Het merk Timmer & Timmer

Henk Timmer is bezig aan een bijzondere carrière. Van keeper bij Zwolle, reserve bij AZ, Ajax en Feyenoord, tot international. Ook zijn leven ernaast is opmerkelijk. Als deel van het 'winners-duo'.

Henk Timmer: „Na Mariannes gouden plak was het een hype dat wij samen waren, het was een gekkenhuis.” Foto Freddy Rikken freddy rikken Henk Timmer doelman AZ 23/3/2006 Rikken, Freddy

In een sigarenwinkel, waar oud-voetballers in het verleden hun dagen sleten, zal hij niet eindigen. En voor een zwart gat hoeft hij na zijn actieve carrière evenmin bang te zijn. De BV Henk Timmer draait nu al op volle toeren. Met of zonder zijn keeperswerk bij AZ. 'Andere voetballers hebben misschien minder een wereld buiten het voetbal. Vroeger was het beeld van een voetballer dat hij dom was en alleen de ballen erin moest schieten. Nu zijn spelers gemiddeld wat mondiger en slimmer', zegt Henk Timmer, keeper bij de huidige nummer twee uit de competitie en tweede man bij Oranje.

Hij relativeert zijn activiteiten buiten de Alkmaarder Hout zoveel mogelijk. De buitenwacht moet niet de indruk hebben dat voetbal een goedbetaalde schnabbel is geworden. In zijn kledingzaak Timmer & Timmer Mannenmode in Harderwijk ('U vindt in onze winkel modische kostuums voor de zelfbewuste man' - aldus de website timmerentimmer.com) spendeert hij nauwelijks tijd. 'Mijn broer doet de inkoop. Ik loop alleen af en toe eens naar binnen.' Ook bij Belastingsadviesburo G. Timmer is de kans hem tegen te komen, klein. 'Dat doen mijn vader en een andere broer. Ik heb het bedrijf alleen maar gefinancierd.' Bij dezelfde G. Timmer, zijn vader, is Henk ook te boeken voor lezingen en clinics, via de website die hij samen met schaatsster en partner Marianne opzette, de andere helft van het gedeponeerde merk Timmer & Timmer. 'Het 'winners'duo', aldus de site, 'stelt haar kennis en kunde beschikbaar in de vorm van lezingen, clinics, dagvoorzitterschap voor bedrijven, overheid en non-profitinstellingen. De bevlogen topsporters, die midden in de maatschappij staan, vertellen hun boeiende verhaal als presentatieduo en indien gewenst individueel.'

Henk Timmer legt uit: 'Er wordt wel eens gevraagd of we wat willen vertellen. Dat hebben we wel eens gedaan, maar het gebeurt alleen als ik een paar dagen vrij heb. Die lezingen zijn meer voor je eigen ontwikkeling.' Het duo krijgt 'wel dertig of veertig aanvragen per week' om samen iets te doen. 'Een fotoshoot, iets openen of een interview. Dat kan dus echt niet.' En dan heeft hij zijn zangcarrière ('Hij heeft het geluid van Joe Cocker', aldus Henny Huisman) en zijn trainersloopbaan (hij heeft een diploma) maar even in de ijskast gezet. Over het opzetten van een eigen kledingmerk, genoemd naar het tweetal, wordt wel nagedacht.

Het leven van de 34-jarige keeper heeft al een paar maal een verrassende wending genomen. In de jaren negentig was hij hard op weg 'Mister FC Zwolle' te worden. Van 1989 tot en met 2000 stond hij daar in het doel, in de eerste divisie. In die tijd was het Henk de Bourgondiër of de Flierefluiter, zoals zijn toenmalige trainer Piet Schrijvers hem eens noemde. 'Dat beeld klopt ook wel. Ik keepte eigenlijk onder mijn niveau. Pas na de transfer naar AZ [in 2000] merkte ik dat er meer nodig was om je beter te maken. En toen ik bij Feyenoord kwam, dacht ik: ja, dit is wat ik wil, wat ik kan. Ik zag jongens als Van Hooijdonk en Bosvelt die elke dag aan zichzelf werken om beter te worden.'

