Twee Vlaamse schrijvers met kans op Libris

Twee Vlaamse romans, De engelenmaker van Stefan Brijs en De ontelbaren van Elvis Peeters, staan op de shortlist van de Libris Prijs. Tommy Wieringa, K. Schippers en Jan Siebelink zijn eveneens genomineerd.

In het juryrapport van de Libris Literatuur Prijs, dat gisteren openbaar werd gemaakt in de Nieuwe Kerk, worden speciaal de jonge Vlaamse auteurs geprezen die “relatief vaker de uitdaging aangaan van [een] literair avontuur.“ Juryvoorzitter Guusje ter Horst constateerde dat het “zeker is dat de Vlaamse schrijvers in onze selectie opvallend vaak een geslaagde combinatie van hoge ernst, thematische stoutmoedigheid en een behendige stijl vertoonden.“

Behalve de Vlamingen Brijs en Peeters (die De ontelbaren schreef in samenwerking met zijn partner Nicole van Bael) en de verwachte nominés Wieringa (Joe Speedboat) en Siebelink (Knielen op een bed violen) werden ook P.C Hooftprijswinnaar K. Schippers (Waar was je nou) en romandebutant Michael Frijda (Ritselingen) gekozen uit de 18 boeken op de longlist. Als je Peeters' partner niet meerekent, staan er geen vrouwen op de shortlist. Dat is voor de derde keer in de geschiedenis en voor het eerst sinds 1999, toen Harry Mulisch de prijs won voor De procedure.

Drie Vlamingen haalden overigens de laatste selectie niet: Jan van Loy (Alfa Amerika), Tom Naegels (Los) en Peter Verhelst (Zwerm). Andere opvallende afvallers zijn Kader Abdolah, Bernlef, Anna Enquist, Nelleke Noordervliet en Maria Stahlie. Ultramarijn van Henk van Woerden, dat afgelopen zaterdag werd bekroond met de Gouden Uil, mocht niet meedingen naar de Librisprijs wegens het overlijden van de auteur. Voor de Gouden Uil waren ook Wieringa en Brijs genomineerd.

Het is dit jaar voor de twintigste keer dat de Librisprijs (tot 1993 verwarrend genoeg gesponsord door de AKO) wordt uitgereikt. Vorig jaar ging het bedrag van 50.000 euro naar Willem Jan Otten, voor zijn roman Specht en zoon.. In de jury zitten, naast de burgemeester van Nijmegen Guusje ter Horst, schrijver Hans Maarten van den Brink, de Gentse literatuurprofessor Bart Keunen en de critici Daniëlle Serdijn (Het Parool) en Wim Vogel (Haarlems Dagblad). Er dongen 157 prozafictieboeken mee, alle verschenen in 2005.