Europeanen: Let op uw bestuur

Europeanen moeten zich meer bemoeien met het EU-bestuur, anders wordt het niets met de democratie. Dat betoogt de Amerikaanse opperrechter Stephen Breyer die een bezoek brengt aan Nederland.

Stephen Breyer bij optreden in de Verenigde Staten. (Foto Dan Lopez) U.S. Supreme Court Justice Stephen Breyer speaks to students and the general public at the McMillan Lecture Hall at the University of Alabama Law School, Monday, March 6, 2006, in Tuscaloosa, Ala. (AP Photo/The Tuscaloosa News, Dan Lopez) Associated Press

Rotterdam, 6 april. - Wat kan Europa leren van een boek over de duiding van de Amerikaanse constitutie? Veel, vindt de schrijver van het boek, niemand minder dan Justice Stephen Breyer, een van de negen leden (brethren) van het Amerikaanse Hooggerechtshof. Hij verbaast zich over het gebrekkige democratische gehalte van de Europese instellingen als je die vergelijkt met de Amerikaanse federale regeringsvorm.

Zijn uitspraken doet hij tijdens een gesprek in de bovenste suite van het Westin hotel met adembenemend uitzicht op de noordelijke helft van de stad Rotterdam en tijdens en na een lezing en discussie over zijn boek Active Liberty; interpreting our democratic Constitution bij de rechtenfaculteit van de Rotterdamse Erasmus-universiteit.

Van de actieve vrijheid in de vorm van democratische participatie die hij in zijn boek propageert als kern van de Amerikaanse constitutie, is in het Europese voorbeeld weinig te vinden. 'Kun je een systeem in Brussel creëren dat een enorme macht heeft over de burgers maar niet rechtstreeks is gekozen?', vraagt hij zich af. 'Wie zijn die Europese functionarissen en wat moet het parlement doen? De controle van de kiezers gaat gewoon via de Europese Raad die drie stappen van de burger is verwijderd en die bestaat uit ministers van regeringen die zijn gekozen op andere kwesties. En die Raad gaat meebepalen welke Europese functionarissen beslissen over het soort grasmaaimachines en de maat van de visnetten.'

Breyer heeft als een van de weinigen in de wereld het complete ontwerp van de Europese Grondwet gelezen, dat werd verworpen in Franse en Nederlandse referenda. 'Nog voor ik me erover had uitgesproken, werd het weggestemd. En je kunt niet zeggen tegen de kiezers dat ze dom zijn en dat ze het anders moeten doen', zegt hij. Het grootste probleem van de uitermate 'technische' grondwet is dat niet is gekozen waar de democratische macht komt te liggen: bij de Europese Commissie of bij het Europese Parlement. 'Als je daar schizofreen in bent, kun je niet beslissen', zegt hij.

Breyer beschouwt de actieve vrijheid oftewel de democratie als basis voor zijn interpretatie van de constitutie in rechtszaken. In zijn boek wil hij jongere generatie eraan herinneren hoe belangrijk die actieve deelname aan de overheid is, want er is angst dat de belangstelling van jongeren voor de politiek en de samenleving afneemt. 'Als je niet deel hebt aan een bepaalde regeringsvorm, zal die niet werken', zegt hij. Breyer zet zich ook af tegen conservatieve collega's in het Hooggerechtshof die een meer letterlijke, traditionele interpretatie van de tekst voorstaan en niets zien in het nadenken over het doel van de wet en over de praktische gevolgen in de huidige tijd. In veertig procent van de uitspraken zijn de negen opperrechters het allemaal eens. In alle andere gevallen is een grote of kleine minderheid van rechters het niet eens met de uitspraak. De justices kunnen het volgens Democraat Breyer goed met elkaar vinden maar vaak heeft Breyer tijdens discussies wel een 'stiekem vermoeden' wat zijn uitgesproken Republikeinse collega Scalia over een zaak gaat zeggen.

De achttiende-eeuwse Zwitserse politieke verlichtingsfilosoof Benjamin Constant onderscheidde de negatieve 'antieke' vrijheid van overheidsdwang van de 'moderne' positieve vrijheid van politieke deelname. De negatieve individuele vrijheden komen ruim aan de orde in Europa. Ook de meeste rechtszaken in het Amerikaanse Hooggerechtshof gaan erover. De Amerikaanse regering worstelt nu met de rechten van de gevangenen in de militaire basis Guantanamo Bay waar het Hooggerechtshof zich al drie keer over uitsprak. Daarbij werd bepaald dat Guantanamo Bay wel degelijk onder Amerikaanse jurisdictie valt zodat de gevangenen die vaak zonder enige uitzicht vastzitten recht hebben op een Amerikaanse rechter. Dit soort zaken over mensenrechten doen zich in Europa minder voor.

Maar in Europa schort het aan iets anders: aan democratische participatie. Nog steeds geldt volgens Breyer het onderscheid dat de Amerikaanse James Madison eind achttiende eeuw al maakte: de Amerikaanse regeringsvorm was een 'handvest van macht, geschonken uit vrijheid', terwijl het in Europa gaat om een 'handvest van vrijheid, geschonken door de macht' . De Europese verdragen kwamen van bovenaf tot stand, terwijl aan de Amerikaanse constitutie van onder af werd gebouwd.

De collega's van Breyer bij het Europese Gerechtshof in Luxemburg of bij het Europese Hof voor de mensenrechten in Straatsburg moeten het zonder de steun van zo'n helder democratische constitutie doen. Breyer noemt de verscheidene verdragen waar de Europese rechters zich op beroepen maar 'als er meerdere documenten zijn om aan te relateren, is de kans op dubbelzinnige uitspraken groot'. Europese rechters moeten die verdragen 'met zeer algemene bewoordingen' gaan interpreteren voor 'samenlevingen die meer en meer multicultureel en multiraciaal zijn' .

Nu erkent Breyer dat de Amerikanen een unieke kans hadden. 'Amerika had indertijd vier miljoen inwoners van gelijke culturele achtergrond en gelijke taal. Ze wilden een regering in het leven roepen' , zegt hij. 'Hier in Europa wordt aan 25 naties met 350 miljoen mensen, 20 verschillende talen, geschiedenissen en culturen gevraagd niet om een overheid te creëren maar om veranderingen aan te brengen in verdragen die al zijn gesloten en die al sommige regeringsvormen in het leven hadden geroepen. Dat is iets heel anders'.

Met medewerking van Tatiana Scheltema

    • Maarten Huygen