Het mobieltje brengt ons geen geluk

Vergroeid zijn met de mobiele telefoon is niet verstandig.

Een weldenkend mens moet ook af en toe alleen durven te zijn.

,,Twwwrrrrreeeeetttthhh!!' Ik schrik wakker en tast met mijn handen wild om mij heen, op zoek naar mijn mobieltje. Ik vind het apparaat naast het bed in het voorvakje van mijn tas en kijk versuft naar het lege display. ,,Twwreeeettthhh!' Het geluid komt van boven, aan de andere zijde van het rieten dak waar ik onder lig. Het is een vogel! Ik wrijf de slaap uit mijn ogen en bedenk: ik zit in een strandhutje in Mexico...Ik heb hier helemaal geen bereik. Ik ben hier alleen.

Het is een vreemde sensatie. Hoe vaak gebeurt het eigenlijk nog dat we geheel op onszelf zijn teruggeworpen? Bijna nooit nu de meeste mensen altijd een mobieltje binnen handbereik hebben.

De schrijver en vertaler August Willemsen (50+) uitte een paar jaar terug in Vrij Nederland al zijn verbazing over de communicatiedrift van backpackers die hij op zijn rondreis door Australië tegen het lijf liep. Het viel hem op dat zijn jongere medereizigers elke dag, via email of telefoon, contact hadden met het thuisfront. Daardoor, meende hij, waren ze eigenlijk nooit echt helemaal 'weg'.

Willemsen beschrijft hoe hij zelf in de jaren vijftig en zestig door Frankrijk en Spanje liftte en aan het eind van de dag nooit wist waar hij zou zijn. Af en toe stuurde hij een kaartje naar huis. Telefoneren kwam al helemaal niet in hem op. Maar, concludeert hij moedeloos: 'Voor een generatie voor wie de Tweede Wereldoorlog al haast iets uit de Middeleeuwen is, is het geschiedenis.' De schrijver geeft toe dat hij overkomt als een 'oude zak', toch ziet hij de dwangmatige communicatiedrang van zijn jongere medereizigers met lede ogen aan: ,,Iemand die zijn mobieltje kwijt is, is als een baby zonder speen.'

Waarom is het belangrijk om af en toe alleen te zijn? De filosoof Arthur Schopenhauer (1788-1860) hield zich in het telefoonloze tijdperk al bezig met deze kwestie. Deze pessimist en vrouwenhater schreef in Aphorisme zur Lebensweisheit (1850): 'Een mens kan slechts zichzelf zijn als hij alleen is. En als hij niet van eenzaamheid houdt, houdt hij niet van vrijheid, want enkel wanneer hij alleen is, is hij echt vrij.'

Schopenhauer was van mening dat mensen niet zozeer contact met elkaar zoeken omdat ze graag met elkaar samenleven. Het is de angst voor de eenzaamheid die mensen tot elkaar drijft. Volgens de filosoof vrezen wij de 'monotonie van ons eigen bewustzijn.' Hij vergeleek het geluid van een Russische hoorn (maar één noot) met wat er in het hoofd van de meeste mensen plaatsvindt (maar één gedachte). De meeste mensen, met uitzondering van de intellectueel - volgens Schopenhauer 'een artiest die in zijn eentje een heel concert kan geven' - zijn vreselijk saai. Daarom zoeken ze elkaar op: de eigen eenzaamheid is namelijk onverdraaglijk.

Schopenhauer acht het dan ook van groot belang dat mensen al op jonge leeftijd leren om niet weg te rennen voor hun eigen gedachten, of deze nu monotoon blijken te zijn of niet. 'Het zou een hoofdelement van de opvoeding der jeugd moeten zijn haar te leren eenzaamheid te verdragen, daar deze een bron van geluk en gemoedsrust is.'

Dat die gemoedsrust wreed is verstoord met de komst van de mobiele telefoon is wel duidelijk. Een stil moment in de trein of een goed gesprek met een aantrekkelijke medepassagier kan op ieder moment worden verstoord door een opdringerige ringtoon.

Om over sms-verslaving nog maar te zwijgen. Begin vorig jaar berichtte de Italiaanse media over een Italiaans tienermeisje dat gemiddeld honderd sms'jes per dag verzond en daardoor een ernstige peesontsteking had opgelopen. De krant Corriera della Sera meldde dat uit onderzoek was gebleken dat ongeveer 37 procent van de Italiaanse kinderen 'mobieltjesverslaafd' is. Het Amerikaanse opinieblad The Nation interviewde een tijd terug een aantal jongeren over het gebruik van hun mobiele telefoon. De meesten gaven toe dat ze niet zonder konden en dat ze het telefoontje beschouwen als een verlengstuk van hun lichaam. Een meisje bekende: ,,Zonder mobiele telefoon heb ik geen leven.'

