Wally was wel klaar met het leven

Cultheld Wally Tax was weliswaar een alcoholist die niet sliep en nauwelijks at, maar hij maakte nog volop muziek toen hij vorig jaar overleed.

Wally Tax (1948-2005) Foto Lex van Rossen WALLY TAX T.A.V. MUZIEKREDAKTIE FOTO LEX VAN ROSSEN Rossen, Lex van

Door het toegangshek van de Amsterdamse begraafplaats De Nieuwe Ooster naar rechts, voorbij de zigeunertombes, aan de lindenlaan, ligt tussen twee knoestige bomen een sober graf. Het heeft geen steen en wordt begrensd door keien. Iemand heeft er een houten kruis neergezet met twee foto's eraan, anderen hebben viooltjes geplant en tulpen. Een tijdelijk naamplaatje maakt duidelijk wie hier ligt: Wally Wladimir Tax, 1948-2005.

Het officiële gedenkteken voor Wally Tax wordt maandag, een jaar na zijn sterfdag, geplaatst: een sokkel met daarop een kruis, gemaakt uit twee in brons gegoten gitaarhalzen.

Het heeft even geduurd, want er was geen geld. Toen Tax vorig jaar overleed, zamelden zijn fans tijdens een benefietconcert in Paradiso geld in voor zijn begrafenis. Nu moet een deel van de kosten van de steen dinsdag nog bij elkaar worden gespeeld op een herdenkingsconcert in de Melkweg in Amsterdam.

“Toen ik hoorde dat Wally was overleden, dacht ik meteen: hoe moet het met de begrafenis!?“, zegt manager/bassist George Oostdijk. “Ik wist dat hij geen cent had, en ook geen uitvaartverzekering. Die avond heb ik Paradiso gebeld om een benefiet te organiseren. En ik heb hulp gevraagd bij de leiding van de begraafplaats.“

“Ik wist: dit moeten we goed aanpakken“, zegt directeur Marie-Louise Meuris van De Nieuwe Ooster. “Ik vond dat Wally Tax een blijvend graf moest krijgen. We hebben de ervaring met Theo Thijssen, nu een beroemd schrijver. Die lag in een armengraf, dat na twintig jaar werd geruimd. Nu vinden wij dat spijtig. Ik heb me er, samen met de betrokken wethouder, sterk voor gemaakt: Wally Tax is een beroemde Nederlander, hij woonde in Amsterdam-Oost, hij moet op onze begraafplaats een grafmonument krijgen. Dat wil zeggen dat het “eeuwig' blijft bestaan. Het is ook een generatie-kwestie: wij zijn allemaal met Wally Tax en de Outsiders opgegroeid.“

Wally Tax woonde het laatste deel van zijn leven in een klein huisje in Amsterdam-Oost. Daar scharrelde hij vaak over straat, op weg naar de kroeg, voorbijgangers om geld vragend. Hij was verslaafd aan drank en drugs. Het enige waar hij de laatste jaren voor leefde was muziek. En juist dat ging de laatste tijd iets beter. Hij had met bassist George Oostdijk een band geformeerd, in de weken voor zijn dood gaf hij twee concerten, er waren optredens gepland in Londen. Naar omstandigheden ging het hem goed, vertellen zijn gitarist Wim Elzinga, manager/bassist Oostdijk, vriend René Olgers, en liefhebber Frans Smit.

Oostdijk: “Ik was al een paar jaar Wally's “manager' maar er viel niet zoveel te managen. Tot ik eind 2004 werd gebeld door een Brit die een optreden wilde regelen met Wally op een groot sixties-festival in Londen, “Modstock'. We zouden alleen maar liedjes spelen van The Outsiders. Wally had er wel oren naar. Toen ben ik muzikanten gaan zoeken.“

Olgers: “Ik ging iedere dag naar hem toe om hem te verzorgen. Hij gaf mij gitaarles. In ruil daarvoor maakte ik zijn huis schoon. Daar was hij zelf te zwak voor. Wally was klaar met het leven. Alleen de muziek hield hem op de been. Hij wilde weer optreden, dat was zijn drive.“

Repeteren

Oostdijk: “Ik bracht Wally in contact met gitarist Wim Elzinga. Iedere week repeteerden we op zondag, met Emmanuel Wiemans op drum en Marcus Bruyskens op gitaar. Drie, vier uur achtereen. We waren een generatie jonger en hielden van sixties-muziek. Zelf was Wally trotser op zijn solo-liedjes.“

Olgers: “Wally was altijd met muziek bezig. Iedere dag als ik bij hem kwam en vroeg wat hij 's nachts gedaan had, hij sliep nooit, zei hij: “liedjes schrijven'. Ik heb dozen vol songteksten van hem. Wally was verzwakt. De laatste tijd had hij ook geen geld. Hij had er financieel een puinhoop van gemaakt. Door allerlei gedoe met de belasting stond hij onder curatele. In 2004 kreeg hij maar 150 euro per maand. Toen heeft hij de sociale dienst gebeld en gevraagd: “Willen jullie me dood hebben of zo?' “

