De WAO uit

Herfst 2004 begonnen de medische herkeuringen. Snel gaat het niet. Al slinkt eindelijk de massa arbeidsongeschikten. Weer aan de slag komen is een tweede. Het vergt een beetje eigen initiatief.

Ze was “superkwaad“. Nu is Nicole Lodewijks (36) “superenthousiast“. Eind deze maand opent zij een eettentje, “Fonzie's', gemodelleerd naar een Amerikaanse diner. Vorig jaar werd ze, na zestien jaar in de WAO, bij de herkeuring volledig genezen verklaard. Maar dat de keuringsarts vond dat ze fulltime aan het werk kon gaan, daar begreep Lodewijks eerst niets van. Toen ze twee jaar geleden naar een reïntegratiebedrijf ging - voor ondersteuning om weer aan het werk te gaan - werd ze nog naar huis gestuurd. “Ze zeiden: het heeft geen zin. Met u is zoveel mis, u kunt helemaal niets.“

“Werk boven uitkering' is tegenwoordig het adagium voor alle sociale werknemersverzekeringen. Veertig jaar geleden betekende de WAO: eenmaal afgekeurd en arbeidsongeschikt, dan tot je 65ste 80 procent van je laatstverdiende loon. Al snel bleek de regeling te aantrekkelijk. Honderdduizenden mensen stroomden de WAO in. De wet werd door werkgevers en vakbonden gebruikt om van overtollige werknemers af te komen. “Nederland is ziek“, zei premier Lubbers in 1990. In 1993 naderde het aantal WAO'ers de kritieke grens van één miljoen.

Lodewijks heeft door een whiplash door een auto-ongeluk vaak pijn aan armen en schouders, ze heeft concentratieproblemen en een slecht kortetermijngeheugen. Ze kan niet lang staan of lopen door artrose in haar heup en stuitbeen. Na de woede begon Lodewijks te geloven dat ze misschien toch weer wat kon gaan doen. “Ik wilde mezelf bewijzen.“ Als ze het nu niet probeerde, zou ze zich altijd blijven afvragen of ze het wel of niet had gekund. Ze wil in de keuken van haar diner een bureaustoel met wieltjes plaatsen. Dan kan ze zittend hamburgers bakken.

In stappen werd de WAO qua duur, hoogte en toegang versoberd. Sinds enige jaren is reïntegratie (in het arbeidsproces) het sleutelwoord. Herfst 2004 begon de medische herkeuring - van alle WAO'ers die na 1 juli 1954 zijn geboren: 340.000 mensen van de (stand 2004) in totaal 964.000 arbeidsongeschikten. Het gaat niet snel: een jaar later zijn 85.000 herkeuringen uitgevoerd. Van bijna de helft van deze WAO'ers luidt inmiddels de diagnose dat ze weer aan de slag kunnen. Maar nog geen 5 procent van hen lukt het ook om een baan te vinden.

Catherine van Kempen (48), oud-lerares, vond een baan. Zij kwam destijds in de WAO terecht wegens psychische problemen, burn-out. Maar dat was het eigenlijk niet, vertelt ze. “Ik had verdriet.“ Haar man overleed plotseling en ze bleef met hun dochtertje van zeven alleen achter. Vijf maanden later had ze borstkanker. Met zo'n veertig bestralingen werd de ziekte overwonnen, maar een onvoltooid rouwproces wachtte nog. Ze ging niet weer aan het werk. De school in Utrecht, waar ze negentien jaar Frans en Nederlands had gegeven en decaan was geweest, moest haar ontslaan. Na vier jaar had ze er genoeg van. In de WAO heb je geen mensen om je heen, kun je geen steentje bijdragen, zegt ze. “Ik wilde niet wéér een winter in zonder werk.“ Op kosten van het UWV ging ze naar een loopbaanpsycholoog. “Gooi me er maar uit“, zei ze bij haar herkeuring. Via een oud-collega kon ze, als stage, drie dagen in de week stages gaan organiseren voor leerlingen op een mbo. “Ik sta weer midden in het leven en kan echt wat bijdragen.“ Van Kempens stage wordt gauw een baan.

Wat gebeurt er met degenen die geen baan vinden - de overgrote meerderheid van de genezen verklaarden? De uitkeringsinstantie UWV zegt dit niet bij te houden. Waarschijnlijk komen ze dus in de bijstand terecht, kunnen ze van het inkomen van hun partner leven of vinden ze een andere manier van bestaan. De keuringen helpen tot nu toe de massa WAO'ers wat kleiner te maken. Sinds 2005 is het aantal arbeidsongeschikten met ruim 6 procent gedaald.

Ook Martijn Dammen (34) begon zijn eigen bedrijf, een initiatief dat door de overheid wordt aangemoedigd (zie “Als eigen baas de WAO uit'). Sinds een paar maanden geeft hij gitaarles, intussen aan zo'n 35 leerlingen per week. “Ik heb al een wachtlijst“, zegt hij. Bijna twee jaar zat hij voor 40 procent in de WAO. De samenloop van burn-out en het overlijden van zijn moeder en zijn vriendin kort na elkaar, maakte dat hij in 2003 depressief werd. Hij kon “alleen nog maar duf op de bank zitten“. Met behulp van een psychiater herstelde hij. Aan een arbeidsdeskundige presenteerde Dammen daarop zijn plan om gitaarlessen te gaan geven. Die verwees hem door naar een reïntegratiebedrijf voor beginnende ondernemers. In oktober 2004 belde hij het UWV om te vragen of zijn WAO stopgezet kon worden. Hij kreeg als antwoord dat hij moest wachten op zijn herkeuring. Nu is hij dan toch uit de WAO en kunnen zijn leerlingen verder komen dankzij hem, zegt hij. “Als je in de WAO zit heb je het gevoel dat je volkomen improductief bent.“

Zij kon het niet geloven. “Het UWV belt mij!“ roept Catherine van Kempen uit. Ze is nog steeds verbaasd dat het UWV met haar contact opnam ten behoeve van dit artikel. Toen ze nog in de WAO zat belde het UWV haar nooit. “Het initiatief is altijd van mij uitgegaan.“ Ook Lodewijks en Dammen zeggen nooit door het UWV gebeld te zijn. Ze moesten destijds zelf maar zien hoe ze de WAO uit kwamen. Een woordvoerder van het ministerie van Sociale Zaken zegt desgevraagd: “Het is de bedoeling dat het UWV de uitkeringsgerechtigde een reïntegratievoorstel doet. De reïntegratie is de gedeelde verantwoordelijkheid van UWV, cliënt en reïntegratiebedrijf. Iemand die volledig arbeidsongeschikt is kan niet reïntegreren.“ Er bestaan geen wettelijke termijnen waarbinnen het UWV een reïntegratievoorstel moet doen.

Nicole Lodewijks leidt de bezoeker rond in haar diner, die eind deze maand zal opengaan. De afgelopen maanden heeft ze de benodigde diploma's gehaald. Het ondernemerschap kreeg ze van huis uit mee. “Alles is in Amerikaanse stijl. Ik vind dat zo leuk. Op die tv gaan we de hele dag oude afleveringen van Happy Days laten zien. En Grease natuurlijk.“ Op de kaart staan megaburgers. Op de muur een schildering van Happy Days' Fonzie Fonzarella, aan wie de zaak zijn naam ontleent. In de voorbereidingen zijn haar lichamelijke klachten toegenomen. “Maar daar stap ik door mijn enthousiasme iets makkelijker over heen dan eerst.“

Om redenen van privacy is de naam van Martijn Dammen niet zijn echte naam.