Werkelijke fundamenten van onze maatschappij

Onze huidige maatschappij is weliswaar geheel doortrokken van een joods-christelijke-humanistische grondslag, maar berust er, staats- en bestuursrechtelijk, ten principale niet op, zoals Kamerlid Wilders wel blijkt te denken.

Deze grondslag is daarentegen uiteindelijk te vinden in het Verlichtingsideaal, zoals dat kort en bondig is samengevat in het motto van de Franse Revolutie: Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap. Dit Verlichtingsideaal nam overigens voor de staatsrechtelijke ordening van de maatschappij uitdrukkelijk afstand van godsdienstige overtuigingen, en precies daar ligt de denkfout van Wilders.

Op één punt heeft hij de klok wel horen luiden, nl. dat de gelijkheid, vrijheid en broederschap fungeren als een soort `metawaarden`, dat wil zeggen dat de uitoefening van bijvoorbeeld het vrijheidsrecht niet zó ver mag gaan dat het beginsel van de vrijheid zelf daardoor wordt aangetast. Zo ook het gelijkheidsbeginsel.

Juist om die redenen vindt men in de Grondwet op veel plaatsen voorbehouden als: ”behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet” (bijvoorbeeld art. 6).

Niet alleen vergist Wilders zich dus in de werkelijke fundamenten van onze maatschappij, maar ook is hem ontgaan dat deze waarden allang fundamenteel worden beschermd tegen aantasting door misbruik van die waarden zelf, waaronder het gelijkheidsbeginsel. Nogal deerniswekkend voor iemand die meent te moeten opkomen voor ”de waarden van onze maatschappij”.