Wim Elzinga: “Ik kende Wally Tax uit de buurt. Hij vroeg me wel eens om geld voor een biertje. Later heeft hij me verteld dat hij een paar keer in zijn leven miljonair is geweest. Dat was in de jaren zeventig, toen hij hits schreef voor Lee Towers en de groep Champagne. Maar geld interesseerde hem niet.“

Oostdijk: “De eerste maanden van 2005 zagen er redelijk uit. Wally zat goed in zijn vel. We werkten toe naar het concert in Londen. Daarom hadden we een paar try-outs gepland, om te kijken of hij het fysiek aankon: in Paradiso op 13 maart, en de dag ervoor in Kampen, op 12 maart.“

Beeldend kunstenaar Frans Smit, fan: “Ik kende Wally Tax en The Outsiders niet. Tot 2003, toen hoorde ik ergens zijn muziek. Ik was compleet overrompeld. Ik ben direct alles gaan verzamelen, maar ontdekte tot mijn verbijstering dat veel dingen niet meer te krijgen waren. Ik heb de platenmaatschappij opgebeld om te vragen hoe dat kon, met zo'n belangrijke muzikant. “Het verkoopt niet', zeiden ze. Een keer zag ik Wally lopen, hij bleek bij me in de buurt te wonen. Hij had een blauw oog.

“Zijn muziek ontroerde me. Ik hou van de directheid van zijn liedjes; die totale openheid over hoe hij zich voelde.

“Ik vond Wally erg miskend in eigen land en wilde graag iets voor hem doen. Eind 2004 organiseerde ik een schilderijententoonstelling in een oude synagoge in Kampen. Daar bedachten we dat we hem konden vragen om op te treden tijdens de opening. Ik heb George Oostdijk gebeld, die zei dat het hun ook goed uitkwam. Het kostte ons 1.000 euro. Een schijntje voor zo'n artiest.“

Oostdijk: “De omstandigheden waren er moeilijk: overdag, in een kerk waar niet gerookt mocht worden. Dat was lastig voor Wally, die kettingrookte. Ik vond het niet goed gaan, er was veel galm, en Wally had een zachte stem.“

Smit: “Ze zouden een half uurtje spelen, maar het werd een uur. Ik merkte wel dat hij niet zo tekstvast was en zijn stem niet meer zo zuiver klonk. Maar dat optreden was voor mij een droom die uitkwam.“

Oostdijk: “De volgende dag, in Paradiso, was hij rustig. Hij dronk van tevoren maar een paar glazen witte wijn. Dit was tenslotte Paradiso, hier wilde hij schitteren. Hij was die avond geweldig. Als hij zijn mond opendeed, werd je overdonderd door de kleur van zijn stem en zijn overtuiging. Ik dacht: “Zo moet het zijn geweest in de hoogtijdagen van The Outsiders.' Het was een transformatie van zwerver naar “god'.“

Beatle-laarsjes

Elzinga: “Hij had zijn enige goeie pak aan. En hij droeg Chelsea Boots, een soort Beatle-laarsjes. Wally droeg altijd rubber laarzen. Nu ontdekten we waarom. Toen hij zijn schoenen uittrok, zagen we dat zijn nagels in geen jaren waren geknipt. Daarom liep hij zo slecht.“

Olgers: “In de aanloop naar de concerten in Londen wilden we hem een beetje opknappen. George ging met hem naar de kapper, en ik ging mee naar de pedicure, om iets aan die nagels te laten doen. Dat vond Wally fijn.“

Oostdijk: “Maar in de weken na Paradiso was hij vaag. Hij zonk weg in een roes van alcohol en valium. Ik geloofde niet meer in dat optreden in Londen.“

Olgers: “Ik was zaterdagavond nog bij hem. Toen was hij heel kalm. Ik zei “Tot morgen', en hij zei “Denk je dat ik er dan nog ben?' Dat was wel raar.

“Zondag, om een uur of vier 's middags, ging ik naar zijn huis om hem naar de repetitieruimte te brengen. Hij deed niet open. Ik had de sleutel, want dat was al eerder gebeurd. Dan lag hij gewoon te slapen. Nu maakte ik de deur open, en keek meteen in zijn bed. Hij lag er niet. Ik rende naar de keuken, en daar vond ik hem. Op de grond. Het eerste dat me opviel waren zijn voeten, zo schoon en keurig geknipt. Ik heb zijn ogen gesloten. Toen heb ik George gebeld.“

Dinsdag 11 april is er in de Melkweg, Amsterdam, een herdenkingsconcert voor Wally Tax, met medewerking van Jeff Connoly (The Lyres), Marcel Kruup, Anne Soldaat, Leendert Buzz, George Oostdijk, Federation X, Maurits Westerik (Gem), Wim Elzinga.