“Dissidenten Cuba belaagd'

Economisch gaat het beter in Cuba, maar degenen die de revolutie beu zijn, hebben daar weinig aan. De onderdrukking van dissidenten neemt volgens het westen zelfs toe.

HAVANA, 5 April. - Nog liever dood dan een leven zonder internet. Zo ziet de 42-jarige Cubaanse journalist Guillermo Fariñas het in ieder geval. En ´t is hem menens. Vanochtend begon de 63ste dag dat hij weigert voedsel tot zich te nemen. Via de hongerstaking hoopt hij op het gesloten eiland een plekje op het wereldwijde web af te dwingen.

“Guillermo kan zonder internet niet werken met zijn onafhankelijke persbureau Cubanacán. Vroeger kon hij terecht in een cybercafé maar dat is gesloten en nu kan hij geen berichten meer verzenden“, zegt zijn moeder Alicia Hernández. “Mijn zoon vindt dat elke burger recht heeft op vrije toegang tot internet om informatie te ontvangen en te verspreiden.“

Op de intensive care afdeling van een ziekenhuis in de stad Santa Clara wordt Fariñas via sondevoeding in leven gehouden. Hij heeft verlammingsverschijnselen en ernstige hoofdpijn en oogt vel over been. Fariñas is 25 kilo afgevallen en weegt nog maar 59 kilo. “Hij verzekert me niet te zullen stoppen voordat zijn eisen zijn ingewilligd“, zegt de Cubaanse collega Niurvys Díaz die hem gisteren nog bezocht. Ze vreest dat hij weldra sterft.

Ook journalist Juan Carlos Herrera (39) koos een hongerstaking als actiemiddel. Hij at 3,5 week niets. Nu herstelt hij in het ziekenhuis van de stad Camagüey. Herrera had zijn lippen dichtgenaaid om eten onmogelijk te maken. Het is een protest tegen de straf van 20 jaar die de Cubaanse journalist in 2003 kreeg opgelegd wegens dissidente activiteiten. In het ziekenhuis zijn de hechtingen verwijderd. Zodra hij is aangesterkt, gaat hij weer achter slot en grendel.

Cuba is de grootste gevangenis voor journalisten, vindt de organisatie Reporters zonder grenzen. Er zitten 23 journalisten op het Caraïbische eiland opgesloten wegens het uitoefenen van hun journalistieke ambacht. De distributie van nieuws is in Cuba een monopolie van de staat. En degenen die dat alleenrecht aantasten, lopen volgens de belangenorganisatie groot gevaar.

Het totale aantal politieke gevangenen in het ruim elf miljoen inwoners tellende communistische land bedraagt ruim 330, zegt persattaché Drew Blakeney van de Amerikaanse diplomatieke vertegenwoordiging in Havana. En het mag dan economisch iets beter gaan in Cuba, de onderdrukking van andersdenkenden neemt volgens westerse diplomaten alleen maar toe.

“Dissidenten worden steeds vaker belaagd. Er wordt ingebroken in hun huizen en ze worden soms fysiek lastig gevallen“, zegt Blakeney. De Amerikanen noemen de aanvallers van dissidenten “de Klu Klux Klan van Cuba'. “Er is sprake van goed georganiseerde groepen die door de overheid met bussen worden aangevoerd. De Cubaanse regering zet knokploegen in om anderen te intimideren.“

Darsi Ferrer kan er over mee praten. Hij is arts en leidt een onafhankelijk mensenrechtenbureau en gezondheidscentrum. Ferrer is zeer regelmatig lastig gevallen en bedreigd. Afgelopen maandag is het kleine beetje van waarde in zijn woning in Havana gestolen. “De inbrekers kwamen nota bene binnen via het gangpad van de buurman. Die is gepensioneerd ambtenaar van het ministerie van Binnenlandse Zaken. De wakende en normaal wild blaffende Doberman van de buren leverde kennelijk geen probleem op.“

De dieven hebben de medische apparatuur van dokter Ferrer gestolen. Alleen zijn veertig jaar oude ijskast en de gammele wasmachine hebben de inbrekers niet meegenomen. Maar de apparaten zijn wel onklaar gemaakt. Om te pesten, vermoedt het slachtoffer.

Het bovenstaande is de doorsnee Cubaan niet bekend. In de ogen van het Cubaanse bewind bestaan dissidenten namelijk niet. Er zijn hooguit enige dwarsliggers die zich tegen de revolutie keren. En dan zijn er nog de hardnekkig andersdenkenden. Die hebben een gevangenisstraf gekregen omdat ze “huurlingen van de Amerikaanse regering“ zijn. Zij verdienen verder ook geen aandacht.

Maar met het verschijnsel politieke gevangene is de Cubaan vertrouwd. In elk overheidsgebouw of buurthuis hangen de portretten van de vijf Cubanen die in de Verenigde Staten wegens spionage zijn veroordeeld tot straffen van vijftien jaar tot levenslang. Ze werden in 1998 opgepakt samen met een tiental andere Cubaanse geheime agenten die uiteindelijk de dans ontsprongen omdat ze meewerkten met de Amerikaanse justitie.

In elk gesprek met Cubaanse overheidsfunctionarissen wordt het schandalige lot van deze politieke gevangenen, “de vijf helden', ter sprake gebracht. De mannen infiltreerden volgens Havana in de “Cubaanse maffia“ in Miami om aanslagen van de vijanden van Fidel Castro in Cuba te voorkomen “Het werk van die agenten was volledig gerechtvaardigd gelet op de geschiedenis van aanhoudende Amerikaanse agressie tegen Cuba“, zegt Miguel Alvarez, politiek adviseur van de voorzitter van hete Cubaanse parlement.

Vorig jaar hebben rechters in Atlanta bepaald dat de berechting van de Cubanen over moet. Ze hebben in het Castro vijandig gezinde Florida geen eerlijk proces gehad. “Bovendien hebben ze achttien maanden in eenzame opsluiting moeten doorbrengen en kregen zelfs de advocaten maar een deel van het bewijs te zien“, vertelt Roberto Rodriguez. Hij is broer van een van de vijf helden - René die in de VS tot 15 jaar is veroordeeld - en assisteert als Cubaans advocaat de Amerikaanse verdediging. “De Amerikaanse justitie deugt niet“, zegt hij.

De zaak van de vijf helden bewijst volgens Alvarez dat de Amerikanen met twee maten meten. Hun verontwaardiging over dissidenten is hypocrisie. En overigens zou ook Cuba naar eigen zeggen niets liever doen dan iedereen in de gelegenheid stellen goedkoop en snel te internetten. Maar uitgerekend de Amerikaanse boycot verhindert de Cubaanse aansluiting op snelle kabels die over de bodem van de oceaan naar Florida lopen. Nu moet Cuba het met slome satellietverbindingen doen.

Hongerstaker Guillermo Fariñas gelooft er niets van. En daarom gaat hij door met zijn actie. “Zo kan ik bewijzen dat ik geen huurling ben van een buitenlandse macht“, schreef hij op 14 maart aan vrienden. “Ik handel niet uit financiële motieven.“

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel 'Dissidenten Cuba belaagd' (5 april, pagina 5) staat dat afgelopen maandag is ingebroken in de woning van dissident Darsi Ferrer. Die inbraak was drie weken eerder, op maandag 13 maart.

    • Marcel Haenen