Verwarring bij Hongaarse kiezer

De Hongaarse kiezers die zondag een nieuw parlement kiezen, staan voor een raadsel: de regerende socialisten zijn de partij van de ondernemers, de conservatieve oppositie bejubelt socialistische idealen.

Tienduizenden aanhangers van de conservatieve oppositiepartij Fidesz op een campagnebijeenkomst in Boedapest. Foto AP Tens of thousands of supporters wave national flags and circular placards with the party's orange colour during a large campaign rally of the senior conservative opposition party, the Fidesz - Hungarian Civic Alliance in Budapest Sunday, April 2, 2006, one week before the first round of the parliamentary elections in Hungary. (AP Photo/MTI, Peter Kollanyi) Associated Press

Het is bittere haat die tienduizenden demonstranten naar het plein voor het parlementsgebouw in Boedapest heeft gedreven. De conservatieve oppositiepartij Fidesz houdt er een verkiezingsbijeenkomst. 'Weg met de communisten!' roept een spandoek. 'De communisten', dat zijn in de ogen van veel Hongaren de socialisten van de regeringspartij MSzP die haar wortels heeft in de communistische partij van vóór 1989. 'De MSzP zegt dat zij de republiek beschermen', roept Fidesz-leider Viktor Orbán. 'Maar het waren wíj die vochten voor een vrij Hongarije.'

'Viktor! Viktor!' loeit de massa. Nationale vlaggen gaan de lucht in en op het podium heft een csángó-koor een devoot lied aan. Het zijn Hongaren uit buurland Roemenië. 'Ze spreken het puurste Hongaars,' zegt een vrouw bewonderend.

De csángó-zangers passen in het beeld van Fidesz, die zich wil profileren als partij voor de 'echte Hongaar' wiens land wordt verkwanseld door de socialisten. Die aanklacht heeft aantrekkingskracht op de kiezers die zich bedreigd voelen door de snelle opmars van buitenlands bedrijfsleven in Hongarije. Fidesz pleit voor het deels hernationaliseren van staatsbedrijven die in handen zijn gekomen van buitenlands investeerders.

Van 1998 tot 2002 regeerde Fidesz onder aanvoering van premier Orbán Hongarije, toen nog kandidaat-lid van de Europese Unie. Orbán groeide in zijn termijn uit tot populist; de van oorsprong revolutionaire jongerenbeweging Fidesz veranderde met hem mee. De partij sloeg in toenemende mate een EU-sceptische toon aan en flirtte met de rechts-extremistische splinterpartij Miép. Het kostte Fidesz in 2002 de verkiezingswinst waarvan de MSzP, zonder zelf een helder programma te bieden, profiteerde. Zelfs vooruitstrevende jonge Hongaren, die de MSzP nog altijd associëren met de communisten die hun ouders het leven zuur maakten, gingen overstag: alles beter dan Orbáns haatdragende retoriek.

Het politieke klimaat was en is verziekt: Hongarije is een hopeloos verdeeld land, zeggen politieke analisten. 'De regerende socialisten zijn nu de partij van de ondernemers geworden, terwijl de conservatieve oppositie gedateerde socialistische idealen bejubelt,' zegt de econoom László Csaba.

Net als vier jaar geleden is de verkiezingsstrijd fel. Fidesz zou hebben 'ingebroken' in het computersysteem van de socialisten - een 'Donau-gate' was geboren. Daarna brak er een rel los over kandidaten van het kleine MDF (Hongaars Democratisch Forum), die door Fidesz-leden zouden zijn verzocht om zich terug te trekken, in ruil voor financiële compensatie. Fidesz hekelt het verleden van de ex-communistische premier Ferenc Gyurcsány. Na 1989 vergaarde Gyurcsány als zakenman miljoenen. 'Omdat hij met de juiste connecties misbruik maakte van de wilde privatiseringen', oordeelt Fidesz.

Ondertussen vragen veel van Orbáns politieke vrienden van het eerste uur zich af: wat is er toch in Orbán - bijnaam: de kleine Napoleon - gevaren? 'Ik leerde hem kennen als een humoristische, geïnteresseerde man', zegt Klára Ungár van de kleine liberale partij SzDSz die thans met MSzP de regeringscoalitie vormt. Ungár bepaalde samen met Orbán begin jaren negentig het gezicht van Fidesz, maar trok zich al snel terug. 'Fidesz raakte gecorrumpeerd', zegt Ungár. 'Orbán is een slechte verliezer. Hij heeft alleen maar oor naar dingen die hij graag wil horen.'

Tegelijk geeft Ungár toe dat het de MSzP/SzDSz-regering niet is gelukt om de grote problemen aan te pakken. Ziekenhuizen raken snel verouderd en voorstellen om de gezondheidszorg te verbeteren stranden omdat het onbetaalbaar is. 'We pleiten voor privatisering van een deel van de ziekenhuizen en voor een modern systeem van ziektekostenverzekering', zegt SzDSz-er Ungár. 'Maar de socialisten verzetten zich.' Fidesz vindt dat de gezondheidszorg niet aan de markt mag worden overgelaten. Ruimte voor onderhandelingen is er nauwelijks, net zomin als bij de bestrijding van het oplopende begrotingstekort van ruim zes procent, waardoor Hongarije flinke vertraging oploopt bij de invoering van de euro. Van de nieuwe EU-lidstaten mag Hongarije pas al laatste, in 2011, toetreden tot de eurozone.

De overheidsuitgaven worden grotendeels bepaald door de kostbare ambtenarij. Op een bevolking van 10 miljoen werken er slechts 3,9 miljoen, van wie 830.000 als ambtenaar. Noch de MSzP noch Fidesz heeft het aangedurfd in dat bureaucratische waterhoofd te snijden, uit angst voor verlies van een loyale achterban in de ambtenarij.

De kiezer heeft het moeilijk. Fidesz heeft zich vervreemd van de jonge hoogopgeleide met een baan bij een internationaal bedrijf. Een Fidesz-stem is een stem tégen buitenlands kapitaal. 'Maar stemmen op MSzP kan ik mijn ouders, felle anticommunisten, niet aandoen', zegt Zoltán, begin-dertiger.

'De socialisten hebben de nationale luchthaven verkocht aan buitenlanders', zegt Valéria, een jonge accountant. 'Zelfs de schoolboeken van onze kinderen zijn in handen gekomen van een Scandinavische uitgever. We staan straks met lege handen', zegt ze

In de West-Hongaarse stad Szombathély wacht Valéria met duizend andere betogers op de komst van Orbán. De campagnes lopen ten einde. 43 procent voor de socialisten, 40 voor Fidesz, voorspellen de opiniepeilers. Valéria heeft haar keuze gemaakt. Elders in Szombathély staat een man voor de tent van MSzP-SzDSz. 'Ik sta hier helemaal verkeerd. Ik ben een liberaal, ik hoor bij Fidesz. Maar het is de arrogantie van Orbán die me uit zijn kamp heeft geslagen.'

    • Tijn Sadée