Bijna duizend bochten

Doelloos dwalen is onmogelijk, maar het is wel te benaderen. De derde aflevering van een serie over zinloze mobiliteit, over de rigide instructies van psychogeograaf Wilfried Hou je Bek.

Een Kever bij de Berlijnse Muur Foto Andreas Rentsch, bewerking Fotodienst NRC Handelsblad Doelloos dwalen met Wilfried Hou je bek Achterpagina; pagina 20 Car Between Two Trees in Front of Berlin Wall Jupiterimages

'Eerste links, tweede rechts, tweede links. Herhaal.' Dat is een van de instructies waarmee psychogeograaf Wilfried Hou je Bek mensen aanzet tot onverwachte wandelingen. Je krijgt geen bestemming op, alleen een script dat je als een robot moet afwerken en dat je een nieuwe kijk op de stad moet opleveren. Hou je Bek weet niet of het ook werkt als je de auto pakt, dus ik neem de proef op de som.

Al meteen blijkt dat je nog wat aanvullende regels nodig hebt: als ik op de Amsterdamse Overtoom stuit kan ik niet anders dan links of rechts, terwijl ik volgens mijn opdracht de tweede links zou moeten nemen. Ik besluit dat in zulke gevallen de opdracht vervuld is door de eerste links te nemen. Verder moet je doodlopende straten, eenrichtingsstraten en parkeerplaatsen niet meetellen.

Een aaneenrijging van arabesken voert me door de kleinste zijstraten. Dat klinkt elegant, maar vanuit een helikopter ziet het er waarschijnlijk meer uit als een kevertje dat tegen onzichtbare muren botst, een kwartslag draait, zijn weg vervolgt, weer tegen een virtueel obstakel botst, enzovoort. Zonder enig gevoel voor richting beweeg ik me voort, door sommige straten kom ik vier, vijf, zes maal, maar zo lang je niet bij hetzelfde stukje van het script bent, zit je nog niet in een loop.

Eindeloos rijd ik rondjes door een buurt tot ik, geheel onverwachts, op een grotere weg terechtkom die me eruit slingert. Even mag ik een stukje rechtuit, tot ik in de volgende buurt gevangen raak. Zo beweeg ik langzaam van Oud West, naar Oud Zuid, naar de Pijp om na 27,4 kilometer in de Rivierenbuurt toch in een echte loop te schieten. Omdat ik het mobiele nummer van Hou Je Bek niet heb, besluit ik de auto maar simpelweg honderdtachtig graden te draaien.

Het script kent natuurlijk geen verschil tussen zinloze en zinvolle afslagen, maar zo'n gelijkmoedigheid is de mens niet gegeven, dus mijn hart springt op als de tweede links ineens een oprit van de A10 is. En mijn gemoed betrekt als ik in Diemen in een doolhof van woonerven terechtkom: Kruidenhof, Schelpenhoek en Akkerland houden me ruim een uur in hun greep. Als ik eindelijk aan Diemen ontsnap, leidt het script me binnen de kortste keren naar Duivendrecht, waar identieke woonerven wachten en identieke wantrouwende blikken van bewoners. Bijna wanhopig probeer ik links en rechts te ontdekken op de zich vertakkende woonerven en ik vrees al definitief bekneld te zitten in de haarvaten van Diemendrecht, als ik via een rafelrand met daaraan het hoofdkwartier van de Hells Angels, de Bijlmerbajes en duizend vuurrode containers voor studenten, plots de Bijlmer in word gekatapulteerd. En er weer even snel uit verdwijn, want ondanks alle sloop en nieuwbouw is de Bijlmer nog steeds grotendeels voetgangersgebied en schiet je met de auto razendsnel over het haakse grid van wegen en dreven.

Weer kom ik op een snelweg, de A9 ditmaal, en de afslag naar Almere lonkt al, maar het script is onverbiddelijk: ik moet de tweede rechts nemen en niet de eerste, en dat is uitgerekend afslag Diemen. 'Ga direct naar de gevangenis. Ga niet langs Af. U ontvangt geen 200 gulden', schiet door me heen. Maar dit keer is Diemen me genadig en na vijf rondjes zit ik weer op de snelweg, op naar Amsterdam-Noord.

Ik dwarrel van Bloemenbuurt-Zuid naar Nieuwendam-Noordwest-Noord en terug en bijna nergens word ik gehinderd door verkeersdrempels en andere autopesterijtjes. Dit is het stadsdeel dat van auto's houdt, zelfs parkeren is hier gratis. En dan kom ik, met spierpijn van de bijna duizend bochten, op de kaarsrechte N247 naar Volendam. Het heeft me 115 kilometer en vijf uur gekost om aan de stad te ontsnappen.

    • Tijs van den Boomen