Premiers: druk op akkoord N-Ierland

De Britse premier Tony Blair en zijn Ierse ambtgenoot Bertie Ahern hebben protestanten en katholieken in Noord-Ierland gisteren tot 24 november van dit jaar gegeven om een akkoord te bereiken over het bestuur van het gebied.

Blair en Ahern zeiden gisteren na overleg in de Noord-Ierse plaats Armagh te hopen dat Noord-Ierland zichzelf weer spoedig kan besturen. Sinds het regionale parlement in 2003 werd geschorst wegens een spionage-schandaal staat Noord-Ierland onder direct bestuur van de Britse regering.

De kans dat de belangrijkste partijen (de Democratische Unionistische Partij, DUP, van dominee Ian Paisley en het katholieke Sinn Feín onder leiding van Gerry Adams) het op korte termijn eens worden, lijkt echter gering.

Paisley, die gisteren zijn tachtigste verjaardag vierde, voelt niets voor samenwerking met Sinn Feín, zolang hij er niet zeker van is dat het Ierse Republikeinse Leger (IRA), vanouds nauw verbonden met Sinn Feín, haar activiteiten heeft gestaakt. Daarover rees deze week twijfel door de moord op een voormalig prominent lid van Sinn Feín en de IRA, Denis Donaldson. Deze gaf eind vorig jaar toe dat hij voor de Britten had gespioneerd. De verdenking is sterk dat Donaldson daarna is vermoord door wraaklustige IRA-leden.

Adams, die meer animo toont voor een akkoord dan Paisley, bezwoer dat de IRA niets met de moord te maken heeft. Volgens hem heeft de beweging het geweld vorige zomer voorgoed afgezworen. Blair en Ahern dreigden Paisley met een grotere rol voor Ierland in het Noord-Ierse bestuur als de partijen geen akkoord bereiken, een vooruitzicht dat de protestantse dominee verafschuwt.