Hockey in zaal krijgt toch kans

Het zaalhockey leeft, wat de zwartkijkers ook mogen beweren. Aldus adjunct-directeur Marijke Fleuren van de Nederlandse hockeybond gisteren na afloop van de presentatie van de nieuwe beleidsplannen voor de overdekte zes-tegen-zes-variant. 'Het zaalhockeyhuis staat, met zo'n 50.000 beoefenaars. We voorzien het huis alleen van een nieuw dak en nieuwe inrichting.'

Zes jaar geleden kondigde de bond aan het zaalhockey nieuw leven in te willen blazen. Oranje Zwart was een van de clubs, die het signaal oppikte. Maar de club uit Eindhoven ondervond meer tegen- dan medewerking, constateerde hoofdcoach Eric Verboom anderhalve maand geleden verbitterd. Hij kon wegens 'een onzorgvuldige planning van de bond' geen beroep doen op zijn beste spelers, want die waren verplicht op pad met een van de nationale veldteams, met als gevolg dat Oranje Zwart de landstitel niet naar behoren kon verdedigen.

Technisch directeur Roelant Oltmans, tevens bondscoach van de veldselectie (mannen), heeft zich de kritiek ter harte genomen. Gisteren presenteerde hij een beleidsplan voor het kwakkelende zaalhockey. Het aanzien, het niveau en de status van de indoorvariant moeten omhoog, luidt zijn conclusie, waarbij gestreefd wordt naar 'een volwaardig zaalteam waarin geen plaats is voor veldinternationals'. Op het verlanglijstje staan verder een jaarlijks indoorevenement en 'gestroomlijnde kennisoverdracht'.

Ook Oltmans bestreed de suggestie als zou de bond het zaalhockey de laatste jaren niet serieus hebben genomen. 'Dit is voortschrijdend inzicht, een volgende stap in het proces dat we wel degelijk in gang hebben gezet. Vergeet niet waar we vandaan komen. Zes jaar geleden was er niets.'