Binnengluren bij een theaterfamilie

Regisseur Ivo van Hove maakt een toneelversie van John Cassavetes' film Opening Night, over een ouder wordende actrice in crisis. Wat begint in geruzie blijkt tenslotte een “ode aan de liefde“, aldus Van Hove.

Jacob Derwig (l.) en Elsie de Brauw in “Opening Night' Foto Jan Versweyveld Versweyveld, Jan

Ster-actrice Myrtle speelt een ouder geworden vrouw die snel aftakelt en uiteindelijk niet meer meetelt. Bang dat het publiek ook háár zal afschrijven, grijpt Myrtle naar de drank. Op een avond na de voorstelling staat Nancy haar op te wachten voor een handtekening. Nancy is een zeventienjarige fan, in wie Myrtle haar jongere ik herkent. Mooi, passioneel en toegewijd. Als Nancy een tel later door een auto-ongeluk overlijdt, is Myrtle diep geschokt.

Het toneelstuk Opening Night van regisseur Ivo van Hove is een samenwerkingsverband van twee grote groepen: Toneelgroep Amsterdam en het Vlaamse NTGent. De crème de la crème van beide gezelschappen staat op het toneel. Het toneelstuk, gebaseerd op een filmscript van John Cassavetes uit 1977,was de afgelopen dagen te zien in Gent en Parijs, en beleeft vanavond zijn Nederlandse première in Amsterdam.

Alsof haar angst voor het ouder worden en de dood van Nancy (Hadewych Minis) nog niet erg genoeg is, staat Myrtle (Elsie de Brauw) met haar ex-man Maurice (Jacob Derwig) op de planken. Hij moet haar volgens het script slaan, en Myrtle kan die vernedering niet los zien van haar persoonlijk verleden met Maurice. Gaandeweg worden alle groepsleden beïnvloed door de crisis van Myrtle. Regisseur Manny (Fedja van Huêt) heeft behalve met Myrtle ook moeilijkheden met zijn vrouw Dorothee (Katja Herbers), die niet langer acteert en daardoor geen deel meer uitmaakt van zijn leven. Wat is belangrijker, werk of liefde, en hoe maak je een duidelijk onderscheid tussen die twee?

Op het toneel staan niet alleen de acteurs en de technici, er loopt ook een filmploeg rond die een documentaire over de acteurs schiet. Wat de ploeg filmt, wordt close-up op videoschermen getoond. Het versterkt het overweldigende effect van Opening Night.

Regisseur Ivo van Hove heeft ervaring met werk van Cassavetes. Hij regisseerde Koppen (Faces) tijdens het Holland Festival in 1996. Dat het ook hier een filmscript betreft, vindt hij geen probleem. “Cassavetes laat ruimte voor een regisseur om zijn eigen verhaal te vertellen. Je kunt iets heel anders maken dan de filmversie.“

Het decor, ontworpen door Jan Versweyveld, is ook geen imitatie van het filmdecor. Wel laat het alle ruimte voor de verhalen-in-de-verhalen en de dubbele bodems. Op het toneel staat een grote repetitietafel, er zitten technici achter de schuiven, er lopen kabels over de vloer, en, nauwelijks zichtbaar voor het publiek, er is achter de schermen nóg een tribune waar toeschouwers op plaats kunnen nemen. “Zorg dat je op die tribune terechtkomt“, tipt Van Hove, “want dan zit je midden in de actie.“

Omdat er meerdere verhaallijnen door elkaar lopen, klinkt het geheel nogal chaotisch. Van Hove beaamt dit, maar belooft dat het stuk in de praktijk een “glashelder' is. “Ik beschouw Opening Night als een familiestuk, over een theaterfamilie die zich in de baarmoeder twee weken voorafgaand aan de première bevindt. Overdag wordt er gerepeteerd en 's avonds wordt het stuk uitgeprobeerd. Je ziet als publiek hoe dat gaat. Er is kritiek op de kostuums, er zijn ruzies, het is een grote troep, kortom, een typisch theatergezelschap. Maar uiteindelijk blijkt iedereen hetzelfde te zoeken. Het gaat allemaal om de beste manier van leven, zelfs als die niet ideaal is. Tegen het einde blijkt dat Cassavetes een ode aan de liefde heeft geschreven.“

Van Hove is blij met het stuk en hij is blij met de samenwerking met NTGent, die ook volgend seizoen een paar grote toneelstukken zal opleveren. Het levert hem een vrijheid op die hij in het Nederlandse theater node mist. “Ik geloof in ensembles en in voorstellingen voor de grote zaal. Het samenbrengen van acteurs van NTGent en Toneelgroep Amsterdam creëert een geweldig ensemble. En al klinkt het paradoxaal, in de grote zaal spelen is de meest intieme vorm van theater. Er zijn zoveel mensen op het toneel dat je als publiek een deel wordt van het stuk. Bij Opening Night is dat zelfs letterlijk het geval door de tribune op het toneel.“

Theater is volgens Van Hove de kunstvorm van de toekomst: “Het bestaat bij gratie van het directe, haast fysieke contact tussen maker en toeschouwer. Menselijk contact, daar krijgen we steeds minder van. Theater is de enige kunstvorm die je niet thuis kunt bestellen.“

6/4 t/m 27/5: Amsterdam, Rotterdam en Gent. www.toneelgroepamsterdam.nl.

    • Jowi Schmitz