Frankrijks probleem

Over ruim twee jaar bestaat de Vijfde Franse Republiek een halve eeuw, maar president Jacques Chirac doet er alles aan om het niet zo ver te laten komen. Zijn antwoord op de problemen in de Franse samenleving, voorlopig culminerend in een heilloos compromis over een arbeidscontract voor jongeren, zet de deur open voor het soort politieke instabiliteit dat heerste tijdens de Derde en Vierde Republiek (1870-1940 en 1946-1958).

In de huidige Franse constitutie heeft de president meer macht dan het parlement en de premier. Dit onderscheidt de Vijfde Republiek van haar voorgangers, waarin parlementen naar believen en soms met dubieuze motieven regeringen naar huis konden sturen. Het was Charles de Gaulle die politieke hervormingen afdwong en 1958 een nieuwe grondwet bij de kiezers in stemming bracht. Die markeerde het begin van de Vijfde Republiek, met een machtiger president. Als de president zijn macht echter nauwelijks gebruikt, of verkeerd, - zoals bij Chirac het geval is - dan blaast het systeem zichzelf op. Scherp gesteld is Frankrijk door elf jaar presidentieel wanbeleid in de politieke en maatschappelijke gevarenzone gekomen. Daarom zijn de presidentsverkiezingen van volgend jaar zo belangrijk. Er kan een streep worden gezet onder een tijdperk waarin geen enkel probleem werd opgelost en iedere poging tot hervorming van economie en staat in futloze schikkingen smoorde.

Een nieuwe president kan laten zien wat zijn rol dient te zijn: leiding geven aan de natie. Dat betekent ook: moeilijke en impopulaire beslissingen nemen en deze aan de kiezers durven uit te leggen. Chirac heeft dat altijd handig weten te omzeilen. Beslissingen gaat hij bij voorkeur uit de weg. En als er iets besloten moet worden, kiest hij voor aanpassingen en verzachtingen die het oude (deels) behouden en het nieuwe vertragen of ongedaan maken.

Zie het gedoe over het Contrat Première Embauche (CPE), het flexibele arbeidscontract dat jongeren een proeftijd geeft van twee jaar, een periode waarin ze zonder opgaaf van redenen kunnen worden ontslagen. Over deze in wezen bescheiden hervorming is een enorme maatschappelijke en politieke heisa ontstaan. Toen Chiracs premier, Dominique de Villepin, faalde in het sussen van de onrust, had de president het heft in handen moeten nemen. Hij had moeten uitleggen waarom Frankrijk met zijn tijd mee moet en toe is aan sociaal-economische veranderingen. In plaats daarvan gaf hij in een zalvende toespraak iedereen een beetje gelijk, en dus niemand. Het arbeidscontract wordt wet, maar de president zal de wet meteen laten aanpassen. Chirac réforme la réforme - Chirac hervormt de hervorming - kopte het Franse dagblad Le Figaro puntig. Het is exemplarisch: weer een besluit dat geen besluit is.

Door zijn verantwoordelijkheden uit de weg te gaan, heeft de president een machtsvacuüm geschapen. Frankrijk heeft met meer te kampen dan met disfunctionerend politiek leiderschap, maar de Vijfde Republiek zou er beter aan toe zijn als Chiracs bewind eerder was geëindigd.