordt, komt dat, aldus justitie door invloeden van buitenaf - en dus niet omdat Deloitte eigener beweging stappen onderneemt.

Dat is een pijnlijke constatering voor de accountant, vooral omdat de huidige bestuursvoorzitter Roger Dassen destijds aan de knoppen zat in de ICA-kwestie. Deloitte reageerde deze week dan ook als door een wesp gestoken op de aankondiging van het OM dat een tuchtklacht wordt overwogen. De accountant onderzoekt op zijn beurt juridische stappen, al is het onduidelijk wat daar precies mee bedoeld wordt.

Het is trouwens niet de eerste keer dat Deloitte onder vuur ligt in de Ahold-zaak. Ook deskundige prof. Van de Poel uitte kritiek. Bovendien hebben boze beleggers in Amerika de accountant nog in het vizier. En ook de verdediging zal Deloittes rol niet onbesproken laten. Om te beginnen komende week, als de advocaten hun pleidooien zullen houden.

www.nrc.nl:blog ahold

    • Joost Oranje en Jeroen Wester