'Iedereen is aan het meten geslagen'

De sterftecijfers tussen ziekenhuizen verschillen sterk. De minister: 'Een slecht presterende afdeling zegt iets over de kwaliteit van de hele organisatie.'

Hans Hoogervorst Foto Roel Rozenburg DENHAAG:JAN2002 Hans Hoogervorst FOTO Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

De sterftecijfers na een herseninfarct verschillen nogal per ziekenhuis. Dat bleek gisteren uit een inventarisatie over 2004 van de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Volgens de hoofdinspecteur curatieve gezondheidszorg bevat dit rapport, Het resultaat telt, de eerste 'harde gegevens over de kwaliteit van de gezondheidszorg'. Maar neurologen zeggen dat het ook mogelijk is dat de condities waarin patiënten binnenkomen per ziekenhuis verschillen.

Wat zeggen de grote verschillen in sterftecijfers eigenlijk en hoe moeten patiënten de resultaten interpreteren?

Minister Hans Hoogervorst van Volksgezondheid (VVD) ontving gisteravond het eerste rapport.

In het ene ziekenhuis overleden vier van de honderd patiënten na een herseninfarct. In een ander ziekenhuis meer dan dertig. Wat vindt u daarvan?

Hoogervorst: 'Het verbaast me niet. Tot voor kort wisten we niet hoe de ziekenhuizen presteerden en zij wisten het ook niet van elkaar. Dat de resultaten uiteen zouden lopen, had ik wel verwacht. Het geeft aan dat de markt nog niet goed functioneert.'

Zou u iemand van wie u veel houdt met een herseninfarct naar dat laatste ziekenhuis sturen?

'Nee.'

En voor een andere neurologische aandoening?

'Nee ook niet. Als ik zou weten dat er iets mis is in het ziekenhuis, zou ik er niemand naar toe sturen.'

En voor een ingewikkelde hartoperatie?

'Kijk, het kan best zijn dat de rest van dat ziekenhuis uitstekend presteert en dat er een hele goede cardiochirurg werkt. Maar in een normale organisatie is een zeer slecht presterende afdeling bijna altijd een indicator van een mindere kwaliteit van het hele bedrijf. Een verschil tussen bedrijven en ziekenhuizen is wel dat ziekenhuizen minder centraal bestuurd worden.'

Hoe zullen patiënten deze gegevens interpreteren?

'Voor de meeste patiënten maakt het niets uit. Zij zullen niet achter de computer gaan zitten om de resultaten van ziekenhuizen met elkaar te gaan vergelijken. Ze gaan ook niet de technische details van een vliegtuig bestuderen voor ze ermee gaan vliegen. Ook het inspectierapport is nog vrij ingewikkeld. Als je hiermee [de minister klopt op het inspectierapport] bezig bent, ben je een heel bewuste consument. De gegevens zijn vooralsnog vooral bedoeld voor de ziekenhuizen zelf. Iedereen, ziekenhuizen en specialisten, is aan het meten en aan het vergelijken geslagen. Raden van besturen hebben hiermee een wapen in handen om de prestaties in het ziekenhuis te verbeteren. We hebben zelf nog geen vertaalslag naar de patiënt kunnen maken en de ranglijstjes in de media zijn onbetrouwbaar.'

De gegevens zijn bedoeld om inzicht te krijgen in de kwaliteit van de gezondheidszorg. Hoe hebben de ziekenhuizen het eigenlijk gedaan, vindt u?

'Ik kan de prestaties niet vergelijken met die in het buitenland, dus dat is lastig. Met dit instrument lopen we voorop. Veel andere Europese landen zijn hier ook mee bezig, maar die zijn nog niet zo ver. Dat is echt het moeilijkst van de gezondheidszorg, om die transparant te krijgen. Opvallend is dat het aantal doorligwonden is gedaald, de pijnbestrijding is verbeterd en dat ziekenhuizen beter registreren. Aan de elektronische beschikbaarheid van informatie moet nog veel verbeterd worden.'

Het gevaar bestaat dat medisch specialisten rekening gaan houden met de indicatoren. Ze zouden tegen oude mensen kunnen zeggen dat ze naar een ander ziekenhuis moeten gaan omdat er geen plaats is.

'Daar moet je zeker bang voor zijn. Maar: cynisme past hier op geen enkele wijze.'

    • Esther Rosenberg