Remkes: betaalwijze SP'ers ongewenst

Minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) vindt het 'ongewenst' dat overheden de vergoedingen van SP-politici rechtstreeks in de partijkas storten. Hij laat nagaan of de regeling moet worden veranderd, die zulke directe betalingen mogelijk maakt.

Volgens een woordvoerder van Remkes is de minister het eens met Staal (D66), commissaris van de koningin in Utrecht, die 'omwille van de zuiverheid' al sinds november vorig jaar weigert de vergoedingen van de drie SP-Statenleden over te maken naar een rekening van het partijbestuur. De Statenleden weigeren op hun beurt de vergoeding op hun privé-rekening te ontvangen.

Bij de SP is het regel dat geld voor politiek werk naar de partij gaat. De provincie bewaart het geld voor de drie SP'ers nu op een eigen rekening waar het blijft staan totdat er een oplossing is. Staal ontdekte pas vorig najaar dat de SP-Statenleden hun vergoeding niet zelf krijgen. Volgens hem was sprake van een 'onwenselijke betalingsrelatie' tussen provincie en SP. De overeenkomst hiertoe tussen statengriffier, Statenleden en de SP - een 'akte van cessie' - werd ongedaan gemaakt.

Staal vroeg minister Remkes een 'principiële uitspraak' over de betalingskwestie. Op 17 januari dit jaar schreef Remkes aan Staal: 'Uw opvatting om de financiële relatie tussen provincie en volksvertegenwoordigers zuiver te doen zijn, kan ik volgen en ik onderschrijf dan ook uw voornemen om betalingen rechtstreeks aan de Statenleden te verrichten.'

Volgens Marga van Broekhoven, penningmeester van het SP-partijbestuur, is Utrecht de enige provincie die een probleem maakt van de directe overdracht van de vergoedingen.

Alle SP-politici (in de Kamer, Provinciale Staten en gemeenteraad) staan het geld voor hun politieke werk af aan de partij, in ruil voor een onkostenvergoeding. Kamers, provincies en gemeenten storten het geld in de partijkas. De SP-politici doen zelf belastingaangifte op basis van het jaaroverzicht van hun inkomen. Het partijbestuur houdt de administratie van de aangiftes bij waardoor de politici niet meer of minder overhouden dan het bedrag dat ze nodig hebben voor hun onkosten. Volgens de SP en het Inter Provinciaal Overleg, de koepelorganisatie van de provincies, wordt de fiscus door deze constructie niet benadeeld.