Nu komen de Fransen ook al

Eerst nam Dubai havens over, nu een Frans bedrijf communicatienetwerken.

De Verenigde Staten voelen zich bedreigd en bereiden protectionistische acties voor.

Welke vragen willen analisten beantwoord hebben over de overname van de Amerikaanse leverancier van communicatieapparatuur Lucent door de Franse concurrent Alcatel? Ten eerste: hoe het is gesteld met het Engels van de 56.000 Franse werknemers? Ten tweede: kan het fusiebedrijf de groeiende Chinese concurrentie aan? En, het belangrijkste: gaan Amerikaanse politici eigenlijk wel akkoord met de miljardendeal?

Dit zijn de tijden van het opvlammende economisch patriottisme en nationalisme. In Europa en in de VS. Nadat de producenten van telecomapparatuur eind vorige week hadden bevestigd over een transatlantische overeenkomst ter waarde van 13,6 miljard dollar (11 miljard euro) te onderhandelen, rezen er direct zorgen over gevaren voor de Amerikaanse nationale veiligheid.

Lucents onderzoeksdivisie, Bell Labs, ontwikkelt niet alleen technologie waarmee de mobiele beller naar alarmnummer 911 snel gevonden kan worden, de divisie met 9.000 werknemers werkt ook in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Veiligheid en van Amerikaanse inlichtingendiensten. Is het wel verstandig als de Fransen de beschikking over deze gevoelige informatie krijgen?

Er komt diepgravend onderzoek naar deze kwestie en dus naar de overname, daar twijfelen veiligheidsexperts niet aan. Het zou ook niet verbazen, in deze tijd van telkens terugkerend rumoer over Amerikaanse bedrijfsgeheimen in buitenlandse handen.

Gebruikelijk is dat dit onderzoek wordt uitgevoerd door de overheidscommissie voor buitenlandse investeringen in de Verenigde Staten. Hoe meer weerstand er tegen buitenlandse investeringen is, hoe belangrijker de rol van deze commissie.

Amerikaanse senatoren willen strengere regels en meer inzicht in de bevindingen van de commissie. Dat kan ertoe leiden dat buitenlandse investeerders afkerig worden van de VS, waarschuwen lobbygroepen en zakenbanken zoals Goldman Sachs en JP Morgan, die aan overnames verdienen. Zij bestoken dan ook de invloedrijke Republikeinse senator Richard Shelby, die het Congres een veto wil geven over elke buitenlandse investering in de VS.

De lijst met ondernemingen die last ondervinden van de protectionistische wind groeit. Die wind komt uit het Congres, waarvoor in november verkiezingen zijn. Vorige maand maakte havenbedrijf Dubai Ports World, eigendom van de Verenigde Arabische Emiraten, rechtsomkeert na de opwinding in het Congres over de aankoop van zes Amerikaanse haventerminals. De politici waren bang dat moslimterroristen containers met nucleaire wapens eenvoudig in de VS aan land zouden kunnen brengen. Dubai verkoopt de terminals nu door aan een Amerikaans bedrijf.

Daar bleef het niet bij. Dubai International Capital wil het Britse Doncasters overnemen, dat in de Amerikaanse staat Georgia onderdelen voor de Joint Strike Fighter maakt. Het bedrijf uit de Emiraten stelt zijn overname nu met twee maanden uit.

De Amerikaanse angst voor pottenkijkers betreft niet alleen Arabische landen. Zo loopt er een onderzoek naar de overnameplannen van een Israëlische dochter van softwareproducent Sourcefire, die regelmatig zaken met het Pentagon doet.

Ook China is verdacht. Twee senatoren die de Amerikaanse economie willen afschermen van in hun ogen oneerlijke Chinese concurrentie, de Republikein Lindsay Graham en de Democraat Charles Schumer, waren vorige week in Peking. Zij willen dat China zijn munt fors revalueert om de Chinese export duurder en de Amerikaanse import goedkoper te maken en daarmee het Amerikaanse handelstekort met China te verkleinen. Het dreigement van de twee senatoren aan de machthebbers in Peking is even eenvoudig als protectionistisch: blijft de yuan zo goedkoop, dan volgt een Amerikaanse strafheffing van 27,5 procent op alle import uit China. Dat is, zo denken beide politici, een krachtig middel om de Amerikaanse economie te beschermen tegen negatieve buitenlandse invloeden.

Uitgerekend de landen die hun eigen economie het meest willen afschermen, Amerika en Frankrijk, doen zelf rustig elders overnames of gaan fusies aan. Het Amerikaanse Lucent en het Franse Alcatel zijn het jongste voorbeeld. Ze moeten wel, want ze voelen de hete adem in de nek van hun nieuwe hightech-concurrenten, zoals Huawei en ZTE. En die komen uit China.