Februaristaking

De Februaristaking, 65 jaar geleden, is een unieke daad van opstandig verzet geweest. Tégen de nationaal-socialistische bezetter en vóór menselijkheid en solidariteit met de joodse medeburgers. In veel publicaties wordt nog altijd de CPN aangewezen als dé partij die in actie kwam. Zonder iets af te willen doen aan de dappere rol van die CPN-leden kan niet ontkend worden dat ook andere groeperingen hun bijdrage geleverd hebben. Twee voorbeelden: in Het Parool van 25 februari 1946 wordt vermeld dat op 25 februari 1941 enige tienduizenden manifesten door Koos Vorrink, Jaap Nunes Vas en Pieter 't Hoen in omloop [werden] gebracht. Ook de Spartacusgroep [ook wel Derde Front genoemd] van Henk Sneevliet lanceerde een groot aantal vlugschriften, terwijl eveneens van communistische en andere kant oproepen verschenen tot aansluiting bij de stakingsbeweging'.

In zijn standaardwerk over de Februaristaking schrijft Ben Sijes dat het Derde Front en de CPN in hun manifesten en illegale kranten de arbeiders bezwoeren hun historische roeping getrouw te blijven en zonder onderscheid van richting' op straat te protesteren. Het Derde Front gaf niet minder dan zes manifesten uit. Het roemde de solidariteit der Jordaners met de joden als een culturele daad van de eerste orde, waarop Nederland trots kon zijn. Beide partijen, schrijft Sijes, knoopten aan bij de groeiende wil der arbeiders, eens eindelijk met de verraders af te rekenen en de Duitsers de vuisten te tonen. Zo was een gunstige voedingsbodem voor een staking ontstaan'.

De almachtige partijleider Paul de Groot heeft de claim' op de Februaristaking na de Tweede Wereldoorlog altijd hardnekkig gecultiveerd en zelfs niet geschroomd daarvoor de geschiedenis te vervalsen. In haar boek De strijd om de Februaristaking (zie bespreking door Niek Pas 24.02.06) heeft Annet Mooij die ballon' nauwgezet en keurig doorgeprikt. Helaas komt op verschillende plaatsen in haar boek echter nog een andere hinderlijke claim' te voorschijn. Zij schrijft dat van alle politieke partijen de CPN de enige [was] die als partij de illegaliteit in ging'. Dit is een historische fout. De Revolutionair Socialistische Arbeiders Partij (RSAP) van Henk Sneevliet ging na voorbereidingen in 1938 en 1939 onder de naam MLL-Front direct ondergronds. Op 13 april 1942 werd de landelijke leiding, waaronder Henk Sneevliet, door de nazi's vermoord.

    • Dick de Winter