Kamer en minister boos over lekken

Minister Kamp en de Kamer zijn boos over het uitlekken van informatie uit vertrouwelijke briefings. De Kamerleden stellen wel eisen aan deze briefings.

'Ik wil niet verhullen dat dit mij heeft teleurgesteld', schrijft minister Kamp (Defensie) aan de Tweede Kamer, naar aanleiding van het uitlekken van vertrouwelijke informatie uit een door de minister gegeven, besloten briefing van 15 maart. Het gaat de minister met name om een bericht in de Volkskrant van 16 maart, waarin Kamp in de vertrouwelijke zitting had laten weten dat een deel van de zogeheten 'special forces' die in Zuid-Afghanistan aan Operation Enduring Freedom hebben deelgenomen, in de regio blijft om te helpen bij de opbouw van de Nederlandse missie in Uruzgan. Dit was overigens een bericht dat al maanden geleden in De Telegraafhad gestaan.

VVD-Defensiewoordvoerder Van Baalen deelt de teleurstelling van de minister. 'Ik ben zelfs roodgloeiend kwaad, dat er kennelijk collega-Kamerleden zijn die uit vertrouwelijke briefings doorvertellen'. Dit incident, zegt hij, stijft hem in zijn overtuiging dat er minder dan thans door de minister vertrouwelijke briefings moeten worden gegeven. 'Je kunt als Kamerlid toch niets met vertrouwelijke informatie, terwijl je er wel door medeverantwoordelijk wordt gemaakt voor allerlei dingen. Ik zou zeggen: in het openbaar of niet'.

Karimi (GroenLinks) is het daarmee eens: 'Van mij hoeven ze niet, die vertrouwelijke briefings'. Naar aanleiding van het feit dat Kamp vorige week in de Kamer détails openbaar maakte over incidenten rond de 'special forces' die hij eerder in een vertrouwelijke briefing (die over iets heel anders ging) had meegedeeld, heeft zij de minister nu schriftelijk verzocht om het verslag van die vertrouwelijke briefings openbaar te maken. 'Kamp deed dat toen bij verrassing', herinnert Karimi zich. 'Maar omdat het in de vertrouwelijkheid gebeurde, kon ik alleen maar in het openbaar spreken over het ene incident waarover Defensie wel iets in de openbaarheid had gezegd'.

Het probleem is, meent Bakker (D66), dat de regering niet altijd helder is in de overwegingen die ertoe leiden iets vertrouwelijk te houden. 'Ik denk niet dat de vertrouwelijkheid op zich het probleem is', meent Bakker. 'Ik zou zeggen: zoveel mogelijk openbaar en als het echt niet anders kan dan maar vertrouwelijk'.

Maar dan moet de doelstelling - het waken voor de veiligheid van Nederlandse militairen bijvoorbeeld - wél aantoonbaar zijn, meent Bakker: 'Met het inzicht geven in die overwegingen is de regering te terughoudend. En soms ontstaat de indruk dat men liever heeft dat zaken politiek onbekend blijven. Een voorbeeld hiervan vormen de overwegingen die het kabinet Balkenende I er indertijd toe brachten om politieke steun te geven aan de inval in Irak. Daar is de vertrouwelijkheid natuurlijk niet voor bedoeld'.

Kamerlid Koenders (PvdA) vindt net als Bakker dat er geen eind hoeft te komen aan vertrouwelijke briefings. Wel wil de PvdA dat er een 'protocol' komt over welke zaken vertrouwelijk aan de Kamer worden meegedeeld, en daarmee aan het publieke debat onttrokken, en welke niet. Koenders: 'Wat er met gevangenen gebeurt bij Nederlandse acties - dat moet, vind ik, gewoon gemeld worden. Natuurlijk kan vertrouwelijkheid geboden zijn om de veiligheid van de troepen te beschermen - maar het mag niet dienen om je achter te verschuilen'.

Alle genoemde Kamerleden veroordelen overigens het lekken uit de vertrouwelijke briefings. In zijn brief spreekt minister Kamp de hoop uit dat deze vertrouwelijke briefings 'mogelijk blijven'.