De boodschap is aangekomen, iedereen blij

Eensgezind verheugd is de reactie van de filmwereld op de kabinetssteun voor de artistieke film. Maar de ruzie tussen producenten, filmfonds en publieke omroep is niet bijgelegd.

Er komt meer geld, dus iedereen is blij. Dat is de simpelste samenvatting van de reacties op de zogeheten filmbrief van staatssecretaris Van der Laan (Cultuur, D66). Het belangrijkste nieuws in deze beleidsnota is immers dat het kabinet de komende drie jaar 7,5 miljoen euro extra uittrekt voor de bevordering van de artistieke film in Nederland.

Dus zegt Toine Berbers, directeur van het Nederlands Fonds voor de Film: 'Ik ben blij.' Dus zegt Carolien Croon, directeur van de Nederlandse Vereniging van Speelfilmproducenten (NVS): 'Ik ben erg blij.' En zegt Ineke Smits, als filmregisseur betrokken bij de Pressiegroep Auteursfilm: 'Ik ben heel erg blij.'

De gradaties van blijdschap komen aardig overeen met de rol die de verschillende organisaties en instanties in de filmbrief is toebedeeld. Volgens Smits heeft Van der Laan vrijwel alle wensen en suggesties van de Pressiegroep overgenomen. 'De boodschap is aangekomen, al zijn niet alle voorstellen nog even concreet.'

De strekking van de filmbrief behelst een koerswijziging en die wordt door de staatssecretaris zo verwoord: de filmsector en de overheid hebben zich de afgelopen jaren nogal blindgestaard op de economische potentie van de Nederlandse film. Dat is niet realistisch, schrijft zij, en daarbij is bovendien de inhoud van de film en vooral van de eigenzinnige artistieke film in het gedrang gekomen. Vandaar: versterking van de artistieke film, vandaar de 'heel erge' blijdschap van Smits.

Om die artistieke film eigenzinnig te houden, schrijft Van der Laan, moet de producent meer armslag krijgen en moeten financiers als de subsidiefondsen en de dramaturgen bij de publieke omroep niet op zijn stoel gaan zitten. De producent maakt de film, fonds en omroep financieren de producent.

Daarmee lijkt de staatssecretaris ook impliciet een oordeel te vellen in een conflict dat al een half jaar duurt. De NVS zegde in september het vertrouwen op in de leiding van het Filmfonds, omdat het fonds zich te inhoudelijk en te gedetailleerd met te subsidiëren projecten zou bemoeien. De zinsnede uit de brief: 'Om meer ruimte te bieden aan de ontwikkeling van producenten, zal de inmenging in projecten door het Nederlands Fonds voor de Film en de Publieke Omroep worden gereduceerd', lijkt op dit conflict van toepassing. Vandaar het 'heel blij' van NVS-directeur Croon en het 'blij' van Fonds-directeur Berbers.

Berbers is het op dit punt niet eens met de staatssecretaris, net zo min als Lennart van der Meulen dat is, de net-coördinator van Nederland 3. Ze ontkennen dat hun organisaties zich te opdringerig met het werk van de producenten bemoeien. 'Wij hebben ons nooit met de casting van films bemoeid zoals je wel in de sector hoort', zegt Berbers, 'en sparren over scenario's gaat louter op vrijwillige basis.' Van der Meulen zegt dat als dezelfde staatssecretaris van de publieke omroep verlangt dat die zich duidelijk profileert, ze niet tegelijkertijd kan bedoelen dat de omroep slechts een venster mag zijn voor de filmindustrie, zonder kritisch projecten te beoordelen. 'Wij zíjn niet alleen financier.'

Aangezien de staatssecretaris desgevraagd toegeeft dat zij niet meer kan doen dan Fonds en publieke omroep vragen of zij hun bemoeienis willen beperken, zal met de filmbrief de discussie voorlopig nog niet zijn afgesloten.