Inmiddels heeft The Priority Clinic in Londen (bekend geworden omdat hier beroemdheden als het supermodel Kate Moss zijn behandeld voor drugs- of drankverslaving) al een aantal jaren een afdeling voor sms-verslaafden (waarvan de meerderheid onder de 16 jaar). In een interview, twee jaar geleden met de Strait Times, uitte afdelingshoofd Mark Collins al zijn verontrusting over het feit dat steeds meer jongens en meisjes last krijgen van het 'compulsive texting syndrome'. Sommige pubers sms-en zeven uur per dag.

Een van de verslaafden, een veertienjarige jongen, vertrouwde de journalist toe dat hij zelfs slaapt met zijn telefoon onder zijn kussen. ,,Als ik een boodschap ontvang, moet ik gewoon wakker worden om het bericht te lezen.'

Volgens de Britse psychiater Elizabeth Fenton is het versturen van sms'jes nog niet eens het schadelijkst. Het continue checken of er al een nieuw bericht binnen is gekomen is een nog veel grotere verslaving.

Dit soort berichten zijn ronduit treurig. Want wie zich zo afhankelijk opstelt en zo hunkert naar de bevestiging van een ander, kan onmogelijk het geluk bij zichzelf vinden. Hoe kun je vertrouwen krijgen in jezelf, als je de dag vult met het luisteren naar de meningen van anderen?

Dat het goed is om met anderen te praten en in discussie je denkbeelden te toetsen om tot een eigen oordeel te komen, zal niemand ontkennen. Via anderen kun je je eigen opvattingen aanscherpen. Maar uiteindelijk kan niemand zich achter een ander verschuilen. De antwoorden op alle vragen die een mens kan stellen, moet hij of zij zelf geven. En daarvoor moet je los durven staan van anderen. Dat kan alleen als je af en toe helemaal alleen bent. Wie angstvallig dag en nacht zijn mobiele telefoon checkt om te zien of er nog berichten binnen zijn gekomen en dus niet zonder een continue bevestiging van de buitenwereld kan leven, zal dit nooit leren.

Maar wat moeten we dan doen? De mobiel afschaffen en net als Schopenhauer op een kamertje gaan zitten kniezen? Geen goed idee.

De Duitse filosoof wist dan wel het nodige over zijn medemens te vertellen, gelukkig was hij bepaald niet. Schopenhauer was een misantroop die hunkerde naar erkenning. Hij kon, net als ieder ander mens, geen leven los van anderen leiden.

Het heeft dan ook weinig zin om te pleiten voor de afschaffing van het mobieltje. Daarbij is het inmiddels zo'n vastgeroest onderdeel van ons dagelijks bestaan, dat een leven zonder nauwelijks nog is voor te stellen. Zonder mobiel zouden we onmiddellijk last krijgen van fantoompijn. En uiteindelijk is het ook de vraag of de praktische voordelen van het hebben van een draagbaar telefoontje wel opwegen tegen het minder aanwijsbare belang van 'de zelfstandigheid'.

Want het hebben van een mobiele telefoon heeft ook enorme voordelen: het maken en verschuiven van afspraken is flexibeler geworden (je zit wéér eens in een vertraagde trein en bent niet op tijd), het is makkelijker geworden om meerdere mensen lief te hebben (je stuurt een sms naar je minnares terwijl je een lekker maal staat te koken voor je vrouw), ouders kunnen eenvoudig checken waar hun kinderen uithangen (als ze opnemen), mensen in noodsituaties (je ligt onder het puin of een berg sneeuw) kunnen bellen en tijdig worden gered. Uit een onderzoek van het Britse Action on Smoking and Health Institute (ASH) is zelfs gebleken dat sms'ende jongeren minder roken.

Betekent dit dat we het dan maar moeten opgeven om ooit nog gelukkig met onszelf te worden? Nee. Het antwoord is simpel: word niet afhankelijk van een apparaatje. Durf een eigen leven te leiden: zet die mobiel gewoon uit. Wie dat niet (geregeld) doet, wordt net zo'n hopeloos geval als ik: iemand die graait naar een telefoon als er ergens een vogel fluit.

    • Rosan Hollak