Schenken zonder zorgen

Het certificeren van vermogen is een aantrekkelijke mogelijkheid voor de bedrijfseigenaar om vermogen te schenken zonder de touwtjes uit handen te geven.Ook de vermogende particulier ontdekt de voordelen.

U wilt een deel van uw vermogen voor het overlijden overdragen aan de kinderen, maar twijfelt nog. Fiscaal bekeken is het in een vroeg stadium schenken van een mooie beleggingsportefeuille, uw kunstcollectie of uw woning aan uw kinderen erg aantrekkelijk. Door over een langere periode kleine bedragen te schenken kan een flink bedrag aan successierecht worden bespaard. De wetenschap dat u tegelijkertijd ook de zeggenschap over deze zaken uit handen geeft, stuit u echter tegen de borst. Het idee dat uw kinderen uw kunstcollectie snel te gelde maken, houdt u 's nachts wakker. Het certificeren van vermogen kan dan uitkomst bieden.

Deze methode wordt van oorsprong door (familie)bedrijven gebruikt om de continuïteit van een onderneming te garanderen. Bijvoorbeeld in geval de aandelen van het bedrijf over veel familieleden zijn verspreid. Bij certificering worden de aandelen opgenomen in een voor dit doel opgerichte Stichting Administratiekantoor. De bestuurder van de Stichting - meestal de directeur-grootaandeelhouder, de inbrenger van het vermogen - bepaalt het beleid en de voorwaarden. Bijvoorbeeld over de dividenduitkeringen en de regels bij opvolging. De aandelen van de aandeelhouders in de familie worden omgezet in certificaten die de waarde van de aandelen vertegenwoordigen. De certificaathouders krijgen dividend en profiteren van een papieren waardestijging, maar hebben geen zeggenschap over de bedrijfsvoering. Op deze manier ontstaat een scheiding tussen de juridische eigendom (de zeggenschap) en het economisch belang (onder andere het recht op dividend).

Dezelfde constructie kan ook interessant zijn als u vermogen wilt wegschenken waarvan u eigenlijk nog geen afstand wilt doen. Denk aan uw beleggingsportefeuille, kunst of het familiehuis.

Fiscalist Hendrik Beverloo van de Fiscount Adviesgroep ziet dat het certificeren van vermogen steeds vaker wordt gebruikt om op een beheersbare manier te schenken. Beverloo: 'Bijvoorbeeld als iemand een omvangrijke effectenportefeuille heeft en deze in delen wil schenken aan de kinderen, maar wel zelf de portefeuille wilt blijven beheren.'

Door de portefeuille onder te brengen in een stichting voorkom je volgens de fiscalist dat de kinderen een deel van de aandelen verkopen om er een Ferrari mee te kopen. 'De kinderen krijgen de certificaten en profiteren op termijn van de waardestijging van de portefeuille, maar kunnen geen veranderingen aanbrengen zonder dat de bestuurder van de stichting - meestal hun vader - daar toestemming voor geeft', zegt Beverloo.

De zeggenschap van het vermogen ligt bij de stichting en deze bepaalt hoe het vermogen wordt beheerd. In de statuten van de stichting kan de bestuurder bovendien vastleggen wat er met het stichtingsbestuur na zijn overlijden moet gebeuren.

Het aantrekkelijke van de certificaten is dat ze makkelijk te schenken zijn. Het fiscale voordeel zit hem in het schenken in kleine porties. Het tarief van het schenkingsrecht is gelijk aan het successierecht, maar door het gestaag schenken van kleine hoeveelheden certificaten kan de schenker optimaal gebruikmaken van de vrijstellingen. De jaarlijkse schenkingsvrijstelling per kind is 4.342 euro. Ook is er een eenmalige vrijstelling van 21.700 euro per kind tussen de 18 en 35 jaar (tarieven 2006). Zo kan een forse besparing worden behaald ten opzichte van het vererven van het bezit in één keer.

De certificaten vallen bij de verkrijger in Box 3, de waarde ervan wordt jaarlijks belast met 1,2 procent vermogensrendementsheffing. Voordeel voor de gever is dat door de schenking het bezit bij hem verdwijnt uit box 3 en dus niet meer meetelt voor de vermogensrendementsheffing. Bij de kinderen valt het vaak in het heffingsvrije vermogen.

Het is verstandig allereerst met een adviseur te overleggen over de voor- en nadelen van certificering. Niet in de laatste plaats omdat het oprichten van een stichting kosten met zich meebrengt. Beverloo: 'Reken op minimaal 1.500 euro voor onder andere het opstellen van de akte door een notaris en de advieskosten.'

Beverloo legt uit dat het certificeren mede door de kosten vooral aantrekkelijk is voor vermogens boven de 500.000 euro. Hij ziet in zijn praktijk een steeds grotere belangstelling voor certificering. 'Grote vermogens van de naoorlogse generatie gaan vererven en er wordt gezocht naar mogelijkheden om de successieheffing te beperken.'

Certificering is voor verschillende vermogensbestanddelen aantrekkelijk, denk daarbij aan het verdelen van een kunstcollectie (zie 'Certificeren van kunst heeft vaak andere reden dan belastingbesparing') of een tweede huis. In dat laatste geval kan door het bezit te certificeren geen van de familieleden het huis verkopen en kunnen er gemakkelijk afspraken over bijvoorbeeld onderhoud worden vastgelegd. Dat is de theorie. Beverloo legt uit dat in de praktijk de certificering van een tweede huis vaak strandt op emotionele motieven. 'Mensen zijn huiverig om het huis in de stichting onder te brengen. Het staat dan niet meer op hun naam, maar op naam van de stichting terwijl ze er nog wel verblijven.'

Bij de fiscale behandeling speelt de aard van het vermogen een rol. Dit maakt dat de fiscale afwikkeling van vastgoed lastiger is dan die van bijvoorbeeld een effectenportefeuille. 'Wie onroerend goed onderbrengt in de stichting, krijgt net als ieder ander te maken met overdrachtsbelasting', legt Beverloo uit. 'De stichting betaalt 6 procent overdrachtsbelasting over de waarde van het huis. Dat maakt het certificeren van een huis minder aantrekkelijk, hoewel bij nieuw aan te kopen onroerend goed nog wel oplossingen denkbaar zijn.'

Beverloo geeft aan dat certificering daarom de nodige zorgvuldigheid vraagt. Maar het kan zeker een oplossing bieden voor verschillende problemen die ontstaan bij recht-toe-recht-aan schenkingen.