Anonieme solidariteit

Verstatelijkte en anonieme solidariteit, daarmee associeert de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) de verzorgingsstaat. Vorige week verscheen het rapport: 'Verschil Maken: eigen verantwoordelijkheid na de verzorgingsstaat.' De raad betoogt daarin dat de regelzuchtige overheid van de verzorgingsstaat niet past bij een samenleving die de nadruk legt op inwoners die verantwoordelijkheid voor hun eigen leven en leefomgeving nemen.

Burger, burgerschap en burgerzin zijn de kernbegrippen van een maatschappij van 'eigen verantwoordelijkheid'. De RMO heeft een voorkeur voor een speciek soort burger: de 'citoyen'.

Een citoyen is een vrije inwoner die zijn vrijheid koestert zonder het publieke belang uit het oog te verliezen. Soms maakt hij keuzes die tegen de beleidsdoelstellingen van de overheid ingaan en/ of irrationeel zijn. Hij kiest bijvoorbeeld een slecht presterende school voor zijn kinderen, omdat de sfeer hem bevalt. De citoyen bepaalt zelf met welke groepen hij solidair is.

De RMO neemt waar dat de overheid met de mond een voorkeur voor citoyens belijdt, maar hun tegelijkertijd het leven nodeloos moeilijk maakt. Voorzitter van de commissie die het rapport opstelde, Paul Frissen, toont zich in een vraaggesprek metVrij Nederland en in het stuk hierboven een echte citoyen. Hij vindt dat je zelf moet kunnen bepalen waar je belastinggeld naartoe gaat. Van dat plan verwacht hij een doorleefder solidariteit: een solidariteit die zich kenmerkt door lotsverbondenheid en dankbaarheid en niet door anonimiteit en abstractie.

Ik zie de televisieshows al voor me waarin verschillende achtergestelde groeperingen die wel een beetje solidariteit kunnen gebruiken, strijden om onze belastingcenten. Dat wordt nog lastig kiezen tussen gehandicapte AOW'ers en werkloze jongeren.

Sommige groepen zullen volgens Frissen altijd de dupe zijn van ons economisch bestel. Het bestaan van een onderklasse noemt hij onvermijdelijk. Hij ziet alleen niet in waarom de overheid daarvoor verantwoordelijk is; als het bestaan van een onderklasse je dwarszit, moet je er iets aan doen. Oftewel, het verbeteren van het lot van de onderklasse is een van de prioriteiten die de citoyen zich kan stellen.

Hij kan er natuurlijk ook voor kiezen zich een ander lot aan te trekken en solidair te zijn met een groep die hem meer bevalt: bijvoorbeeld armlastige kunstenaars of de plaatselijke horeca. Misschien tonen die groepen zich wel dankbaarder voor de betoonde solidariteit dan de onderklasse.

Dankbaarheid is volgens Frissen een heerlijk gevoel. Hij ziet liever dat mensen afhankelijk zijn van hun medeburgers dan van de staat. Heeft hij gelijk? Het is vast veel leuker om een patroon dankbaar te zijn voor de gulle gaven die je zonder formulier kon incasseren dan je dagen te vullen met zeuren op de bureaucratie.

Een bijzondere, niet-statelijke, tweedeling zou zo kunnen ontstaan: tussen de gevers en de dankbaren. Ik ken wel wat armoedzaaiers die bereid zijn Frissen elke ochtend dankbaar toe te juichen voor een paar euro...

Wat is er eigenlijk mis met verstatelijkte en anonieme solidariteit? Er zijn veel mensen in Nederland die behoefte hebben aan meer steun en zorg dan ze kunnen betalen. Ik hoef die mensen niet te leren kennen. Ik heb er geen behoefte aan om me uitvoerig in hun levensomstandigheden te verdiepen en ik wil niet zelf tussen hun noden hoeven kiezen, omdat ik bang ben dat ik me door mijn irrationele voorkeuren (ik heb een zwak voor bijstandsmoeders) zal laten leiden.

Als het goed is werken bij de overheid mensen die deze keuzes wel kunnen maken. Niet op basis van persoonlijke voorkeuren maar op grond van criteria waarop we (hopelijk) invloed hebben als we onze stem uitbrengen.

Degenen die geld ontvangen van de overheid, hoeven van mij niet dankbaar te zijn. Ik ga ervan uit dat ik aanspraak maak op steun en zorg als de rollen zijn omgedraaid. En als de rollen niet omdraaien, is er altijd nog de hypotheekrenteaftrek waarmee de lagere inkomens zich solidair tonen met de veelverdieners...

Dit zijn voorbeelden van een anonieme, abstracte, verstatelijkte vorm van lotsverbondenheid. Je betoont (deels gedwongen) solidariteit met personen die je niet kent en misschien wel eerder uit welbegrepen eigenbelang dan omdat je zo begaan bent met hun lot.

Maar dankzij die anonieme solidariteit kun je je eigen irrationele keuzes maken. Ik maak geld over omdat een televisiespotje mijn aandacht trok, ik toevallig een artikel in de krant las, ik niet wist dat er al meer dan genoeg geld voor de slachtoffers van de tsunami was gedoneerd... Ik verwacht van de overheid dat ze mij daarin aanvult, dat zij juist oog heeft voor de 'niet-gehypete' noden.

Als we tegen de stroom in het argument eens omdraaiden. Stel dat inwoners onderling goed in staat zijn om solidariteit op veel fronten vorm te geven, is dat dan een reden voor de overheid om terug te treden? Is zij niet juist de publieke institutie waaraan we die taak willen toevertrouwen?

Je bakt eens een taart voor een zieke kennis, je breit een paar truien voor je benedenburen (breien is weer helemaal hip), je vast eens een weekje voor een goed doel. Maar als een structurele herverdeling van inkomen nodig blijkt, draag je die taak over aan een instantie die evenwichtige keuzes maakt.

Ik vind dat een overheid die een goede, breed gedragen sociale politiek voert, 'het verschil maakt'. Een staat die die verantwoordelijkheid uit de weg gaat, kunnen we net zo goed opheffen.

Menno van der Veen is jurist, filosoof en programmamaker bij de Balie in Amsterdam.

    • Menno van der Veen