Timmer gelooft niet dat hij sneller aan de top was gekomen als hij niet zo lang in Zwolle was blijven hangen. 'Ik ben een beetje een laatbloeier. Ik kon eerder naar Feyenoord, maar ik had in Zwolle voor vijf jaar getekend. Ik verdiende goed daar en had het erg naar mijn zin. Ik reed om half tien naar de club, paar uurtjes trainen en om half één weer naar huis. Zwolle was een veilige omgeving, eigenlijk was ik een beetje de man daar.'

Bij AZ belandde hij in 2000 op de bank, wachtend op het vertrek van Oscar Moens. Opmerkelijk genoeg werd hij vervolgens uitgeleend aan Feyenoord (2001/2002) en Ajax (2002/2003). Voor beide clubs kwam hij in de competitie tweemaal uit. Ook speelde hij Europees voor Ajax en Feyenoord. Vooral in Rotterdam leerde hij veel. 'Ik moest keihard trainen daar, onder Pim Doesburg. Daar ben ik echt omhooggeschoten. De eerste twee weken bij Feyenoord kwam ik 's avonds thuis en ging ik op de bank liggen. Ik dacht: dit trek ik niet. Maar je komt in een bepaald ritme, je wordt fitter.'

Bij terugkeer in Alkmaar, drie jaar geleden, zei Co Adriaanse: 'Jij bent mijn man', zegt Timmer. 'Na een paar weken zei hij: je kan het Nederlands elftal halen. Het blijft een vreemde carrière, dat klopt. Misschien past dat vreemde wel bij me.'

Juist omdat Timmer bij de echte top een kijkje in de keuken heeft gekregen, kan hij goed beoordelen waarom AZ nog geen echte top is. AZ speelt bij vlagen het mooiste voetbal, maar de laatste prijs dateert van 1996: de titel in de eerste divisie. 'Vergeet niet dat hier bij wijze van spreken de afgelopen 25 jaar vooral in de eerste divisie is gespeeld. Pas de laatste drie jaar worstelen we ons tussen de topclubs. AZ is nu een topclub aan het worden, maar een gat van dertig jaar overbrug je niet zomaar. Nu vindt iedereen het terecht een godswonder dat we met onze middelen al drie jaar bij de top vier zitten.'

Het kleine stadion, het gebrek aan geschiedenis en 'waarschijnlijk ook de kwaliteit van de spelers' zorgen ervoor dat AZ net te kort komt. 'We winnen thuis van Ajax en Feyenoord, we hebben hier Europees nooit verloren, maar over een langere periode, een heel seizoen, komen we net te kort voor de absolute top. Maar ik vind dat we het uitstekend doen. Internationale ervaring hadden we hier nooit, misschien een verdwaalde Marokkaanse international. Nu staan hier nog maar vier man op de training als er interlands worden gespeeld.'

Ondanks het gebrek aan prijzen zal het fraaie, aanvallende voetbal van AZ niet worden vergeten, denkt Timmer. 'Iedereen weet ook nog dat Oranje in 1974 het mooiste voetbal speelde, ook al wil ik ons daar niet mee vergelijken. Ik geloof niet dat we te mooi voetbal spelen. We spelen één op één achterin, dat hoort wel bij AZ. Maar je kan van ons niet verlangen dat we elk jaar kampioen worden. Kijk naar Feyenoord, een topclub. Maar wanneer zijn die voor het laatst kampioen geworden?'

Dat AZ de laatste jaren bovenin meedraait is volgens Timmer volledig te danken aan de naar Ajax vertrokken technisch directeur Martin van Geel en aan Toon Gerbrands, oud-bondscoach van de volleybalploeg en bij AZ algemeen directeur. 'Zij hebben ervoor gezorgd dat er structureel goede spelers worden binnengehaald. Er is een schaduwlijst voor als iemand wegvalt. AZ koopt niet meer een gozer die een keer uitblinkt als er al iemand voor die positie is: 'Nou ja, dan zetten we die wel op links.' Lukraak spelers halen is hier vroeger wel gebeurd. Er was zogenaamd poen, want Dirk [Scheringa] zat er achter.'

