Kletskoek- en poeha-vrij

De Dacia Logan is interessanter als marketingconcept dan als auto. Het is een componenten-Renault van Roemeense herkomst, voor een bodembedrag. Er geldt een 'vanaf-prijs' van 8.495 euro voor de 1.4 MPI 75, de meest Spartaanse versie die voor dit stukje werd gereden.

Deze versie is overigens onverkoopbaar. Onder de 20 km per uur is-ie feitelijk onbestuurbaar - het ding wil alleen rechtuit. Parkeren vraagt om harde handen. Manoeuvreren voelt als het verplaatsen van een stevig dressoir of duwen tegen een klemmende deur. Als optie ontkom je dus niet aan stuurbekrachtiging à raison van 395 euro. Maar dat kan alleen in combinatie met de duurdere Ambiance-versie. De echte prijs voor deze begin-Renault is dan 9.780 euro, inclusief kosten rijklaar maken. Die vanaf-prijs is dus een marketingtruc, die de consument op het verkeerde been zet.

Dacia is in Nederland zo onbekend dat het nauwelijks een B-merk is. Toch zet Renault deze auto in de eigen showroom en vermeldt op de achterklep 'by Renault'. Dat is verfrissend. Auto's worden in dit rijke land meestal (te) duur verkocht als manifestaties van een leefstijl of als identiteitverschaffers. Renault, de 'Créateur d'Automobiles', probeert z'n merk te laden met elegantie, stijl, design en soms zelfs erotiek. Kleinere Renaults heten 'Clio' of 'Twingo'. De middenklasse Mégane wordt wulps aangeprezen om een verondersteld 'kontje'.

De consument betaalt voor illusie, gevoel en zelfbeeld. In die versierde wereld van Renault parkeert dan opeens de neutrale Dacia Logan, met niet meer appeal dan een huishoudelijk apparaat. Met 'netjes' is alles over deze anonieme auto gezegd. De brochure laat het bij een 'perfecte sedan voor gezinnen'. Maar verder is de Dacia geheel kletskoek- en poeha-vrij. Alles draait om functionaliteit en prijs-kwaliteitverhouding. Dat is dan ook de enige boodschap die de Dacia-rijder aan de spreekwoordelijke buurman overbrengt. Kijk mij eens verstandig, voordelig en statusongevoelig zijn.

Van een goedkope auto moet je matige verwachtingen hebben, maar die worden makkelijk gehaald en zelfs overtroffen. Hoewel gewend aan een zwaardere auto hoef ik m'n rijstijl niet aan te passen. Het vreselijke cliché 'pittig' zou ik zelfs durven gebruiken. Als je het gaspedaal flink intrapt hoor je een bevredigende hoeveelheid lawaai. Daarna gebeurt niet heel veel, althans in de stad. Maar op de snelweg schaats ik makkelijk van baan naar baan. 120 km per uur is zelfs een sensatie te noemen, zeker bij windkracht zes van opzij. Hoewel lang pas ik makkelijk onder het dak - het stuur laat zich tussen de knieën klemmen en daarna heb je zelfs lol. Je moet namelijk aan het werk en dat ben ik niet meer gewend, verpest door cruisecontrol en veel pk's. De Logan wil aandacht. Geen idee hoe hard ik rijd want het stuurtje dekt de klokken half af, althans als je van vlak onder het dak omlaag moet kijken. Maar ik kom makkelijk mee op de A2. Deze basisauto heeft toch nog twee airbags en ABS. Het interieur laat geen enkele indruk achter. Op het dashboard mis ik niks.

Er is een vrij ruime koffer met een onhandig deksel. De auto voelt best solide en ruim aan. Met 50 km per uur spring je makkelijk over een verkeersdrempel. Schakelen gaat soepel. De koppeling is licht. De ruitensproeier werkt beter dan in m'n eigen auto. Het valt dus allemaal reuze mee, inparkeren daargelaten. De Logan lijkt me vooral geschikt voor (middelbare) mensen die zo min mogelijk geld aan een auto willen uitgeven en volkomen merkblasé zijn.

Maar jonge gezinnen? Dan zou de Logan geen sedan moeten zijn, maar een station wagon, of tenminste een hatchback waar je zo de wandelwagen in tilt. Tweedehands is te prefereren, want de ontwaarding zal wel hard gaan. Dan heb je toch een soort Renault die het nog jaren goed kan doen.

Folkert Jensma

Folkert Jensma is hoofdredacteur van NRC Handelsblad en rijdt in een Renault Espace

    • Folkert Jensma