AIVD'er is loyaal, integer en discreet

De AIVD breidt uit en neemt per maand ongeveer twintig nieuwe mensen aan. Het kost de inlichtingendienst veel tijd om die allemaal te screenen.

Hij oogt zo tussen de 28 en 35 jaar. Zijn haar zit keurig in de gel. Niet te veel, niet te weinig. Zijn roze dasknoop is niet te groot, niet te klein. Zijn bril is onopvallend maar bij de tijd. De handdruk is stevig maar niet té, de glimlach voorkomend maar non-descript. Zijn horloge ziet er niet uit alsof het afluister- of zendapparatuur bevat. Kortom, had je hem met een laptoptas in de trein zien zitten, dan was je hem onmiddellijk weer vergeten.

Zijn naam is ook niet bijzonder: hij heet Peter. Zegt hij. En zegt de voorlichter. Zo noemen we hem voor het gemak dus maar. We kunnen dat niet verifiëren. Want alles wat hem en zijn functie aangaat, is staatsgeheim. “Peter' (31) werkt sinds ruim een jaar bij de Directie Strategie en Juridische zaken van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD).

Voordat hij bij de AIVD solliciteerde, was Peter vijf jaar lang juridisch beleidsmedewerker op een ministerie. Peter: “De AIVD en zijn werkveld interesseerden me al langer. Ik had altijd al een brede belangstelling voor maatschappelijke ontwikkelingen in binnen- én buitenland. Toen er een geschikte functie vrijkwam, heb ik meteen gesolliciteerd. In mijn vorige functie gaf ik alleen advies. Hier begeleid ik ook mensen en stuur ik ze aan.“

Dat was niet het enige verschil met zijn vorige functie. Daar kon hij vrijuit over praten op verjaardagsfeestjes, over zijn huidige werkkring dient hij zijn mond te houden. Peter: “Ik ging te rade bij collega's: hoe deed jij dat? Het bleek een erkend probleem. Dus zeg je tegen collega's die je uitnodigt: er komen mensen die niet weten waar ik werk, dus pas op. Tegen die mensen heet het: ik ben beleidsmedewerker bij een ministerie. Gelukkig bleek dat voor de meesten een tweede natuur te zijn.“

Na de aanslagen in New York en Madrid moest er haast gemaakt worden met de uitbreiding van de slagkracht van de AIVD. Daartoe stelde het kabinet in 2004 46,5 miljoen euro beschikbaar. Om het streven van minister Remkes om de AIVD te laten groeien tot 1.500 werknemers in 2009 te halen, moet de dienst twintig nieuwe mensen per maand werven.

Voor “normale' organisaties wellicht een eitje, voor de AIVD is dat een enorme inspanning. “Het beeld - ze hebben geld gekregen, morgen is er een x-aantal nieuwe mensen, overmorgen is heel Nederland veilig - klopt niet erg“, zegt het hoofd personeelszaken van de AIVD, die niet met zijn naam in de krant wil. “We hebben veel tijd nodig om mensen te screenen en in te werken.“ De faux pas met de tolk Outman ben A., die stukken doorspeelde aan leden van de Hofstadgroep, ligt nog vers in het geheugen.

Op open sollicitaties zit de dienst niet te wachten. “We hebben liever dat mensen gericht solliciteren. Voor een functie als aspirant-inlichtingenofficier krijgen we zo'n 800 tot 1.200 reacties. Mensen denken dat het heel spannend is om hier te werken.“

Uit die hoeveelheid brieven worden zo'n honderd gegadigden geselecteerd, die worden uitgenodigd voor een IQ-test. Wie daarvoor slaagt, krijgt voorlichting van AIVD-medewerkers over de aard van het werk. “Een scheidingsmoment voor James Bond-hobbyisten.“

De volhouders worden onderworpen aan achtereenvolgens een capaciteitentest, gesprekken met een teamhoofd en toekomstige collega's en aan een “competentiecheck': een psychologisch onderzoek om te zien of je geschikt bent voor de functie. Dat laatste onderzoek wordt uitbesteed; aan wie is geheim.

De succesvolle sollicitant die wordt uitgenodigd voor een arbeidsvoorwaardengesprek is inmiddels vier maanden verder. Pas als er overeenstemming is over een gewenst dienstverband, wordt er een veiligheidsonderzoek ingesteld, dat nog eens drie maanden kan duren.

Bij het veiligheidsonderzoek gaat de dienst met toestemming van de sollicitant op zoek naar mogelijk compromitterende omstandigheden die hem bij het vervullen van zijn functie kwetsbaar of zelfs chantabel zouden kunnen maken. De antecedenten van juridisch medewerker Peter waren relatief makkelijk te achterhalen.

Anders is het bij die sollicitanten waar de dienst nu juist zo naarstig naar op zoek is: mensen die een niet-westerse taal, Arabisch of Aziatisch, als tweede taal hebben. Het hoofd personeelszaken: “Bij hen is het probleem niet zozeer dat ze buiten Nederland zijn geboren, maar dat het verdomd moeilijk is om vertrouwelijk onderzoek te doen. Zoiets besteed je nu eenmaal niet uit aan, zeg, de Syrische geheime dienst. Onze onderzoeker vindt vaak geen, of onbetrouwbare informatie.“

Het wordt ook al lastig als je bijvoorbeeld Koerdisch bent, zegt Edwin Bakker van Instituut Clingendael. “De kans dat je binnen familie- of vriendenkring in een paar stappen bij een PKK-aanhanger komt, is aanzienlijk. Dat maakt de groep mensen die voor een functie als Audiomedewerker [vertaler, red.] in aanmerking komen, een stuk kleiner. Dat is een enorme uitdaging voor de organisatie.“

Maar wie eenmaal bij de AIVD werkt, blijft er vaak een leven lang. Bakker: “De geheimhouding maakt het wél een heel speciaal wereldje. Daar stap je in. De AIVD is, net als Buitenlandse Zaken, een carrièreorganisatie: je komt binnen, en daarbinnen maak je carrière. Vooraf moet je je afvragen of dat is wat je wil.“