De belangrijke rol voor Van Geel verklaart ook de grote schok toen hij zijn vertrek naar Ajax aankondigde. 'Toon, Dirk en Martin vormden een driehoek. Samen bepaalden zij het beleid voor de komende jaren. Dan is het natuurlijk jammer als één van de drie naar de concurrent vertrekt.' Scheringa, eigenaar van DSB en financierder van AZ, was ziedend, maar bij de spelers zorgde Van Geels vertrek niet voor aversie richting Ajax. 'Bij de spelers leeft dat helemaal niet. AZ haalt spelers bij Willem II, Ajax bij AZ. Dat is een topclub, wij zijn een topclub in wording. Als Kenneth [Perez] naar Ajax gaat, heeft hij dat volkomen verdiend.'

Zorgen voor volgend jaar maakt Timmer zich niet, ook al is het vertrek van Perez en Van Galen (stopt) zeker. 'Marcel Brands [de nieuwe technisch directeur] is gekomen, Toon is er nog steeds. Ik hoop dat de mensen die bepalend zijn, blijven. Zoals Denny [Landzaat] en Joris [Mathijsen]. We hebben met Van Gaal iemand voor wie een speler graag hierheen komt. Er staat straks een nieuw stadion en je hebt een team dat goed voetbal speelt.'

Voor de aantrekkingskracht van de club is het ook van belang dat AZ erin slaagt de Champions League te halen. Dan moeten eerst de play-offs worden gewonnen. Wat Timmer betreft kan die nacompetitie achterwege blijven. 'Ik ben er niet voor. Het is toch vreemd dat je na een hele competitie twintig punten voor staat op de nummer vijf, die misschien alsnog de Champions League haalt. Omdat wij een paar blessures hebben en zij misschien allemaal topfit zijn. In mijn beleving verdien je dat dan niet op basis van het hele seizoen.'

Door die play-offs mag Timmer zijn gedachten nog niet te veel naar het WK laten gaan. 'Daarmee ben ik vooral bezig als ik bij het Nederlands elftal ben. Maar ik zou liegen als ik zeg dat ik er verder niet aan denk. Elk jochie droomt er toch van in het Nederlands elftal te spelen.'

Zijn uitverkiezing voor Oranje, het sterke spel van AZ en ook zijn relatie met schaatsster Marianne Timmer hebben van de keeper uit het Gelderse Hierden een bekende Nederlander gemaakt. Toen Timmer olympisch goud haalde in Turijn, mocht Timmer live op televisie zijn vriendin bellen. Met miljoenen meekijkers. En van Louis van Gaal mocht hij even naar Italië om haar gezelschap te houden. Grote foto's in kranten als De Telegraaf en Algemeen Dagblad waren het gevolg. 'Ik voel eerlijk gezegd niet meer druk door al die veranderingen. Marianne en ik zijn allebei vrij nuchter. Mensen maken soms een sprookjespaar van ons, maar we zijn heel gewoon. Wij eten gewoon thuis en doen zelf de afwas.'

Zelf de publiciteit opzoeken doet Timmer naar eigen zeggen niet. 'Maar je staat wel ineens in allerlei bladen. Na Mariannes gouden medaille was het een hype in Nederland dat wij samen waren, het was een gekkenhuis. Dat hadden wij helemaal niet in de gaten, voor ons was het gewoon relaxen. Het beeld ontstond dat wij de hele dag met de media bezig waren, maar dat was helemaal niet zo. Last heb ik er niet van, iedereen vindt het toch prachtig om het goed te doen?'

Hij heeft nog voor twee jaar een contract bij AZ. Dan is hij 36 jaar en gloort wellicht een zakelijke carrière, mede geholpen door de bekendheid die hij nu geniet. Los van het uitbaten van het handelsmerk Timmer & Timmer heeft ook Dirk Scheringa nog de nodige plannen met hem. 'Dirk wil mij in zijn bedrijf houden. Hij heeft een optie in mijn contract gezet dat hij de eerste keus heeft. Dat kan om een baan bij AZ gaan, maar ook om iets anders binnen DSB. Hij vindt dat ik bij de club pas, bij zijn filosofie en bedrijf. Als een soort boegbeeld.'