Telefónica zit met TPI

Investeringsmaatschappijen mogen dan veel geld hebben verdiend aan goudengidsbedrijven, dat wil nog niet zeggen dat ze bereid zijn om belachelijk hoge bedragen voor zulke bedrijven neer te tellen. Dat is de boodschap die naar voren komt uit de poging van Telefónica om zijn goudengidsdivisie TPI te verkopen. Het Spaanse telecomconcern gaf vorige week toe dat de biedingen die het tot nu toe ontving voor zijn belang van 60 procent in TPI niet boven de toen geldende marktwaarde van 9,60 euro per aandeel zijn uitgekomen. Intussen is de koers gedaald tot net iets boven de 9 euro.

Minderheidsaandeelhouders lijken zich rijk te hebben gerekend als het gaat om wat een bieder zich kan veroorloven. Daarbij zijn ze er vermoedelijk van uitgegaan dat de waardering kan worden opgekrikt tot minstens zeven maal de winst, zodat het bedrijf na drie jaar voor twaalf maal de winst verkocht zou kunnen worden. In dat scenario zouden de investeringsmaatschappijen een rendement van zo'n 17 procent boeken - niet flitsend, maar goed genoeg als je bedenkt dat investeerders veel te veel ongebruikt kapitaal op hun balans hebben staan.

Maar wacht eens even. Het feit dat investeringsmaatschappijen zwemmen in het geld hoeft nog niet te betekenen dat zij zomaar alles overhebben voor nieuwe overnames. En op een niveau van bijna vijftien maal de winst over dit jaar is TPI duur. Dat meervoud ligt veel hoger dan wat investeringsmaatschappijen voor andere goudengidsbedrijven hebben betaald en vertegenwoordigt een premie van 30 procent ten opzichte van het Britse Yell, dat naar verluidt de enige branchegenoot is die nog belangstelling heeft voor de Telefónica-divisie. Het risico voor iedere koper is dat de overname plaatsvindt op het hoogtepunt van de cyclus.

Telefónica is zich daarvan bewust. Daarom zou het concern geen problemen hebben met een bod dat rond de 9,60 euro per aandeel ligt, aldus een ingewijde. Maar zelfs dat kon wel eens te veel gevraagd zijn. De minderheidsaandeelhouders van TPI beginnen de boodschap te begrijpen. De koers is vorige week met 5 procent gedaald en schommelt nu rond de 9 euro per aandeel. Het risico bestaat dat Telefónica de transactie afblaast. Het concern is immers niet gedwongen te verkopen, tenzij het in de zeer nabije toekomst meer grote overnames wil doen. Minderheidsaandeelhouders willen misschien niet het geduld betrachten om af te wachten wat er dan zou kunnen gebeuren.

Fiona Maharg-Bravo

Voor meer commentaar uit Londen: www.breakingviews.nl Vertaling Menno Grootveld